Irak voelt de lange arm van Teheran

Iraanse auto's, vrouwen bedekt onder een Iraanse chador, Iraanse vruchten op de markt, posters van sjiitische heiligen - Iran is overal aanwezig in het hedendaagse Irak. Hoe ver gaat die invloed? Is Irak op weg een tweede islamitische republiek te worden?

'De Iraanse invloed in Irak is als elektriciteit; je weet dat het er is maar je ziet het niet.' Politicoloog Abdoeljabbar Ahmad Abdoellah glimlacht zelf om zijn vergelijking. Die auto's van Iraanse makelij die het straatbeeld in Bagdad beheersen - de gele Saba-taxi's, de Peymans, de in Iran samengestelde Renaults en Peugeots - daar zit het volgens hem niet in. "Irak is het speelveld geworden in de strijd tussen Iran en de Amerikanen."

In zijn kleine kantoor op de Universiteit van Bagdad staat de tv geluidloos op voetbal, voor de deur vormt zich een rij studenten die hem willen spreken. Abdoellah spreekt alsof hij college geeft. Als de tolk hem niet bij kan houden herhaalt hij het ongeduldig in keurig Engels.

"Irak wordt beheerst door twee tegenstrijdige projecten", is zijn stelling. Een Amerikaans, dat tegenwoordig bestaat uit het brengen van democratie in Irak. "De Amerikanen hebben een bewind aangesteld van sjiieten, soennieten en Koerden. Die opdeling op basis van geloof en afkomst is hun idee."

Tegelijkertijd startten de Iraniërs hun project van beïnvloeding van Iraakse politici. "Toen in Irak sjiitische partijen gesteund door Iraanse religieuze leiders aan de macht kwamen, kon Iran via personen, groepen en partijen invloed uitoefenen. De Iraakse regering opende daar alle deuren voor, op alle niveaus en in alle ministeries. Ze wilde daarmee voorkomen dat er een meer liberale vorm van regeren kon worden ingesteld."

Abdoellah laat thee serveren en biedt gedroogde abrikozen aan zonder zijn relaas te onderbreken. Niet alleen Iraakse liberalen dolven het onderspit, ook de soennitische minderheid staat buiten spel, zegt hij. In de provincie Anbar zijn de soennieten fel tegen de VS, "omdat die het land op een gouden blaadje aan de Iraniërs zouden hebben gegeven." Dat neemt volgens hem niet weg dat de Iraanse invloed zich zelfs uitbreidt tot soennitische politici. Die zouden zich laten betalen voor hun stem. "Als ze niet meewerken worden ze vermoord. En dat voorbeeld is al herhaaldelijk gesteld, dus veel keus hebben ze niet."

Iran zou willen voorkomen dat soennieten het opnieuw voor het zeggen krijgen in Irak. Dat heeft vooral te maken met de geopolitieke verhoudingen: "Als de Amerikanen succes boeken tegen de Syrische leider Basjar al-Assad waardoor diens regime valt, raakt Iran een belangrijke bondgenoot kwijt. Dan ontstaat een blok tegen de sjiieten in Teheran. De VS willen Assad kwijt om Iran hun wil te kunnen opleggen."

In dit steekspel heeft Iran zijn kompanen in de regering in Bagdad opgedragen zich tegen de demonstraties in Syrië uit te spreken. Dat bleek uit een verrassende verklaring waarin Irak de protesten tegen een gehaat regime veroordeelde - gehaat vanwege de vroegere banden tussen de twee Baath-regimes, en het feit dat Damascus veel van Saddams volgelingen toestaat tegen de huidige Iraakse regering te opereren.

"Voorheen zei Bagdad dat alle terroristen uit Syrië kwamen, en nu staat de regering opeens achter Assad", stelt ook Sjaker al-Anbari vast. De Iraakse schrijver is bekend van romans en korte verhalen. Trots schuift hij het tijdschrift Al-Rased over tafel, dat hij leidt sinds zijn terugkeer uit Denemarken.

Sjaker beziet zijn land met de ogen van iemand die geruime tijd in Europa heeft gewoond, en die zich zijn land nog herinnert van de minirokken en moderniteit van de jaren zeventig. Hij ziet aanwijzingen dat Iran ernaar streeft Irak te veranderen in een soortgelijke staat als de eigen islamitische republiek, gebaseerd op dezelfde sjiitische ideologie. "Iran stimuleert religieuze uitingen in Irak, zoals de sjiitische vieringen. Vrouwen wordt afgeraden te gaan werken, of op te komen voor hun rechten. Op de scholen zijn lessen in islam ingevoerd."

Sjiieten vormen nu een overduidelijke meerderheid in Irak, en laten dat demonstratief zien. Posters die Hassan en Hoessein, de kleinzonen van de profeet verheerlijken, zijn overal te zien, tot op autoruiten toe. Het portret van de sjiitische geestelijke Al-Sadr, vermoord door Saddam, hangt overal. Vrouwen zonder hoofddoek vormen een uitzondering. Tijdens sjiitische hoogtijdagen overheerst zwart het straatbeeld, en verzamelen zich grote massa's om uiting te geven aan hun religieuze overtuiging. Uiterlijk lijkt Irak al steeds meer op een islamitische staat.

De samenleving is conservatiever geworden. Restaurants hebben aparte ruimtes voor mannen en families. Vaders en broers beslissen of vrouwen mogen reizen, werken en trouwen. Dat geldt alleen voor sjiieten, maar door het vertrek van veel soennieten bepalen ze wel het beeld. Onder de soennieten die achterbleven heeft als gevolg van armoede en achterstand een strenge vorm van de islam postgevat, al zie je de nikabs die daarbij horen nauwelijks.

De invloed is er ook op religieus gebied. De opstandige sjiitische geestelijke Moktada al-Sadr ging naar de Iraanse heilige stad Al-Kom om te studeren toen de grond hem te heet onder de voeten werd. Anderszins is de hoogste Iraakse sjiitische geestelijk leider Al-Sistani er altijd duidelijk in geweest dat hij niets voelt voor een geestelijk leiderschap in Irak naar het voorbeeld van Iran. Al-Sistani is voorstander van sjiitische partijen, die via een politiek systeem hun invloed uitoefenen. Mede dankzij hem is dat nu de praktijk in het hedendaagse Irak. Doordat de sjiieten een meerderheid van zo'n 70 procent vormen in Irak, zou hun stem doorslaggevend kunnen zijn - ware het niet dat de politieke partijen onderling sterk verdeeld zijn, vooral ook in hun voorliefde voor Iran. Een deel van de politici woonde en studeerde er, en bracht het Iraanse gedachtengoed mee terug.

Al-Anbari ziet ook een uiting van de Iraanse invloed in de problemen die Arabieren hebben om visa te bemachtigen voor Irak, terwijl Iraniërs moeiteloos op pelgrimage kunnen naar de sjiitische heilige stad Najaf. Hij meent dat Irak een hoge prijs betaalt voor zijn pro-sjiitische politiek en voor zijn steun aan de sjiitische opstanden in Bahrein en Koeweit. Irak is politiek gezien steeds meer geisoleerd geraakt in de regio. "Veel Arabische landen boycotten ons zo ongeveer. Toen de Arabische Liga in Bagdad vergaderde, bleven veel leiders weg. Ze wisten het excuus van de onveiligheid goed te gebruiken."

Zichtbaar is Iran vooral in de handel. De grenzen met Iran zijn open, en veel Iraanse producten overstromen de markt. Zoals de Iraanse auto's, die opvallend genoeg totaal afwezig zijn in het straatbeeld in de Iraakse staat Koerdistan, waar de politieke invloed van Teheran beperkt is. Maar ook in het fruit en de groente, en in de kerosine voor de kachels die uit Iran komt. Opvallend is ook de melding van het ministerie van energie in Bagdad dat het olie- en gasland Irak een miljardencontract heeft gesloten met Iran om gas te leveren voor de elektriciteitscentrales - omdat de Iraakse politici er maar niet in slagen de eigen gasproductie op peil te krijgen.

Volgens Al-Anbari groeit de weerstand tegen dit soort afspraken. Niet zonder leedvermaak vertelt hij dat hij bij een bezoek aan de zuidelijke sjiitische oliestad Basra onlangs openlijk uitgesproken weerzin hoorde. "Ze kunnen daar de oorlog tegen Iran niet vergeten (van 1980 tot 1988, red), en de vele doden die vielen."

Weerstand is er ook bij Iraakse intellectuelen, die ongeacht hun geloof meer seculier denken. Die roerden zich, toen de autoriteiten eerder dit jaar in Bagdad de nachtclubs en bars wilden sluiten, bruiloftspartijen wilden verbieden, en op de kunstacademie mannen en vrouwen wilden scheiden. "De reactie was fel, daar schrok de overheid zo van dat de maatregelen niet doorgingen. Dergelijke maatregelen vervreemden de burgers van de regering. Ze voelen dat dit hun land niet meer is."

Het verzet tegen de Iraanse invloed heeft de Irakezen na jaren van geloofsstrijd weer enigszins herenigd. De jongere generatie Irakezen voelt zich meer Iraaks dan lid van een geloofsgroep, en daarom verbleekt de sjiitisch/soennitische tegenstelling langzaam, meent Al-Anbari. "Bij de demonstranten op het Tahrir-plein in Bagdad speelde hun achtergrond geen rol. Ze stonden er samen." Een van de kritische bewegingen heet 'Bagdad moet geen Kandahar worden' - met een verwijzing naar de radicale islam. "Sommige van de critici werden opgepakt, en sommige heel uitgesproken tegenstanders van de regering betaalden met hun leven."

Verslagen vertelt de schrijver over het lot van een goede vriend, de journalist Hadi al-Mahdi, die via zijn radio-talkshow kritiek verkondigde, een grote rol speelde in de protesten en in september in zijn huis werd vermoord. "Hij was heel scherp; hij weigerde te leven in een islamitische republiek. Toen ik hem waarschuwde voor het gevaar, zei hij dat hij wist dat ze hem zouden vermoorden." Dat een sjiiet openlijk kritiek uit op 'zijn eigen mensen' zouden ze niet accepteren. De moord werd door Irakezen van alle gezindten scherp veroordeeld.

Tegelijkertijd zijn er ook berichten dat de demonstraties geïnfiltreerd waren door Iran. Een betrouwbare bron bij het Iraakse leger presenteert bewijs dat een van de leiders van de protestbeweging door zijn dienst ontmaskerd is als werkend voor de Iraanse geheime dienst.

Pogingen om de verschillen in Irak te overbruggen ziet Al-Anbari met name bij de liberalen, die ook niet vragen tot welke geloofsgroep iemand behoort, "dat doen alleen de religieuzen". Hij stelt vast dat het aantal huwelijken tussen mensen uit de verschillende geloofsgroepen weer toeneemt, al is het niveau van voor 2003 nog lang niet bereikt.

Dat heeft als gevolg gehad dat veel mensen uit Irak zijn vertrokken en daarmee het tegenwicht tegen de Iraanse invloed opnieuw kleiner is geworden. Al-Anbari verwoordt hun mening als hij toegeeft bang te zijn voor die sterker wordende religieuze stroming in zijn land. "Ik wil een burgerregime in een liberale, niet-religieuze staat waar ik de vrijheid heb om te dragen, te eten en te drinken wat ik wil."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden