Irak staat op springen

De Koerden noemen het de bevrijding, de meeste Irakezen noemen het - met de kennis van nu - de bezetting. Tien jaar geleden vielen de Amerikanen Irak binnen. President George Bush kondigde in de avond van 19 maart de eerste luchtaanvallen op Iraakse steden aan, voor de Irakezen was het de ochtend van 20 maart.

Wat resteert er van de droom over vrijheid en democratie in Irak?
"Onze droom is vermoord. Onze droom voor vrijheid, voor een democratisch Irak." Hanaa Edwar ziet in Arabisch Irak weinig positieve veranderingen na een decennium zonder Saddam. Er is gebrek aan vertrouwen in de politici, enorme corruptie, discriminatie. "We zijn een enorm rijk land, maar de onderste laag wordt gediscrimineerd. Er is niets voor die mensen." Ze gaat door met haar opsomming: kinderen gaan verdeeld over drie groepen per klas naar school, in klassen van zeventig en meer. "Wat voor niveau van onderwijs krijg je dan!" De basisvoorzieningen als stroom en water zijn nog steeds ver onder de maat. De veiligheidssituatie is fragiel. Ziekenhuizen hebben gebrek aan alles, materieel en artsen. "En we hadden de beste gezondheidszorg in de regio!"

Badran Habeeb is minder negatief. "Irak was een gevangenis, en nu hebben we satelliet-tv, internet en wij hebben paspoorten om te kunnen reizen." Voor hem zijn de Koerden de winnaars van het afgelopen decennium. Ze kregen de kans hun eigen autonome regio te vestigen, in feite de enige werkende deelstaat van Irak. Aanslagen en ontvoeringen komen er niet langer voor, dankzij een goed werkende veiligheidsdienst en oplettende burgers. De economische vooruitgang is enorm, en er is relatieve vrijheid van meningsuiting, waar dat in de rest van het land ver te zoeken is.

Dat komt deels omdat de Koerden dankzij hun diplomatieke talenten de wereld achter zich wisten te krijgen, stelt Habeeb vast. Maar het had nog veel beter gekund: "We hadden wel tien keer meer kunnen bereiken als onze politici ook vooruit zouden kijken en plannen. Maar het blijven peshmerga's (Koerdische strijders, red.). Die weten hoe je moet vechten, maar niet hoe je moet besturen in een democratie."

Zijn er lessen geleerd het afgelopen decennium?
"De structuur van het politieke systeem na Saddam was fout", zegt Edwar beslist. Na Saddams val ontstonden partijen, mede gestimuleerd door de Amerikanen, op basis van religie en etniciteit. "Het zou een pluralitistisch partijenstelsel moeten zijn, maar in plaats daarvan wantrouwen ze elkaar en vechten met elkaar. De regering behoort niet aan het Iraakse volk, maar aan een kleine groep, en die handelt uit eigenbelang."

Edwar ziet torenhoge problemen in de samenleving. Zoals de stijgende corruptie: ambtenaren laten zich door de burgers extra betalen om hun werk te doen, politici steken overheidsgeld in eigen zak. Het nepotisme: bestuurders vergeven posten aan familieleden en geloofsgenoten. De sjiieten proberen hun soennitische landgenoten te domineren, een van de redenen waarom vele honderdduizenden al maanden in heel Irak demonstreren tegen de regering van de sjiitische premier Al-Maliki. Die heeft gedreigd met geweld, maar heeft dat na een bloedig en heftig bekritiseerd incident in Falloedja moeten inslikken. Nu overheerst de stilte: de Iraakse hoofdstad is afgesloten voor de protesten en struisvogelpolitiek viert hoogtij.

Habeeb voegt daar een opvallende waarneming aan toe: "Van Koerdistan tot Bagdad zijn de politici van nu een kopie van Saddam Hoessein. Hij creëerde zijn oppositie namelijk als een spiegelbeeld van zichzelf. Die oppositie regeert nu en monopoliseert de macht net als hij deed. En net als Saddam, zijn ze op zoek naar wapens, want ze willen oorlog."

Is een nieuwe oorlog een reële mogelijkheid?
Habeeb meent dat Iraakse politici de burgers proberen mee te trekken in een nieuwe burgeroorlog. Onderdeel van die voorbereiding is het tegen elkaar opzetten van sjiieten en soennieten. "Dat is nu het grote conflict, het is etnisch-religieus van aard." Volgens hem zijn de demonstraties van Irakese soennieten een eerste stap naar een burgeroorlog. "We hebben geen cultuur van betogingen, maar wel een van oorlog."

Volgens Habeeb kunnen sommigen niet wachten tot Irak in drie delen (een Koerdisch, soennietisch en sjiitisch deel) uiteenvalt. Bijvoorbeeld de radicale soennieten, die hopen dat de strijd zich vanuit Syrië verlegt naar Irak, als eenmaal de Syrische president gevallen is. Of Iran, dat grote invloed heeft op de sjiitische regering in Bagdad. Volgens Habeeb wil Iran dat Arabische landen uiteenvallen, om zo haar eigen positie in een Arabische omgeving te versterken. "Ik herinner me dat (de Iraanse ayatollah, red.) Khomeini al in 1985 voorspelde dat Irak in driëen uiteen zou vallen. Dat is de droom van Iran."

Ook Edwar waarschuwt dat een afscheidingsoorlog dreigt. "Je ziet de woede groeien. Tienduizenden mensen zitten achter tralies, zonder dat er een aanklacht is. Velen zijn ontslagen, alleen omdat ze lid van de Baathpartij (de partij van Saddam, waar veel soennieten toe behoorden, red.) waren."

Tegelijkertijd zijn ex-Baathi's op de hogere posities weer binnengehaald. En dat zijn volgens Edwar niet alleen sjiitische ex-Baathi's, maar ook soennieten. "We zien duizenden terugkeren die op sleutelposities zaten onder Saddam, in het leger, de regering en parlement. Waarom zij wel, en de ex-Baathi's op de lagere niveaus die juist geen misdaden hebben begaan niet? Dat is discriminatie."

Kunnen de landen van de Arabische Lente leren van de ervaring in Irak?
Edwars advies is helder: ga na de val van een regime niet door met dezelfde politieke partijen.

"Het is belangrijk het volk te mobiliseren om nieuwe partijen te vormen. Niet doorgaan met de oude, want die zijn totalitair en de leden zitten vol met hun oude denkwijzen. We hebben jongeren nodig, die op een andere manier over politiek denken. We hebben vrouwen nodig, want die zijn beter georganiseerd en begrijpen beter wat er nodig is voor echte verandering."

Ze wijst ook op de rol die kunst en cultuur kunnen spelen. "In Bagdad hebben we een theater, geen bioscoop of culturele clubs. Terwijl dat belangrijke plaatsen zijn om nieuw denken te ontwikkelen voor een werkende democratie."

"Veiligheid is het belangrijkste", meent Habeeb daarentegen, verwijzend naar het Koerdische succesverhaal. Volgens hem is de manier waarop de Iraakse Koerden hun regio in tien jaar opbouwden hét grote voorbeeld voor de landen van de Arabische Lente. Dankzij het feit dat het er veilig was, bouwden de Koerden aan wegen, scholen, bedrijven en daarmee aan hun vrijheid. Het politieke discours is ook belangrijk: "In Egypte spreken de leiders als radicale moslims tegen Joden en christenen. Iraakse christenen komen juist naar Koerdistan omdat onze politici daar niet aan mee doen."

Van groot belang is volgens Habeeb ook een open blik op de wereld. "Koerdistan is open naar Europa en het Westen. We trekken internationale investeerders en bedrijven, die ons weer democratie brengen. Investeerders mijden radicalen. Dus zijn de internationale investeerders onze garantie voor democratie en veiligheid - en omgekeerd."

Ook voor Iraakse politici is Koerdistan hét voorbeeld van hoe het ook kan, ondanks alle kritiek die er ook daar is op de politici. De grote vraag voor de toekomst is, beaamt zowel Edwar als Habeeb, of die droom kan worden uitgevoerd binnen de huidige Iraakse staat. Daarover hebben ze grote twijfels.

VERVOLG OP PAGINA 4|5

Portretten oud-strijders

Irak 10 jaar na de invasie
Hanaa Edwar, algemeen secretaris van Amal, een organisatie die zich sinds 1992 inzet voor het welzijn van alle Irakezen. Woont in Bagdad, de hoofdstad van het Arabische deel van Irak. Ze steekt haar kritiek op de regering en op premier Al-Maliki niet onder stoelen of banken. Daardoor kwam ze al enkele keren in de problemen.

Badran Habeeb, uitgever en hoofdredacteur van het vorig jaar opgeheven semi-onafhankelijke Koerdische persbureau AKNews. Woont in Erbil, de hoofdstad van de autonome regio Koerdistan. Hij is lid van de grootste Koerdische partij KDP, maar is niet bang zijn kritiek ook buitenskamers te spuien. Daardoor droogde de financiering van zijn persbureau op.

Tien jaar na de inval is Irak een zeer gebrekkig functionerende democratie.

Sektarisch geweld maakt elke dag slachtoffers, sinds 2007 wordt het geweld tussen sjiieten en soennieten als burgeroorlog aangemerkt.

De oorlog kostte minstens 100.000 Irakezen het leven. Sommige schattingen gaan uit van honderdduizenden extra doden die aan de oorlog en de daaropvolgende strijd te wijten zijn. Tot aan de terugtrekking in december 2011 stierven er bijna 4500 Amerikaanse militairen.

De kosten van de invasie voor de VS zijn lastig te schatten, maar lopen in de honderden miljarden dollars.

Van 2003 tot 2007 verlieten volgens de VN-vluchtelingenorganisatie 1,6 tot ruim 2 miljoen Irakezen het land. Binnen Irak zouden nog eens 1,7 miljoen mensen aan de zwerf zijn geraakt. Tegenwoordig keren sommige vluchtelingen - vooral vanuit Syrië, dat destijds een miljoen mensen opnam - weer terug.

In Irak wonen ruim 31 miljoen mensen (cijfers uit 2012) van wie ruim 58 procent onder de 25 jaar. Volgens officiële cijfers is de werkloosheid 16 procent van de beroepsbevolking. Van de bevolking is 65 procent sjiitisch, 15-20 procent soennitisch, 15-20 procent Koerdisch en een paar procent overig (christenen en Turkmenen).

Geen oorlog meer maar ook geen vrede

Amerikaanse en Britse soldaten trokken vanuit Koeweit het land binnen, een kleiner front opereerde vanuit het Koerdische noorden. Veel Iraakse militairen vochten tegen wil en dank; in het zuiden tegen de geallieerde troepen, in het noorden tegen de Koerdische strijders en de Amerikanen, tot het regime op 9 april viel.

Deze strijd schetste de contouren voor het Irak van nu. De manier waarop het Iraakse leger onder de Amerikaanse bombardementen verkruimelde, de samenwerking van de Koerden met de Amerikanen - daarin lagen al de vriendschappen en vijandschappen besloten voor de jaren erna. Een decennium na de invasie gaat het goed met Iraaks Koerdistan, de rest van het land zucht onder sektarisch geweld. Irak dreigt zelfs uit elkaar te vallen.

Trouw sprak twee deskundigen en drie oud-strijders over verleden en toekomst.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden