Inzet, maar geen samenwerking

Gemeenten wisselen onderling nauwelijks ervaringen uit over hun integratiebeleid. Daardoor leren ze niet van elkaars fouten en successen.

Adviesbureau Twynstra Gudde (TG) hield uitvoerige interviews met twintig (ex-)wethouders integratie van (middel)grote gemeenten, vastgelegd in het boek ’Maak het verschil’. Daarin blikken zij terug op de bestuursperiode maart 2002-maart 2006. Conclusie: er is hard gewerkt, maar er kan nog veel verbeteren.

Zo hindert een gebrek aan samenwerking en uitwisseling van ervaringen gemeenten op veel fronten. Ze zijn bijvoorbeeld niet goed in staat om met doordacht beleid vmbo-jeugd op het rechte pad te houden. Ook zijn ze niet in staat voldoende stageplaatsen voor allochtonen te vinden of te creëren. Daarbij laten veel gemeenten zelf ook na om een divergerend personeelsbeleid te voeren. En het is de meeste wethouders integratie ook niet gelukt om tijdens hun regeerperiode de angst voor allochtonen in de blanke middenklassewijken weg te nemen.

„Er is veel inzet getoond”, zegt Walter Ligthart van Twynstra Gudde. De afgelopen bestuursperiode was zeer roerig, net na de aanslagen van 11 september 2001, met daar bovenop nog de moorden op Fortuyn en Van Gogh. „Zeker in de eerste twee jaren van hun termijn kwamen ze nauwelijks toe aan het maken van beleid. Ze moesten vooral brandjes blussen. Daar zijn ze wel veel praktischer van geworden.”

Dat ze bezig waren met incidenten en het wegnemen van spanningen tussen bevolkingsgroepen, valt volgens nagenoeg alle geïnterviewde wethouders ook Den Haag aan te rekenen. Wethouders laken de ’kretologie’ door landelijke politici in het integratiedebat. „Veel wethouders vinden dat de rijksoverheid slecht luistert en geen goed zicht heeft op welke problemen er spelen”, zegt Ligthart.

Zo noemt Joop Hassink (CDA), tussen 2002 en 2006 wethouder integratie in Enschede, het inburgeringsbeleid van minister Verdonk rampzalig. Inburgeraars moeten het allemaal zelf uitzoeken, terwijl gemeenten te weinig geld krijgen om de inburgering goed op poten te zetten, vindt hij. „Je ziet die klacht vaak terugkomen”, zegt Ligthart. „Gemeenten willen het liefst geld om integratiebeleid te ontwikkelen dat bij hun gemeenschap past, zonder dat er vanuit het Rijk talloze aanvullende eisen worden gesteld.”

Naast knelpunten komen uit de interviews ook positieve punten naar voren. De realiteitszin is toegenomen. Zo weigeren veel gemeenten tegenwoordig zomaar subsidie te geven aan allochtone organisaties, zoals vroeger gebruikelijk was. Nu moeten zij vaak per project geld werven en ook aantonen hoe dit de integratie moet bevorderen. Ook wordt er actief gezocht naar nieuwe ingangen bij allochtone gemeenschappen. „Vaak is er in de loop der jaren een kring van allochtone vertegenwoordigers ontstaan rond politiek en ambtenaren. Die zijn makkelijk benaderbaar en iedereen kent hun standpunten. Hoewel het moeite kost, proberen sommige gemeenten die kring te doorbreken.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden