Interview / Tienmaal daags een leugentje

Is de mens een homo faber, omdat hij gereedschap maakt, of een homo economicus omdat hij geld verdient? Geen van beide, denkt filosofe Stine Jensen, die morgen spreekt op de Dag van de Filosofie in Tilburg. Onze soort is de homo mentiens: de liegende mens.

Ha, Picasso!, denk je als je een vluchtige blik werpt op het omslag van het boek ’Leugenaars’ van filosofe Stine Jensen. Mis. Wie beter kijkt ziet dat de afbeelding weliswaar líjkt op Picasso, maar is gesigneerd door Geert Jan Jansen, bekend als ’meestervervalser’.

Jansen is een van de bekende leugenaars die Stine Jensen de revue laat passeren, naast bijvoorbeeld bergbeklimmer Bart Vos (bereikte hij in 1984 nu wel of niet de top van de Mount Everest?) en Charles Ingram, de Brit die in 2002 een miljoen pond won in een televisiequiz, dankzij een handlanger op de tribune die hem met kuchjes op het juiste antwoord wees.

’Leugenaars’ verschijnt in de serie ’De passie van...’, waarin eerder de Vlaamse filosofen Marc Van den Bossche en Ann Meskens hun passie beschreven voor respectievelijk wielrennen en de komiek Tati.

Stine Jensen laat zich in haar boek kennen als een ’snuffelaar’: „O, hoe graag speurde ik de heimelijke dingen na!”, bekent ze al op de eerste bladzijde. „Wat kon ik ervan smullen als ik een dagboek onder ogen kreeg, of een e-mail of een sms die mij plotsklaps onverwachte informatie gaf. Het was niet alleen een banale soaphonger, het Agatha Christie-gevoel bij de ontmaskering van een leugenaar (overspel! fraude!), maar ook meer dan dat: een filosofische nieuwsgierigheid naar de dubbele natuur van de mens.”

Dé waarheid over de leugen is ze niet te weten gekomen, zegt Jensen, want daarvoor zijn er te veel leugens in te veel soorten. Wel kwam ze tot ’mooie kleine inzichten’ over waarheid en leugen. „Waarheid speelt zich vaak in het donker af, of liggend. En is het toeval dat je bij een psychotherapeut vaak ligt?”

Bekende leugenaars uit de wereldliteratuur of uit films wisselt Jensen af met waarheidszoekers en jokkebrokken die ze zelf opzocht. Zo sprak ze met ’Mo de Latinlover’. Verleiden is óók een vorm van liegen, leerde Jensen van hem. „Iemand inpakken doe je met woorden. Neem Jean-Paul Sartre. Hij was heel onaantrekkelijk, maar had veel minnaressen. Hij verleidde ze door brieven te schrijven. Met praatjes eigenlijk.”

Het tegendeel werkt ook: kunstvervalser Geert Jan Jansen bewees dat de goede leugenaar nog beter is in zwijgen. Met zwijgen kun je allerlei suggesties instandhouden. „Zo zo, een echte Picasso”, zeiden kunsthandelaren aan wie Jansen een schilderij aanbood. Jansen bromde dan slechts „Hmm” als antwoord.

Een privé-detective en de uitbater van de Spy Shop vertelden Jensen dat het beste gereedschap om een leugenaar te doorzien niet een geavanceerd afluisterapparaatje is, maar een flinke dosis mensenkennis.

Aan verschillende schrijvers (onder meer Arie Storm en Désanne van Brederode) legt Jensen in haar boek een reeks vragen voor over liegen. En ja, die wil ze zelf ook best beantwoorden. Maar dat alle antwoorden vollédig waar zullen zijn, kan ze moeilijk beloven.

Zou u zichzelf typeren als een waarheidszoeker of leugenaar?

„Ik zou liegen als ik zei dat ik heel goed kan liegen. Ik ben een snuffelaar, de vraag is natuurlijk waarom. Achterdocht, deels. Maar ook omdat ik weet welke leugens ik zelf vertel. Ik ga ervan uit dat anderen dat nog beter kunnen. Als ik ergens over lieg, doet een ander dat zéker. Als filosoof ben ik een waarheidszoeker, als literatuurwetenschapper houd ik ook erg van de bedwelmende leugen – dingen wat mooier voorspiegelen dan ze zijn. Waarschijnlijk vertel ik op een dag aardig wat van die bedwelmende leugens, maar ik ervaar dat niet als liegen.”

Liegt u vaak?

„Mijn leugens zijn vaak klein en onschuldig. Ik kan complimenteus zijn zonder dat ik het echt meen. Ik werd eens gebeld of ik in een radioprogramma wilde komen. Ik vind het wel een leuk programma, dus zei ik: ’Natúúrlijk kom ik, dat is mijn favoriete programma’. Leugens zijn smeerolie voor de omgang, maar dat kun je ook overdrijven. Ik lieg een keer of tien per dag, schat ik. Daarmee ben ik een heel gemiddeld mens. Op papier gaat liegen me makkelijker af, terwijl ik niet eens fictie schrijf. Er is altijd een afstand tussen de echte gebeurtenis en de weergave ervan in taal. Anekdotes poets ik soms een beetje op. Maar heel vaak is de werkelijkheid beter dan je kunt verzinnen. En goed, in een boek dat ’Leugenaars’ heet kun je je volgens mij nét iets meer permiteren.”

Waarover of tegen wie mag je niet liegen?

„De schrijvers die ik deze vraag stelde antwoordden vaak: ’Tegen je partner’. Maar ik vind dat je juist tegen je partner soms moet liegen en op de juiste momenten moet zwijgen. Tegen mijn tweelingzus lieg ik liever niet. Over gevoelens probeer ik ook niet te liegen. Je moet niet liegen over dat wat waarachtig is, over wat er écht toe doet. Het mooist zou zijn om nooit tegen jezelf te liegen. Maar het schijnt dat depressieve mensen een heel realistisch zelfbeeld hebben. Een beetje liegen is gezonder: ’Ik doe het best goed’ of: ’Ik ben best aardig’.”

Wie heeft volgens u gelijk: Kant die zegt dat je in principe niet mag liegen, Bentham die zegt dat je mag liegen als dat de schade beperkt, of Nietzsche die zegt dat ’de waarheid’ een leugen is?

„Nietzsche heeft gelijk. En hij heeft ook het mooiste verhaal. Maar in je praktische handelen kun je er niet mee uit de voeten. Kant praat ook mooi. In mijn boek merkt Fouad Laroui op dat Kant niks had om over te liegen, hij zat de hele dag in de boeken. Ik ben meer een aanhanger van Bentham. Volgens hem moeten we proberen de schade te beperken en het geluk van zoveel mogelijk mensen te verhogen. Eventueel door te liegen. Maar daar moet je niet in doorslaan, dan wordt de wereld te sociaal en oppervlakkig.”

Wie is uw favoriete leugenaar?

„Mijn favoriete fictieve leugenaar is Tom Ripley uit de film ’The Talented Mister Ripley’ van Anthony Minghella. Ripley’s motto: ’Ik heb één talent: valse handtekeningen maken. Dat doe ik zo goed mogelijk.’ De favoriete leugenaar in mijn boek is Geert Jan Jansen. Vanwege zijn zwijgen. Ik heb altijd nogal veel tekst, vul in gesprekken altijd de stiltes op. Door te zwijgen laat Jansen het échte liegen aan anderen over. Daar kan ik nog wat van opsteken.”

Stine Jensen: Leugenaars, de passie van Stine Jensen. Lemniscaat, 2006. 208 blz, isbn 905637799X; € 12,50.

Stine Jensen spreekt morgen op de Dag van de Filosofie in Tilburg, evenals onder anderen Marcel Möring, Frank en Maarten Meester en Rudi Visker. Textielmuseum, Goirkestraat 96 Tilburg, 14:00 - 22:00 uur. Prijs: € 40,- (incl. buffet). Studenten €15,- korting.

www.dagvandefilosofie.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden