Internet maakte de revolutie tot een feit

amsterdam – In de nasleep van de volksopstand in Tunesië, woedt op internet de discussie of dit nu de eerste Twitter-revolutie is (geweest). Waren het de sociale media die de mensen opzweepten om de straat op te gaan, ze organiseerden bij gebrek aan revolutionaire leiding?

„Dat lijkt me een beetje overdreven”, zegt Lina Khatib. De Libanese, die aan de Amerikaanse Stanford Universiteit onderzoek doet naar democratisering in het Midden-Oosten, houdt het toch vooral op een spontane volksopstand. Mensen hadden genoeg van de werkloosheid, de onderdrukking, de corruptie – ook zonder internet waren ze wel de straat op gegaan.

Khatib wijst er bovendien op dat Tunesië onder het regime van de verdreven president Ben Ali juist een van de meest gecensureerde landen ter wereld was. Het stond hoog op de zwarte lijst van de organisatie Verslaggevers zonder Grenzen, samen met China en Iran. Veel websites werden geblokkeerd – hoewel sommige Tunesiërs de blokkades wisten te omzeilen – en bloggers lastiggevallen.

Een ’Twitter-revolutie’ was het in ieder geval niet, zo blijkt uit een onderzoekje van de Tunesische site Nawaat. Die keek naar de frequentie van bepaalde populaire ’revolutionaire’ trefwoorden op Twitter, en wat bleek? Pas in de laatste week van de opstand – dus na bijna een maand – nam die frequentie een beetje toe, en waarschijnlijk vooral omdat buitenlanders wilden weten wat er aan de hand was in Tunesië.

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat (andere) sociale media geen rol speelden bij het verspreiden van informatie en daarmee toch ook indirect bij het succesvol ’uitrollen’ van de opstand zelf. Toen de demonstraties in december begonnen in de binnenlanden van Tunesië, wist de staatstelevisie dat wekenlang te negeren. Het beeld was gevuld met danseressen en mensen die zeiden dat er niets aan de hand was.

Nieuwe media hielpen dat niets-aan-de-handbeeld door te prikken, maar daar hadden ze wel de oude media voor nodig. Veel Tunesische gezinnen hebben een schotel op het dak van hun huis staan. Via die schotel kunnen ze kijken naar bijvoorbeeld Al-Jazeera of France 24. Vooral Al-Jazeera, dat nota bene uit Tunesië verbannen was door Ben Ali, bleek cruciaal bij het informeren van de bevolking over wat er gaande was in Tunesië.

De zender deed dat door filmpjes uit te zenden die de Tunesiërs zelf hadden geschoten en die vervolgens werden vermenigvuldigd en hergebruikt via websites als Facebook. Naar schatting één op de vijf Tunesiërs heeft een account op die sociale netwerksite.

Dat internet een bedreigende informatiebron was, bleek ook wel uit de reactie van het regime vlak voordat het viel. Het ging over tot het hacken van websites en e-mailaccounts en probeerde persoonlijke informatie van activisten te achterhalen.

Vorige week werden nog twee bekende bloggers opgepakt die berichtten over de opstand. Inmiddels is één van hen, Slim Amamoe, benoemd tot staatsecretaris in de interim-regering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden