Internationale luchtvaart helpt Kosovo niet

De internationale luchtvaart laat Pristina in de steek, vindt directeur Adem Gashi van Airport Pristina. ,,Geen van de grote luchtvaartmaatschappijen heeft ons gevraagd of we iets nodig hebben. Ik had solidariteit verwacht, maar die is er niet''.

Alles is welkom. Afgeschreven passagiersbagagewagentjes, tweedehands busjes, computers, brandweermateriaal. Het vliegveld is in de oorlog zwaar gehavend. Een verdwaald Navo-projectiel vernielde de aankomst- en vertrekhal. De terugtrekkende Serviërs namen in juni alle mobiele infrastructuur mee.

,,De enige die ons bijstaat is Kfor (de Navo-troepen in Kosovo)'', zegt Gashi. Eén van de redenen voor het uitblijven van steun is de onduidelijke status van het vliegveld, vermoedt hij. Officieel is Airport Pristina een staatsmaatschappij en eigendom van Joegoslavië. De huidige Albanese leiding en de zakenwereld in Pristina willen er op korte termijn een naamloze vennootschap van maken en praten daarover met het VN-bestuur in Kosovo.

Een bouwbedrijf uit Pristina heeft 300 000 mark geïnvesteerd in de wederopbouw van de grote passagiershal. Gashi zegt dat er voor de privatisering ruim vijf miljoen mark nodig is. Hij verwacht dat het vliegveld volgend jaar 300 000 passagiers heeft, ongeveer evenveel als in 1997.

Voorlopig is het allemaal toekomstmuziek. Met de militaire transporten en de vijf kleine maatschappijen die sinds de heropening in oktober op de luchthaven vliegen, zit Airport Pristina aan de grens. Tyrolean Airways, Adria Airways, Crossair, Albanian Airlines en Ada Air verzorgen vluchten naar Wenen, Ljubljana, Zürich en Tirana en hebben niet meer dan vijfduizend passagiers per week.

In de kantoren met uitzicht op de banen lopen Britse en Russische militairen te koukleumen. Een nieuwe centrale verwarming moet nog worden aangelegd. Flight lieutenant Keith Irving van de Royal Air Force geeft een rondleiding. De Britten zijn verantwoordelijk voor het vliegmanagement, de Russen voor de veiligheid. Irving wijst naar een taxibaan, waar Kfor-genietroepen bezig zijn met het aanbrengen van verstevigingen. ,,De Joegoslavische autoriteiten hebben hier in geen jaren onderhoud gepleegd.''

Niet ver van de centrale hal heeft een klein Frans detachement een mobiele brandstofopslagplaats gebouwd, een pillow-tank met een capaciteit van een half miljoen liter kerosine. De oude vliegtoren, kapotgebombardeerd door de Navo, is inmiddels vervangen door een nieuwe.

Een deel van het vliegveldterrein wordt gebruikt door de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR. Vijf maanden na het einde van de oorlog landen er nog steeds wekelijks tien vliegtuigen met terugkerende Albanese vluchtelingen. Op een van de startbanen loopt een troep wilde honden rond. ,,Ze hebben al een paar keer onze mensen aangevallen. Redelijk gevaarlijk, zou ik zeggen.'' De koeien van de boeren in de omgeving dringen regelmatig door de hekken. ,,Al een paar keer hebben we een vliegtuig moeten terugroepen dat bezig was te vertrekken.''

Grote bomkraters in een heuvel ten zuiden van de luchthaven bewijzen dat de Navo geprobeerd heeft twee ondergrondse bunkers van de Joegoslavische luchtmacht te vernielen. Dat is niet gelukt. Alleen de ingang is een beetje beschadigd. De modernste Joegoslavische Mig-straaljagers taxieden hier over de openbare weg dwars door een dorpje naar het vliegveld.

In de race tussen de Russen en de Britten wie het eerst op het vliegveld zou zijn, lijken de bunkers door de Russen te zijn beschouwd als een hoofdprijs. De Russische Kfor-commandant stond er op dat hij de controle kreeg over dit deel van het vliegveld. Irving ironisch: ,,De Russen bewaren hier hun 'grote geheim'. Nog geen Navo-militair is in die bunkers geweest.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden