Instortingsgevaar in oud-Boekarest

Veel monumenten gesloopt, met of zonder vergunning

DIRK VAN HARTEN

BOEKAREST - Ooit stond Boekarest bekend als het kleine Parijs. Maar de architectonische praal waar de stad die bijnaam aan dankte, dreigt te verdwijnen; onder de voet gelopen door projectontwikkelaars en stadsbestuurders die het met de regels minder nauw nemen.

Als nieuwe hoofdstad van het nog jonge Roemenië begon Boekarest vanaf de late negentiende eeuw aan een stormachtige groei. Om de stad internationale allure te geven, ontwierpen Franse architecten een nieuw stratenplan, met brede boulevards en lommerrijke lanen. Met Roemeense collega's bouwden ze villa's en paleizen voor de schatrijke en extravagante aristocratie, en overheidsgebouwen voor de nieuwe staat. Het leverde parels van neoclassicisme en art nouveau op en van de sprookjesachtige 'neo-Roemeense' bouwstijl, met torentjes, hoge puntdaken en houten veranda's.

Tegenwoordig staan bijna drieduizend panden in het centrum op de monumentenlijst van het ministerie van cultuur en vormen zo een van de visitekaartjes van Boekarest, zo pronkt het stadsbestuur.

Het moet haast ironisch bedoeld zijn. Beschermd of niet, monumenten herken je in Boekarest vooral 'aan hun vergevorderde staat van verval', aldus Roemeense erfgoedorganisaties in een uiterst kritisch rapport. De hoofdstuktitels spreken boekdelen: 'Een ramp staat te gebeuren', 'Pas op: instortingsgevaar', en 'Verlaten. Genegeerd. Misbruikt'.

Volgens de organisaties is er sprake van een "systematische verwoesting van cultureel erfgoed". Gemeentelijke instanties en het stadsbestuur spelen daarbij een voorname rol. Tegen alle regels in verlenen de autoriteiten sloopvergunningen. Huiseigenaren die hun bezit laten vervallen om de grond lucratief te verkopen worden ongemoeid gelaten, en projectontwikkelaars hebben zo goed als vrijspel.

De Roemeense economie zit in het slop, maar die van de hoofdstad bloeit, mede dankzij de omvangrijke vastgoedsector die goed is voor bijna een kwart van de banen. Een politicus of ambtenaar komt dan gemakkelijk in de verleiding een oogje toe te knijpen.

Maar er zijn ook omstreden bouwprojecten van de gemeente zelf. Zoals de aanleg van een vierbaansweg door het stadscentrum die de regeringsgebouwen in het noorden en het parlement in het zuiden moet verbinden.

"Ministers hoeven dan niet in de file te staan", zegt winkelier Dan Sendrea cynisch. Een half jaar geleden lag zijn wijnhandel nog naast de statige negentiende-eeuwse markthal van Matache, nu biedt hij uitzicht op de kale zandvlakte waar straks de weg komt.

Met de Hala Matache verdwenen ook de pittoreske straatjes die eromheen lagen. Waar de vroegere bewoners gebleven zijn - vaak straatarme sloebers die zich jarenlang tegen de sloop van hun verwaarloosde huurwoningen hebben verzet - weet niemand. "Het is oorlog hier", zegt Sendrea.

"Dit is misschien wel de slechtst bestuurde stad van Europa", meent Roxana Wring, voorzitter van ProDoMo, een organisatie die zich inzet voor het behoud van cultureel erfgoed en die al menig proces tegen de gemeente heeft aangespannen. En gewonnen.

"Het stadsbestuur heeft geen enkel respect voor de wet", zegt Wring. "Er is geen gemeentelijk bouwbeleid, maar de wet stelt genoeg beperkingen over wat wel en niet mag. Op het stadhuis trekt niemand zich daar iets van aan. De Hala Matache mocht van de rechter ook niet worden gesloopt. De gemeente doet het toch."

Wring is woedend. Ze heeft net gehoord dat in het weekend een kapitale villa van rond 1900 is 'verdwenen'. Historici, architecten en buurtbewoners hebben jarenlang gestreden voor haar behoud. Niemand weet of er een sloopvergunning was. Laat staan wie die dan heeft afgegeven.

Niet dat het uitmaakt. In dit soort gevallen begint steevast een administratief witwas-proces dat Roemenen derogare noemen. Het betekent zoveel als met nieuwe regels de ontstane illegale werkelijkheid achteraf legaliseren.

"De regel in deze stad is dat niemand zich aan de wet houdt, met goedkeuring van alle bevoegde instanties", zegt Wring. "En daarna huren ze met belastinggeld de duurste advocaten in om de boel weer recht te draaien."

Mythische bouwwoede
Het is een hardnekkige mythe: door de bouwwoede van de communistische dictator Nicolae Ceausescu is oud-Boekarest verdwenen. In werkelijkheid moest slechts 25 tot 30 procent van het (deels middeleeuwse) centrum wijken. Wat daar achter lag, bleef grotendeels ongemoeid. Wel verbreedden de communisten de belangrijkste toegangswegen tot het centrum en bouwden daaraan grote huizenblokken die de vooruitgang moesten weerspiegelen. Die blokken verhulden als een decor de oude straatjes en buurtjes erachter. Verschillende stadsdelen bleven zo architectonische eenheden vormen. Volgens erfgoedorganisaties is de postcommunistische bouwwoede extra zorgwekkend omdat de nieuwbouw zelden aansluit op de omgeving, uit welk tijdvak die ook is.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden