Inspectie maakt inbreuk op vrijheid van onderwijs

De inspectie bemoeit zich te veel met de manier van lesgeven op scholen. Het tast de vrijheid van onderwijs aan, zegt de Rotterdamse hoogleraar Dick Mentink.

Hanne Obbink

De werkwijze van de onderwijsinspectie is in strijd met de Grondwet. Ze bemoeit zich veel te veel met hoe scholen les geven. Dat zegt Dick Mentink, hoogleraar onderwijsrecht aan de Erasmus Universiteit.

Met de maatstaven waaraan de inspectie de kwaliteit van de lessen afmeet, maakt zij inbreuk op de vrijheid van onderwijs, stelt Mentink. Die vrijheid is vastgelegd in artikel 23 van de Grondwet. De inspectie legt te veel één bepaalde didactische aanpak aan de scholen op.

De Rotterdamse hoogleraar reageert op het onderzoek van de commissie-Dijsselbloem naar de onderwijsvernieuwingen in de jaren negentig. De politiek heeft gefaald bij die vernieuwingen, stelde die commissie eergisteren.

Ook de inspectie krijgt kritiek van Dijsselbloem. Strikt genomen houdt de inspectie alleen toezicht op de deugdelijkheid van het onderwijs. Maar vanaf halverwege de jaren negentig mat de inspectie de kwaliteit van scholen ook af aan haar eigen visie op goede didactiek. Scholen moesten zich van de inspectie bezighouden met ’activerend leren’. Dat betekent dat leerlingen zich deels zelfstandig werkend kennis en vaardigheden eigen moeten maken.

Daarmee begaf de inspectie zich op een terrein waarover zij niets te zeggen heeft, waarvoor de scholen zelf verantwoordelijk zijn, stelt de commissie. Die werkwijze past ook niet bij de belangrijkste aanbeveling van de commissie: de overheid moet slechts het ’wat’ bepalen (de inhoud van het onderwijs), de scholen zijn verantwoordelijk voor het ’hoe’ (de manier van lesgeven).

Hoogleraar Mentink gaat een forse stap verder. De ’kwaliteitsstandaarden’ van de inspectie zijn een jaar of vijf geleden in de wet vastgelegd, legt hij uit. Maar vanwege het ongrondwettelijke karakter ervan had dat nooit mogen gebeuren.

De standaarden van de inspectie zijn officieel niet verplichtend voor de scholen; ze zijn slechts bedoeld om scholen te stimuleren om een bepaalde koers te kiezen. „Maar de inspectie gebruikt die standaarden wel om scholen de maat te nemen”, aldus Mentink. De hoogleraar noemt de standaarden daarom ’pseudo-eisen’.

De Onderwijsraad heeft de politiek destijds afgeraden de kwaliteitsstandaarden in de wet op te nemen. Maar het ministerie en Tweede Kamer negeerden dat advies. Het ministerie noch de inspectie willen reageren op de kritiek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden