'Innovatie is broodnodig'

Nederland investeert te weinig in vernieuwing Vooral het mkb blijft achter

Innovatie dwing je niet af met een denktank. Kennisinstelling TNO en werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland geloven niet meer in het Innovatieplatform, dat door premier Balkenende werd ingesteld om Nederland op te stuwen op de ranglijstjes van kenniseconomieën. Maar de ambities van het Innovatieplatform zijn nog steeds actueel. Jan Mangelers, voorzitter van kennisinstelling TNO, presenteerde gisteren in Nieuwspoort het rapport 'De Staat van Nederland Innovatieland 2012'.

Kernboodschap is dat innovatie geen kostenpost maar een broodnodige investering is. De onderzoekers van het Den Haag Centrum voor strategische studies (HCSS) tonen voor het eerst wetenschappelijk aan dat research & development echt leidt tot betere bedrijfsresultaten. Lichtende voorbeelden zijn bedrijven als chipfabrikant ASML, of Philips, dat inzet op medische zorg. En Tomtom maakt misschien moeilijke tijden door, maar groeide kort na de start met de navigatiekastjes al uit tot een middelgrote onderneming. Wil Nederland blijven meedoen, dan moeten industrie, afnemers en kennisinstellingen op elkaar aansluiten. Mangelers hoopt dat het kabinet, ook na de verkiezingen, het op zich zal nemen om deze drie partijen telkens weer bij elkaar te brengen om kennis en bedrijvigheid af te stemmen. "De rol van de overheid verandert. Deze moet, net als in Duitsland, krachtiger worden. We moeten niet meer bang zijn om industriepolitiek te voeren."

Bernard Wientjes, werkgeversvoorzitter, is het er helemaal mee eens. "Want welke bedrijven staan in crisistijd nog overeind? De industrie. Niet de dienstverleners."

De overheid investeert 1 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in innovatie. Dat is volgens Rob de Wijk van HCSS 'best redelijk'. Het bedrijfsleven neemt een kleiner deel voor zijn rekening, 0,84 procent van het bbp, fors minder dan de 3 procent die in Europa is afgesproken. Het budget dreigt in Nederland zelfs verder te dalen. Het grote probleem zit volgens De Wijk niet bij buitenlandse ondernemingen in Nederland. Die nemen 33 procent van het budget voor hun rekening, terwijl ze maar 1 procent van het aantal bedrijven uitmaken. "Daarom is het ook zo belangrijk dat het vestigingsklimaat voor buitenlanders goed is."

Het is voornamelijk het Nederlandse midden- en kleinbedrijf dat nauwelijks in innovatie investeert. Dat leidt er volgens HCSS toe dat er uit het mkb ook weinig bedrijven voortkomen die op grotere schaal succesvol worden. Tomtom is een van de weinige Nederlandse voorbeelden.

Hans Biesheuvel van MKB-Nederland geeft toe dat het mkb er weinig werk van maakt. "Mkb'ers moeten op hunbelangen op de lange termijn letten. De overheid moet de focus leggen op een sterk industriebeleid."

Nederland als innovatieland heeft goede kennisinstellingen en wetenschappers nodig. Daarom baart de ontwikkeling het lage opleidingsniveau van jonge mannen TNO ook zorgen. "Hoewel je in de industrie natuurlijk ook laagopgeleiden goed kunt gebruiken", zegt Mangelers. "Maar jongeren moeten meer gaan kiezen voor technische studies."

Hans Clevers, de nieuwe voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Academie voor Wetenschappen, hoopt ook dat er meer belangstelling komt voor fundamenteel onderzoek. Maar hij herkent de problemen bij jongens wel: "De Nederlandse wetenschappelijke traditie kent veel vrijheid. Dat is goed, maar jongens kunnen daar niet altijd mee omgaan."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden