Inkomensverschillen tussen arm en rijk kleiner, dankzij de crisis

Beeld ANP

Zorgt een stevige economische crisis voor een kleiner verschil tussen arm en rijk? De nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek lijken die vraag met ja te beantwoorden.

Voor 2008 verdienden de rijkste 20 procent van de bevolking 2,8 keer zoveel als de armste 20 procent. Na 2008 daalde dat naar een factor van 2,5 procent. Kortom: de inkomensongelijkheid tussen arm en rijk neemt af.

Dat komt vooral door de zelfstandigen. De lonen en uitkeringen blijven in crisistijd redelijk gelijk. Dat is anders bij de bedragen die zelfstandigen kunnen vragen. Nu zijn er juist onder de rijkste 20 procent van de Nederlanders veel zelfstandigen, waardoor die groep er relatief meer op achteruit ging dan de groepen daaronder met salarissen en uitkeringen.

Dat de inkomensongelijkheid in Nederland kleiner is dan in landen om ons heen, heeft grotendeels te maken met de overheid. Zonder tussenkomst van de overheid zouden de rijkste Nederlanders ruim twaalf keer zoveel verdienen als de armste 20 procent. Door belastingen en premies te innen en uitkeringen en toeslagen te verstrekken is dat nu dus 2,5 keer zoveel.

Vermogensverschillen
Toch is het niet zo dat de kleinere verschillen tussen inkomens iets zeggen over de verschillen tussen arm en rijk. De vermogens doen dat wel. Het is ook de vermogensongelijkheid waarover internationaal zoveel over is te doen.

Dat kwam vooral door het monumentale Kapitaal in de 21ste eeuw van de Franse econoom Thomas Piketty, Hij stelt dat de vermogens sneller groeien dan de inkomens uit arbeid, waardoor de verschillen tussen arm en rijk toenemen. Het CBS onderzocht hoe dat voor Nederland uitpakt. En ja, ook in Nederland groeide het vermogen sneller dan de salarissen.

Piketty laat met zijn cijfers ook zien dat vermogen voor de rijken steeds belangrijker wordt, terwijl de armen achterblijven. Dat valt in Nederland wel mee, stelt het CBS. Dat kwam vooral doordat de rijkste 20 procent veel vermogen heeft belegd in aandelen, en die leverden de afgelopen jaren minder op.

Relatief
Of de verschillen tussen arm en rijk groter of kleiner worden, hangt sterk af van de cijfers waarmee onderzoekers gaan rekenen, stelt het CBS. De ene econoom neemt de periode voor en na de crisis, de ander pakt een hele eeuw. Econoom Wiemer Salverda rekent met de rijkste 10 procent van Nederland, in plaats van de rijkste twintig. Zijn conclusie: de ongelijkheid in Nederland is nog nooit zo hoog geweest als nu. Tweederde van het volledige vermogen was in 2013 in handen van de tien procent rijkste Nederlanders, schreef hij eerder dit jaar op economensite MeJudice. In 2009 was dat 56 procent.

Dat heeft onder meer te maken met het eigen woningbezit. Bij de armen pakt dat de laatste jaren steeds negatiever uit omdat de hypotheekschulden toenemen. Bij de rijken is dat anders. Zij hebben relatief minder schuld. Daarnaast bestaat hun vermogen niet alleen uit een eigen huis, maar ook uit spaargeld en aandelen. "De vermogensongelijkheid is nu groter dan ooit en er is weinig reden om te verwachten dat dit snel gaat veranderen, integendeel", schrijft Salverda. "Rijken doen het echt veel beter."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden