Ingenieus vlechtwerk van Hilliard

AMSTERDAM - Niets is zo hinderlijk als wanneer concertbezoekers tijdens het musiceren gaan zitten lezen of bladeren. Bij zangrecitals of opera's-in-concertvorm is verstrekking van teksten een noodzakelijk kwaad, alhoewel het zonder teksten prettiger luisteren is.

FRANZ STRAATMAN

Zeker wanneer een ensemble verstaanbaar zingt, komt de boodschap toch wel over. Dat bleek dinsdag bij het slotnummer waarmee het Hilliard Ensemble het vijftiende zomerconcert in het Amsterdams Concertgebouw op hilarische wijze afsloot. Want het vierstemmige 'Boombox Virelai' van de Engelse componist Stephen Montague (geboren 1943, de op een na jongste uit het programma) wekte genoeg lachsalvo's op die aangaven dat de satirische parodie op een serieus liefdeslied perfect overkwam.

De constructie werkte dat ook in de hand, want tussen de geluiden en effecten die - ook ironiserend - klanken nabootsten van middeleeuwse instrumenten, zat duidelijk verhalend de tekst. Bij 'Sharp thorne' van de jongste componist, John Casken (1949), verhulde het vocale vlechtwerk de inhoud. Je moest heel wat religieuze associatie inbrengen om het eerste woord als 'Christ' te verstaan, in combinatie met de titel 'Sharp thorne' (scherpe doorn). 'Cries' (schreeuwen) had ook voor de hand gelegen, want de wringende samenklanken in de herhaalde uitroep deden aan 'schreeuwen' denken. Een prachtig nummer waarvan de tekstflarden een diepe inhoud deden vermoeden.

Meer kon je niet hebben in dit concert, want iets anders dan een zeer summiere toelichting werd niet verstrekt. Zo meenden veel bezoekers dat het vier man sterke Hilliard voor de pauze een nummer had overgeslagen; in feite had het een eigentijds werkje van de Estlander Veljo Tromis, getiteld 'Orja palk' (we mochten raden naar de betekenis), gekoppeld aan een veertiende eeuws 'Alma mater' van een anonieme toondichter, direct gevolgd door de schrijnende klaagzang op de val van Constantinopel (1453) door Guillaume Dufay.

In dit kleine bestek lag het hele concert dat zo'n 1500 liefhebbers trok, besloten: confrontatie van middeleeuwen en renaissance met onze eigen tijd. Ingenieus lasten David James, Rogers Covey-Crump, John Potter en Gordon Jones de vlechtwerkjes aanelkaar. Verrassend hoeveel moderne componisten zich door het oude modale toonsysteem laten inspireren, Engelsen voorop. Maar was er geen enkel Nederlands werk in die stijl te vinden?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden