Indonesische economie mist fundament

Het gaat niet van harte, maar onder stevige druk van het Internationaal Monetaire Fonds (IMF) doet Indonesië twee genationaliseerde banken in de verkoop. Jakarta moet wel, want zijn internationale geldschieters zijn het gedraal in de herstructurering van de economie zat. Ze willen daden zien.

Het IMF schortte vorige maand een lening van 400 miljoen dollar op uit onvrede over het tempo waarin Indonesië werk maakt van de verkoop van staatsbanken en de afbetaling van schulden.

Gisteren is de IMF-topman voor Azië, Anoop Singh, in Jakarta aangekomen om met de regering te praten.

Van hem wordt harde taal verwacht. Singh heeft onder meer geëist dat de overheid een groter deel van de olie-inkomsten gebruikt voor aflossing van schulden en een tijdschema vaststelt voor de verkoop van staatsbedrijven, banken en ander bezit.

Internationale hulp is cruciaal en helpt de wankele roepia te beschermen. De munt is in 1999 bijna 25 procent in waarde gedaald ten opzichte van de dollar. Hoewel de economische groei het afgelopen jaar, boven verwachting, uitkomt op ongeveer 4,8 procent, geeft dit cijfer een vertekend beeld. Want stevige fundamenten onder de economie ontbreken. De broodnodige buitenlandse investeringen blijven uit. De schuldenlast als gevolg van de herkapitalisatie van failliete banken en conglomeraten na de crisis hangt als een strop om de nek van de staat.

Het agentschap voor herstructurering 'Ibra', dat de failliete boedel beheert, slaagt niet in zijn missie. Het had voor eind december 1,8 miljard dollar moeten terugverdienen met de verkoop van banken, bedrijven en aandelen, maar heeft dat hoogstwaarschijnlijk niet gehaald. Wat tot nu toe aan bezittingen is gesleten, is minder dan twintig procent van het totaal onder zijn beheer. De broodnodige hervormingen van bankwezen en bedrijven komen daardoor niet van de grond.

Ibra zit in de greep van de oude garde, die probeert zijn belangen veilig te stellen. De oorspronkelijke eigenaren van de failliete ondernemingen zitten nog steeds in het zadel en politici trekken als vanouds achter de schermen aan de touwtjes. President Wahid zelf zou een aantal conglomeraten met megaschulden de hand boven het hoofd houden. Dat heeft volgens insiders de verkoop van de Bank Central Asia, het vlaggenschip van een van Wahids protégés, vertraagd. Dat de bank toch in de uitverkoop gaat betekent wellicht een kleine doorbraak.

Er zijn nog meer lichtpuntjes. De goedkope roepia is goed voor de export, die vorig jaar 33 procent hoger lag dan in 1998. En in de schaduw van falende conglomeraten verrijzen kleine bedrijfjes die aan de weg timmeren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden