Indonesië is geen DDR in het jaar 1989

JAKARTA - De roep om verandering klinkt steeds luider in Indonesië. Maar ligt die ook om de hoek? President Soeharto maakt zich geen zorgen. Hij gaat volledig op in zijn aanpak van de economische crisis, en schroomt niet het op te nemen tegen de hele wereld.

Het Indonesische weekblad Detektif dan Romantika (D & R) kwam deze week met een opzienbarende cover, een speelkaart met daarop president Soeharto als schoppenkoning. De afbeelding kon op twee manieren worden uitgelegd: Soeharto gedraagt zich als een Javaans vorst, en: hoe je het ook wendt of keert, in Indonesië komt altijd dezelfde man boven.

De laatste interpretatie voerde de redactie aan als verdediging op de aanval van minister van informatie, Hartono. Die vond dat hier sprake is van “belediging van de president, want de president is geen koning”. “Jullie weten allemaal dat hij is gekozen”, zei hij in de krant Jakarta Post. De bewindsman zei dat het blad niet wordt verboden, zoals hij in '94 deed met het magazine Tempo, want “dat doet de regering niet meer”. D & R zal worden aangeklaagd, omdat de wet is overtreden. Die rechtsgang hoeft echter geen verschil te maken. Als Soeharto dat wenst, komt het blad niet meer op de markt. Geen rechter die daartegenin durft te gaan.

De gang van zaken illustreert hoe Indonesië verandert. De vooruitzichten van al die mensen die aandringen op werkelijke hervormingen in het land - studenten, professoren, oppositiebeweging, vakbonden, zakenlieden, en zelfs binnen het leger - zijn dan ook somber. In alle universiteitssteden demonstreren studenten op hun campussen, maar grootschalige protesten zitten er niet in.

Risico

“Wij kunnen geen campagne voor drastische hervormingen tolereren, omdat het risico te groot is op vernietiging van de natie”, waarschuwde een woordvoerder van de Abri-fractie (het leger) in de Volksvergadering MPR dezer dagen nog eens.

De duizend leden tellende MPR is deze en komende week bezig op DDR-achtige wijze te oordelen over het optreden van de president in de afgelopen vijf jaar. Dat wil zeggen het al vaststaande oordeel - goed - te bekrachtigen. Zoals het ook geen verrassing zal zijn wie volgende week tot president wordt gekozen, en wie zich vice-president mag noemen: het duo Soeharto en B.J. Habibie, de huidige minister van technologie.

Terwijl het de zwoegende afgevaardigden - vanaf grote borden langs de wegen wordt hen sterkte toegewenst - aan niets ontbreekt, probeert de grote massa van de bevolking te overleven in de economische crisis, die ongemeen hard toeslaat. Maar Indonesiërs blijven lachen als je hen vraagt hoe ze het redden: “Het is een wonder.”

Confrontatie

Het ergste is nog niet in zicht nu president Soeharto heeft besloten vol de confrontatie aan te gaan met het Internationale Monetair Fonds (IMF) en Westerse regeringen over de aanpak van de problemen. Dat werd gisteren duidelijk toen in Washington een boekje openging over het bezoek van Walter Mondale aan Jakarta, eerder deze week.

“We hebben minder garanties gekregen dan verwacht”, verzuchtte de voormalige Amerikaanse vice-president over de bereidheid van Soeharto de voorwaarden van het IMF uit te voeren, die zijn overeengekomen bij het afsluiten van het hulppakket van 43 miljard dollar, in januari. De woorden van Mondale waren voldoende om de Indonesische roepia te laten kelderen tot beneden de waarde van 12 000 tegen een dollar, oftewel een derde lager dan donderdag.

Of het niets was, kwam de regering-Soeharto vervolgens doodgemoedereerd met de aankondiging dat voedselimporten zullen worden gesubsidieerd, tegen de afspraken met het IMF in, om de prijzen in de winkels niet verder op te laten lopen.

Al maanden is duidelijk dat Soeharto de maatregelen van het Fonds zwaar op de maag liggen. De trotse Javaan weigert ook aan de leiband te lopen van het IMF. Veel ophef veroorzaakte hier dan ook de foto van de ondertekening van het akkoord in januari, waarbij IMF-voorzitter Camdessus staande neerkeek op Soeharto, die als een gedweeë schooljongen zijn handtekening zette.

Liever onderhandelt de president direct met zijns gelijken, als president Clinton en bondskanselier Kohl. Hij weet hoever hij kan gaan. Tenslotte stond het Westen na '65 direct klaar om het volledig failliete Indonesië van de onttroonde Soekarno onder de armen te grijpen, en de wederopbouw onder zijn, Soeharto's, leiding te ondersteunen. En de president bereikt langs andere wegen resultaten. Zo heeft Singapore al een garantiefonds van 8 miljard dollar bijeengesprokkeld, waarmee Indonesische bedrijven grondstoffen kunnen importeren om te blijven produceren.

Dat neemt niet weg dat 90 procent van de ondernemingen binnen vier tot zes maanden moet stoppen, en de economie dus tot stilstand komt, als de roepia niet fors in waarde stijgt. Dat voorspelt de econoom Kwik Kian Gie, tweede man in de oppositiebeweging van Megawati Soekarnoputri, de dochter van Indonesiës eerste president.

Hoe het gros van de Indonesiërs onder dergelijke omstandigheden het hoofd boven water moet houden, is een raadsel. Maar dat was het ook al toen het nog tijgerachtig goed ging met het land. “Een familie van twee volwassenen met twee kinderen heeft 15 000 roepia per dag nodig”, vertelt Atien van een welzijnsorganisatie. “Het minimumloon ligt nu op 5 750. Niemand betaalt dat, en steeds minder mensen krijgen nog loon, want er vallen voortdurend ontslagen.” Er zijn analisten die een soort van opstand verwachten als de crisis zich blijft verdiepen. Maar Kwik noemt dat 'wishful thinking'. “Stapje voor stapje zal de bestedingsruimte krimpen, de mensen wennen eraan en zullen het slikken. Dat van de handen ineen en de straat op, gebeurt niet in deze echte wereld.”

Er is ook niemand die leiding zou willen geven aan een daadwerkelijke volksbeweging, zo eentje als van Corazon Aquino, die in '86 de Filippijnse dictator Marcos verjoeg. Megawati, die haar nek uitstak door zich kandidaat te stellen voor het presidentschap, schrikt ervoor terug haar aanhang de straat op te sturen en uit te leveren aan geweld, dat volgens haar zal uitbarsten. Daarmee rekent zij er niet op dat het leger haar kant kiest.

'üén semester'

Moslimleider Amien Rais, die Soeharto eveneens uitdaagde, zingt plots ook een flinke toon lager. Ook hij constateert dat beslissende steun voor zijn positie uitblijft en heeft de president nog 'een semester' gegeven om het land uit de misère te leiden. De charismatische voorman van de grootste islamitische organisatie in Indonesië, Abdurrachman Wahid van de Nahdlatul Ulama (NU) (30 miljoen leden), is uitgeschakeld door een beroerte.

Begin dit jaar leek er even een coalitie mogelijk tussen Mega, Rais en Wahid. Hun gezamenlijke aanhang vormt een meerderheid van de Indonesische kiezers. Maar het idee sprong af op de NU-leider. Dat het anders moet - geen corruptie, nepotisme, eerlijke rechtspraak, verlichting van de armoede, dat klinkt van alle kanten. Er zijn wetenschappers die verklaringen uitgeven, bezorgde moeders delen babymelk uit, en professoren bezoeken demonstraties op de campussen.

Het verst gaan de studenten in hun protesten, maar ook zij willen een 'beleefde' campagne voeren om een uitbarsting van geweld te vermijden. De schrik zit er weer goed in na de voedselrellen van de afgelopen weken, waarbij vooral etnische Chinezen het slachtoffer waren.

Indonesië is geen DDR in het jaar 1989, waar de burgers uiteindelijk de gehate Muur konden afbreken. Het tijdperk-Soeharto is nog niet afgelopen. Met de benoeming van Habibie volgende week tot zijn tweede man bereikt de president een soort uitbreiding van zichzelf, waardoor hij nog jaren mee kan, vermits Allah het wil. De voor hem honderd procent betrouwbare, in Duitsland geschoolde ingenieur zal zijn rechter- en linkerhand vormen.

Het denken blijft van Soeharto zelf komen, zij het op enige afstand.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden