'Indië verloren, rampspoed geboren'

Birney laat zoon terugkijken op de oorlogsmisdaden van zijn vader in Nederlands-Indië

'Indië verloren, rampspoed geboren': met die wanhoopskreet klampte Nederland zich na afloop van de Tweede Wereldoorlog tegen beter weten in vast aan het bezit van zijn reusachtige eilandenrijk in het Verre Oosten. Pas toen Amerika onze regering onder druk zette, was die bereid om afstand te doen. In december 1949 eindigde het koloniale drama met de soevereiniteitsoverdracht aan de republiek Indonesië. Er waren vier jaren van wreedheden aan voorafgegaan, met vele tienduizenden doden aan beide kanten, soldaten en burgers.

Ook na de Indonesische onafhankelijkheid was het leed nog lang niet geleden. In de zesenzestig jaar die volgden kregen we te maken met de kwestie Nieuw-Guinea, de repatriëring van uitgewezen Indische Nederlanders, de Molukse treinkapingen, en last but not least de steeds weer oplaaiende discussie over de vraag of het Nederlandse leger zich in de strijd tegen de Indonesische rebellen wel of niet aan oorlogsmisdaden schuldig gemaakt had.

Het nog altijd niet afdoende verwerkte en dus ook steeds maar weer uitgestelde afscheid van Nederlands-Indië heeft onze literatuur niet onberoerd gelaten. We danken er werk aan van de godfather van de Indische letteren Tjalie Robinson, Marion Bloem ('Geen gewoon Indisch meisje'), Jeroen Brouwers ('De zondvloed'), Adriaan van Dis ('Indische duinen') en Pauline Slot ('Soerabaja'). Plus het complete oeuvre van Alfred Birney, waarvan je zonder te overdrijven kunt zeggen dat het zonder het dekolonisatietrauma nooit geschreven zou zijn.

Gelet op de slotzin van Birney's nieuwe roman, 'De tolk van Java', lijkt het erop dat hij wel bereid is om afscheid te nemen. Terugblikkend op het eerste en enige bezoek aan het geboorteland van zijn vader beseft Alan, het alter ego van de schrijver, dat hij zich buigt over het verleden zonder daarin zijn eigen spiegelbeeld te zien. Dan neemt hij een besluit. 'Ik vecht niet langer, ik hou ermee op.' Er zijn vele honderden pagina's aan voorafgegaan waarin hij voor een harde confrontatie met zijn vader en diens geschiedenis heeft gekozen. Beetje bij beetje heeft hij daarbij ontdekt hij dat hij meer met die vader gemeen heeft dan hem lief is.

Arend Noland (let op de betekenisvolle achternaam!), bastaardzoon van een blanke vader en een Chinese moeder, is 16 als Japan zich meester maakt van Nederlands-Indië. Hij raakt betrokken bij verzet en sabotage, scheert een paar keer rakelings langs het randje van de dood, maar weet telkens de dans te ontspringen. Na de Japanse capitulatie neemt hij dienst als tolk bij de veiligheidsdienst van het korps mariniers, beijvert zich in het hardhandig verhoren van Indonesische vrijheidsstrijders en ruimt er vele tientallen uit de weg.

Na het einde van het Nederlandse bewind wordt de Javaanse grond Arend te heet onder de voeten. Hij laat zich overplaatsen naar Den Haag, trouwt met een Brabants meisje dat al enige tijd zijn penvriendin was en krijgt samen met haar vijf kinderen. Die groeien niet in harmonieuze omstandigheden op. Vooral zijn drie zoons worden in overeenstemming met de Indische gewoonten regelmatig getrakteerd op een corrigerend pak slaag met de riem. Maar ook de echtgenote blijft niet voor zijn mishandeling gevrijwaard. Het gevolg is dat het gezin uit elkaar valt. Moeder kiest voor zichzelf, het kroost wordt gedumpt in een tehuis, en vader ziet al zijn pogingen om zijn ouderlijk gezag te laten gelden stranden op bezwaren van de Kinderbescherming. Hij besteedt vrijwel al zijn tijd aan het opstellen van bezwaarschriften en het boekstaven van zijn oorlogsherinneringen.

Die beslaan meer dan de helft van deze roman en blinken uit in het wellustig etaleren van een Rambo-achtige heldhaftigheid die zich vooral manifesteert in het neerknallen, aan flarden schieten en doodsteken van Jappen en zogeheten peloppers, alles 'in naam van Koningin en Vaderland'. Zoon Alan neemt weliswaar afstand van deze bedenkelijke machopraat, maar dat neemt niet weg dat de lectuur ervan na een tijdje enorm gaat tegenstaan - niet alleen omdat die weerzinwekkend is, maar vanwege de eindeloze herhaling van steeds dezelfde weerzinwekkendheden ook nog eens dodelijk vervelend. Jammer, want het gegeven van 'De tolk van Java' is belangwekkend genoeg. Er had alleen een veel beter boek in gezeten.

Alfred Birney: De tolk van Java

De Geus, 471 blz. euro 22,50

Roman over Javaanse tolk erg herhalend in beschrijvingen van oorlogsgewelddadigheden

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden