India wil Pakistan niet hard vallen

In India is wel geroepen dat Pakistan achter de aanslagen van maandag in Bombay zou zitten, maar een keiharde beschuldiging is uitgebleven. De regering in New Delhi wil niet dat de gebeurtenissen de opbloeiende relatie tussen beide landen verstoort.

AMSTERDAM - Een dag na de bloedbaden in Bombay kwam gisteren een Indiase delegatie aan in het Pakistaanse Islamabad om te praten over herstel van het luchtverkeer tussen beide landen. Het is nog afwachten wat de Indiase premier Atal Bihari Vajpayee vandaag gaat zeggen als hij het Indiase deel van Kashmir bezoekt, waarvan de Pakistanen vinden dat de Indiërs er niets te zeggen hebben. Maar het lijkt erop dat New Delhi de sinds dit voorjaar verbeterde relatie met Islamabad niet wil verpesten door de gebeurtenissen in Bombay.

Dat neemt niet weg dat Indiërs wel gelijk suggereerden dat de Pakistanen de hand zouden hebben in de aanslagen in Bombay. Het verst gingen nog de plaatselijke politie en vice-premier Lal Krishna Advani. Die laatste achtte het heel wel mogelijk dat de acties het werk zouden zijn van de Beweging van islamitische studenten in India (Simi).

Deze club is verboden nadat leden na de aanslagen in de VS op 11 september 2001 met posters van Osama bin Laden de straat op gingen. Simi heeft volgens India banden met Lasjkar-e-Toiba (LeT), een Pakistaanse rebellengroep die actief is in Kashmir en op zijn beurt steun krijgt van Islamabad, hetgeen Pakistan ontkent. Simi/LeT zouden verantwoordelijk zijn voor vijf aanslagen dit jaar in Bombay, dus waarom ook niet voor deze zesde, aldus Advani.

De veroordeling van de bloedbaden door Pakistan wuifde hij weg met de opmerking: ,,Laat ze eerst maar eens de negentien criminelen overdragen van wie wij de uitlevering hebben gevraagd in verband met de aanval op ons parlement, om te bewijzen dat ze het menen.'' Die aanslag in december 2001, waarbij vijftien doden vielen, zou mede door LeT zijn gepleegd.

Pakistan aanmerken als dader, en daarmee 'de moslims', is spelen met vuur. De altijd gespannen verhoudingen tussen hindoes en islamieten heeft maar een vonkje nodig om tot uitbarsting te komen. In de afgelopen jaren zijn duizenden doden gevallen bij onlusten tussen beide geloofsgroepen.

Dat was onder meer het geval toen hindoes in 1992 de 16de-eeuwse Babri-moskee in Ayodhya afbraken. Tweeduizend mensen, voornamelijk moslims, kwamen begin vorig jaar om bij de rellen die uitbraken nadat islamieten een trein met hindoepelgrims in brand hadden gestoken bij Godhra, in de deelstaat Gujarat.

Dat laatste incident bracht de twee atoommachten India en Pakistan op de rand van een oorlog. De landen trokken een miljoen militairen samen langs hun grenzen. Premier Vajpayee brak op 18 april de spanning door 'een hand van vriendschap' uit te steken naar de aartsvijand. Sindsdien zijn de diplomatieke betrekkingen tussen beide landen en het busverkeer hersteld.

Anders dan vice-premier Advani drukte de Indiase minister van buitenlandse zaken zich gisteren veel voorzichtiger uit. Op een symposium in Singapore sprak hij in algemene termen over het groeiend gevaar van het terrorisme in de regio, met een verwijzing naar de aanslagen in Jakarta en Bali.

Maar hij was dan ook gebeld door zijn Amerikaanse collega Colin Powell. Die drukte hem op het hart de relatie met Pakistan niet op scherp te zetten. Gegeven hun samenwerking met Islamabad in hun strijd tegen de Taliban in Afghanistan, hebben de Amerikanen geen enkele behoefte aan een oplaaiend conflict in Zuid-Azië.

De reden voor Advani om toch een beetje met vuur te spelen, lijkt een electorale. Hij is een havik in de BJP, de grootste regeringspartij, en heeft het inmiddels geschopt tot de nummer twee-positie. De aanhang ziet in hem de man die het terrein kan terugwinnen dat verloren ging bij de jongste deelstaatverkiezingen. En volgend jaar zijn er weer algemene verkiezingen in India.

Waar de daders van de aanslagen in Bombay werkelijk gezocht moeten worden, blijft ondertussen onderwerp van speculatie. Er wordt een verband gelegd met het verschijnen van een rapport, uitgerekend eergisteren, over de omstreden heilige grond in Ayodhya. Archeologen in dienst van de overheid zeggen daar sporen gevonden te hebben van een hindoetempel uit de 10de eeuw. En dus zouden moslims er niets te zoeken hebben.

Die conclusie heeft tot grote commotie geleid, en de aanslagen lijken die te versterken. BJP'er Advani zal er niet rouwig om zijn: de kwestie zal de politieke agenda de komende tijd beheersen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden