'In Zeist klonen ze Van Gaaltjes'

De voetbalwereld is in beweging, uit angst internationaal nog verder achterop te raken. Er wordt door de clubs veelvuldig over de grens gekeken, maar misschien is het geen gek idee de grenzen ook weer open te stellen. Voor buitenlandse ideeën, voor buitenlandse systemen, voor buitenlandse trainers.

AMSTERDAM - De competitie opzet wordt, met allerlei play-offs, veranderd. Het moet spannender en met meer strijd. Zo denken de clubs in de eredivisie het achteruit hollende niveau een halt toe te roepen.

Hans Meyer, een Duitse trainer destijds in dienst van FC Twente, sprak jaren geleden al waarschuwende woorden. ,,De competitie in Nederland ontbeert de hoogspanning. Alleen als je echt heel slecht bent, degradeer je. Zonder druk krijg je een competitie voor hobbyisten'', aldus Meyer.

Er is te lang gehoopt en lijdzaam gewacht op betere tijden. Er is vertrouwd op al die fantastische vier- of vijfsterrenvoetbalopleidingen in het land. Dat zou toch vanzelf toptalent moeten gaan opleveren?

En er werd blind gevaren op de Zeister trainersschool. ,,'Onze opleiding wordt vaak de beste van de wereld genoemd'', zo staat er op de website van het CBV (vakbond voor de coaches in het betaalde voetbal) allesbehalve bescheiden te lezen.

Ze mogen best een beetje minder hoog van de toren blazen. Frank Rijkaard werkt bij Barcelona misschien bij een Europese topclub, maar verder zijn er in de top toch echt geen Nederlandse trainers werkzaam.

In een land van zestien miljoen bondscoaches en ruim driehonderd wereldtrainers veranderde zelfbewustzijn langzaam in zelf ingenomenheid, vervolgens in zelfverheerlijking.

Naar de waarschuwing van Meyer werd destijds niet geluisterd. Hij werd uitgelachen, weggehoond. Hij werd verguisd. En toen is hij maar weer verhuisd. Terug naar Duitsland.

Zo verging het meer buitenlandse trainers in de eredivisie. Vorig seizoen werd de laatste uitgejouwd en weggestuurd. De Belg René Vandereycken moest bij FC Twente wijken voor zijn assistent Rini Coolen, de jongste spruit uit de Zeister Bossen. Daardoor is er in de eredivisie dit seizoen, voor het eerst sinds jaren, geen buitenlandse oefenmeester meer werkzaam.

Ernst Happel, Stefan Kovacs, Vujadin Boskov en Vaclav Jezek hebben met Nederlandse clubs geschiedenis geschreven.

Ajax werd van 1945 tot 1965 geleid door Oostenrijkse en Britse coaches, het Nederlands elftal had met Elek Schwartz, Denis Neville, George Kessler en Frantisek Fadrhonc vermaarde bondscoaches.

Neem 1976. Toen waren er met de Joegoslaaf Boskov (Den Haag, later Feyenoord), de Pool Brzanzczyk (Feyenoord), de Brit Hughes (Haarlem), de Joegoslaaf Ivic (Ajax), de Luxemburger Kohn (Twente) en de Tsjechoslowaak Malatinsky (Den Haag) zes buitenlandse trainers in de eredivisie werkzaam.

,,Toen ik in Nederland kwam, waren er Hongaars- Oostenrijkse invloeden. Daar hebben we wat Britse ideeën doorheen gemengd'', zegt de inmiddels 67-jarige Barry Hughes, Welshman uit Heemstede. ,,Het voetbal was een mengelmoes van stijlen. Iedereen had zijn eigen inbreng: techniek, tactiek, lef of glamour. Dat was prachtig.''

Over de vorige generatie wordt nog steeds vol respect gesproken. De buitenlandse trainers die de afgelopen jaren de Nederlandse dug-outs bevolkten, werden zo'n beetje het land uitgepest.

De Belg Georges Leekens was een seizoen werkzaam bij Roda JC. ,,Te behoudend. Als trainer te slap, als technische directeur te lui'', zo luidde het eindrapport.

Eric Gerets was de voorganger van Hiddink bij PSV en werd in drie seizoenen twee keer kampioen. Desondanks kreeg ook hij wat trapjes na. Gerets was niet recht door zee, hetgeen ook Vandereycken (Twente) werd verweten.

De Duitser Herbert Neumann (Vitesse en NAC) was te lief, te aardig, een romanticus. Zijn landgenoot Hans Meyer (FC Twente) te dik, te oud, bovendien te Oost-Europees.

Morten Olsen kon maar weinig goed doen bij Ajax, Massimo Morales kreeg geen kans bij De Graafschap, Artur Jorge vluchtte na drie maanden Vitesse terug naar Zuid-Europa.

En dan was er nog Robson. Sir Bobby kreeg zijn adellijke titel echt niet alleen omdat hij zo'n keurige gentleman is. Robson gold decennialang als een top trainer. Behalve toen hij in de zomer van 1998 een jaartje als tussenpaus bij PSV aan de slag ging. Toen ineens was hij, volgens Brabantse critici, te oud, een chaoot, vergeetachtig en was zijn oefenstof stoffig.

,,Niemand is perfect'', zegt Neumann. ,,Bij trainers van buitenaf wordt wat nadrukkelijker naar de minpunten gekeken. Van Marwijk ervaart aan deze kant van de grens, bij Dortmund, nu hetzelfde. Het is een internationale, menselijke reactie: angst voor het onbekende.''

,,Nederland heeft een trainersopleiding om trots op te zijn'', vervolgt Neumann, die in november 1999 bij Vitesse werd ontslagen en het trainersvak verliet. ,,Maar dat wil niet zeggen dat je de grenzen voor andere opvattingen moet sluiten. Dat is kortzichtig, en protectionisme. Je moet buitenlandse trainers niet als bedreiging maar als verrijking zien.''

,,Zoveel prijzen worden er internationaal nou ook weer niet gewonnen'', zegt Hughes cynisch. ,,De Hollandse School... Dat is hard naar voren rennen en de achterhoede verwaarlozen. De competitie is echt veel te eenzijdig. Dankzij al die Zeister marionetten. In Zeist proberen ze nieuwe Cruijffjes en Van Gaaltjes te klonen.''

,,Ik heb als trainer met heel veel van die jongens gewerkt:

Gerets, Van Marwijk, Gullit, Advocaat, Blind, Van Gaal, Verbeek, Van Zoghel, Pot en Spijkerman'', somt Hughes op. ,,Een aantal van hen had als speler totaal geen ideeën. Maar de stof is erin gedreund en nu hebben ze van die mooie diploma's. Nederland is een diplomaland. Straks heb je zelfs een certificaat nodig om naar de wc te gaan.''

,,Ik zie in het Nederlandse voetbal allemaal Willie Wortels om me heen'', zei Meyer al eerder. ,,Allemaal van die jonge uitvinders.'' Bobby Haarms, meer dan dertig jaar assistent-trainer bij Ajax, verbaast zich er ook over: ,,Het is mode. Het vertrouwen in trainers met zo'n diploma, waarvan de inkt nog niet eens is opgedroogd, is belachelijk groot.''

Als er ergens een trainer opstapt, levert het CBV de club snel een lijstje met werkloze vakbroeders. Nederlandse trainers natuurlijk. ,,Maar we moeten niet roomser dan de paus zijn'', erkent CBV-voorzitter Foppe de Haan. ,,Een goede buitenlandse trainer zou een verrijking zijn. Kijk maar wat voor een stappen de Engelse competitie vooruit heeft gezet na de komst van vooral Franse trainers. Soms loop je voorop, soms achterop. We kunnen nu niet zeggen dat we voorop lopen, en dus tevreden achterover leunen. We moeten goed rondkijken.''

CBV-directeur Jan Reker denkt er echter toch wat anders over: ,,Het is goed dat we lekker eigenwijs blijven... Daar zijn we groot mee geworden.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden