In zak en as

En ik had me er nog wel zo op verheugd, op de Nieuwe Bijbelvertaling: eindelijk een vertaling die recht doet aan de schooonheid van het origineel en aan wat de vertellers bewoog om het zó op te schrijven en niet anders, eindelijk een vertaling die oog heeft voor hun beeldende manier van vertellen en die de rijmen respecteert waarmee zij met het ene verhaal het andere oproepen, eindelijk een vertaling die klinkt als je hem leest.

Soms dacht ik: zal ik voor het nieuwe deel van Het verhaal gaat. . . vast vragen om de tekst, dan hoef ik niet langer zelf een vertaling in elkaar te knutselen en dan sluit ik aan bij de vertaling die straks een halve eeuw op de kansels en in de huizen ligt.

Toen EO Tijdsein vroeg of ik bereid was Jona vast te lezen en van een commentaar te voorzien, had ik eigenlijk geen tijd, maar ik stemde toe, zo nieuwsgierig was ik de tekst al een week eerder in huis te hebben.

“Misschien wilt u eerst een stukje voorlezen?”, vroeg de verslaggever. Ik schrok van mijn weerzin, kreeg de woorden van die eerste zin nauwelijks over mijn lippen. Ik had er waarachtig van wakker gelegen, die nacht, ik dacht maar steeds: waarom toch dit en waarom toch dat, waarom niet zus en waarom niet zo? Ben ik nu gek? Wie denk je wel dat je bent om deze vertaling zo verwerpelijk te vinden, de mannen en de vrouwen die er jaren aan werkten beheersen het Hebreeuws en weinig geheimen van het boekje Jona kunnen ze zijn ontgaan, ze kennen de vakliteratuur. Ik nam mij voor om voor de radio maar een beetje mild te blijven.

Maar toen ik eenmaal bezig was, kon ik mijn teleurstelling niet verborgen houden. Het begin al: Eens richtte de HEER zich tot Jona. In het Hebreeuws staat: Het woord van de HEER geschiedde tot Jona. Ik vind dat mooi, ik zou het in mijn hervertelling van de bijbel rustig zo laten staan, ik schrijf voor een breed publiek maar ik weet zeker dat iedere lezer die woorden moeiteloos kan volgen en je houdt het oerbijbelse en in iedere vertelling zo belangrijke En het geschiedde ermee in ere.

Maar goed, laat ik de vertalers volgen in hun overweging dat het anders moet, hoe vertaal je het dan? Het woord van de HEER kwam tot Jona maakt de vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap ervan. Daar is niets mis mee. Maar wat doet de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)? Eens richtte de HEER zich tot Jona. Ambtenarentaal. Mijnheer de voorzitter, ik richt mij tot u... Het is bovendien een uitspraak die iets over de Heer zegt, terwijl de verteller iets over Jona vertelt, namelijk dat het woord van de Heer tot hem kwam: de camera staat beneden. Heel geheimzinnig is dat, als langs wondere wegen het woord van de Heer tot je komt.

Wat hoort Jona de Heer zeggen? Ik blijf dichtbij het origineel: Sta op, ga naar Nineve, die grote stad, en roep tegen haar, want opgestegen is hun kwaad voor mijn aangezicht. Ik wil niet beweren dat je het zo letterlijk moet vertalen, al is daar weinig tegen, maar wat maakt de NBV ervan? Maak je gereed (pak je koffers!), en ga naar Nineve, die grote stad, om haar aan te klagen, want het kwaad dat ze daar doen is ten hemel schreiend.

Een profeet is evenwel geen officier van justitie die aanklaagt, en de prachtige beweging van het kwade dat opstijgt naar boven (straks gooit de Heer een hevige wind naar beneden) gaat verloren in het moraliserende ten hemel schreiend.

Luistert Jona? Hij stond op... (nu zal hij gaan!), om te vluchten naar Tarsis, weg van voor het aangezicht van de Heer. De gein gaat in de NBV goeddeels verloren, en dat Jona onder Gods ogen vandaan zoekt te komen ook: Hij maakte zich gereed, maar vluchtte naar Tarsis, weg van de HEER.

God laat het stormen op zee, en wat doet Jona terwijl het schip bijna breekt en de zeelieden wanhopig trachten het schip drijvende te houden? Hij daalt af in het scheepsruim. NBV: Hij was in het ruim van het schip afgedaald. Wanneer? Reeds voor de storm opstak? Nee, terwijl de storm woedt smeert hij 'm.

Jona valt in een diepe slaap. De schipper gaat naar hem toe: “Hoe kun jij zo diep slapen?” NBV: “Wat lig jij hier te slapen?” Waarom zo plat, waarom die diepte wegvertaald? Omdat het een eenvoudige schipper is, zeker.

De zeelieden proberen uit alle macht om Jona op het droge te krijgen (dat moet de bedoeling van het dertiende vers zijn, en niet wat de NBV daarvan maakt), maar Jona zal niet eerder op het droge belanden dan wanneer ten derden dage de vis hem op het droge uitspuwt. Waarom laat de NBV dat droge niet gewoon staan, waarom maken ze daar het land van? Het droge is mooi en goed Nederlands en je toont eerbied en respect voor de verteller van weleer die hier welbewust en zeer zorgvuldig voor het droge kiest en daar mee zijn verhaal laat rijmen op drie hoogst gewichtige hoofdstukken uit de Schrift: het scheppingsverhaal, het verhaal van de uittocht en het verhaal van de intocht. Wat beweegt de vertalers om het werk van die woordkunstenaar naar de Filistijnen helpen? Straks moeten we wéér een halve eeuw van de preekstoel zeggen: 'Gemeente er staat dat en dat maar eigenlijk staat er...'. Waarom? Dit zou toch een kanselbijbel worden?

In een toelichting zeggen de vertalers dat Jona in eenvoudige taal geschreven is. Jazeker, maar wel met veel raffinement. Als Jona ten einde raad uitroept (ik vertaal even letterlijk): 'Heer, neem toch mijn ziel van mij, want dood is mij beter dan leven', citeert hij de wanhopige Elia, en je doet de verteller natuurlijk onrecht door dat weg te vertalen met: 'Laat me dan maar doodgaan, HEER: ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven.' Daarbij: wat arm van taal vergeleken met de beeldende kracht van het origineel!

En dan die afschuwelijke bijzinnen: Nadat Jona Nineve had verlaten, was hij ergens aan de oostkant van de stad gaan zitten. Wat staat er in het origineel? Jona ging de stad uit en zette zich neer (niet ergens) ten oosten van de stad. Met zo'n bijzin haal je de spanning uit het verhaal die de schrijver er nu net zo mooi (en simpel) inlegt. Waarom? En waarom steeds dat ze en we? Ze vroegen, ze hoorden, wat moeten we met je doen? Iedere goede verteller wisselt we en wij, ze en zij subtiel af, en dat doet hij afhankelijk van de plaats van het woord in de zin en van de klank die hij wil laten klinken, de melodie van de zin. Bovendien is schrijftaal geen spreektaal. Laat het maar aan de voorlezer over of die van zij ze wil maken.

Jona zette zich neer in de schaduw. En de koning van Nineve, tegen wie hij geprofeteerd heeft? Die bedekte zich met een zak en zette zich neer in de as. Zo staan die twee tegenover elkaar: de 'heiden' doet boete, de 'gelovige' gaat zitten kijken hoe de stad naar de bliksem gaat. Wat doet de NBV? De koning ging, gehuld in een zak, (weer zo'n zakkige bijzin) op de grond zitten.

'Gemeente, er staat dat hij op de grond ging zitten, maar in werkelijkheid zette hij zich in de as. U vraagt zich af waarom de vertalers dat niet gewoon laten staan? Dat is omdat zij denken dat u dom bent. U kunt weinig begrijpen, dus geven ze u ook weinig te begrijpen. U denkt dat je depressief bent als je in zak en as zit, de oorspronkelijke betekenis dat je dan rouw draagt en boete doet is verloren gegaan, en denk maar niet dat u die kennis, de Schrift lezend, kunt herwinnen.'

'Gemeente, ik zeg het maar eerlijk, ook de taal van de bijbelse poëzie is wat te hoog gegrepen voor u. Neem bijvoorbeeld die wonderboom van Jona die in één nacht verwelkte. Eén nacht oud is hij geworden, één nacht oud ging hij verloren, zegt de oude verteller. U zult wel begrijpen dat u dat niet kunt begrijpen. Daarom zal ik het voor u wat eenvoudiger zeggen: het gaat hier over een plant die in één nacht opkwam en in één nacht verging. Ik zie dat u het nu wel begrijpt. Maar het blijft jammer dat u het Hebreeuwse origineel niet kunt lezen, want daar is het pure poëzie, maar ja, bij een vertaling gaat veel verloren, dat kan nu eenmaal niet anders.'

Of kan het wel anders? Het kan anders, en ik kan zo een paar mensen opnoemen die daar dolgraag bij willen helpen. Ik hoop en bid dat de vertalers die zo moedig zijn ons dat voorproefje voor te leggen inderdaad bereid zijn hun 'werk in uitvoering' opnieuw te bezien en net als de koning van Nineve even met deze vertaling in de as gaan zitten, om er daarna stralend met gevleugeld Nederlands uit te herrijzen. Uit hoogachting voor de vertellers van toen en uit hoogachting voor de hoorders van nu.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden