In Westen relatief onbekend, in China een superster

Mo Yan krijgt Nobelprijs voor de Literatuur

Geen Philip Roth, geen Haruki Murakami, geen Margaret Atwood en al helemaal geen Cees Nooteboom.

De Nobelprijs voor de Literatuur gaat dit jaar naar de Chinese schrijver Mo Yan. Dit maakte de Zweedse Academie gistermiddag bekend.

Met de keuze voor de Chinees toont het Nobelcomité zich opnieuw onvoorspelbaar, nadat het vorig jaar al de relatief onbekende Zweedse dichter Tomas Tranströmer de prijs toekende.

Mo Yan (57) werd in de traditionele prognoses van zogenaamde literaire kenners wel genoemd, maar hij is niet de vanzelfsprekende, alom bekende naam. Althans: Mo Yan is (nog) geen Orhan Pamuk (winnaar in 2006) of John Maxwell Coetzee (winnaar in 2003).

Wie is Mo Yan dan wel? "In China is hij een superster, een schrijver met een gigantische status", zegt Maghiel van Crevel, hoogleraar Chinese taal en letterkunde aan de Universiteit Leiden. Volgens Van Crevel brak Mo Yan door in de tweede helft van de jaren tachtig. In China en internationaal. Wat hem volgens de hoogleraar interessant maakt is zijn politieke positie. "Mo Yan is geen anti-regime schrijver, maar hij volgt ook niet de officiële lijn van de partij. Hij begon als lid van de culturele afdeling van het Volksleger. Inmiddels spreekt hij een breed publiek aan, van conservatief tot progressief."

Een simpel onderscheid tussen voor of tegen het regime zijn, vindt Van Crevel sowieso ondoenlijk: "Die dingen zijn niet zo zwart-wit. Mo Yan balanceert misschien, maar trekt zijn eigen plan."

Over de literaire kwaliteiten van Mo Yan is Van Crevel beslist: "Ik vind hem een ongelooflijk goede verteller uit een heel sterk lokale, Chinese traditie, waarin allerlei zaken vervloeien: geschiedenis en mythologie, verbeelding en werkelijkheid. Hij schrijft barok, vet, voluit."

Mo Yan werd op 17 februari 1955 geboren in een landbouwersgezin in Shandong, een provincie aan de oostkust van het land. Na eerst als fabrieksarbeider en later als soldaat gediend te hebben, richtte Yan zich in 1981 definitief op het schrijven. Mo Yan is een pseudoniem en betekent 'spreek niet', maar in zijn romans klinkt een volstrekt eigen stem door. Hij laat veel dwarsheid en ironie toe, staat er in 'Chinese literatuur van nu', van recensent en Chinees literair vertaler Mark Leenhouts. Mo Yan overdrijft in zijn taal bewust, met vaak groteske symboliek, die kan worden gelezen als verkapte kritiek op de potsierlijke partijtaal van de Communistische Partij: 'Het koren dat op een zee van bloed lijkt, waar ik keer op keer de lof van heb gezongen, is in de kolkende stroom van de revolutie verdronken.' De zin komt uit zijn beroemdste roman 'Het rode korenveld', uit 1986, die een jaar later werd verfilmd. Het Rode Korenveld is ook in het Nederlands vertaald en gaat ruwweg over het Chinese platteland in de jaren dertig, waar het verzet tegen de Japanse bezetter hevig is.

Tot nu toe zijn zeven werken van Mo Yan in het Nederlands vertaald. In december verschijnt bij Uitgeverij De Geus zijn nieuwste roman 'Kikkers', over éénkindpolitiek in China.

De Chinees ontvangt met het winnen van de Nobelprijs een medaille, een diploma en een bedrag van ongeveer 930.000 euro.

Geen anti-regime schrijver, hij balanceert wel

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden