In veelkleurige samenleving past term 'minderheden' niet

De auteur is politicoloog, verbonden aan de Universiteit van Utrecht, en lid van D66.

Het gaat immers niet meer om etnische minderheden, maar om het vraagstuk van onze multi-etnisch geworden bevolkingssamenstelling en de gevolgen daarvan. Een multietnisch beleid vereist een verandering in het kijken naar allochtone burgers. Wanneer men blijft spreken over 'de minderheden en het minderhedendebat' kan dat ertoe leiden dat het vraagstuk en de ermee samenhangende problemen ten onrechte uitsluitend op het bordje van de allochtone burgers worden gelegd. Er wordt dan immers (te) veel nadruk gelegd op de achterstanden en het 'afwijkend zijn' van allochtone burgers. Vanuit een goedbedoeld paternalisme en morele bevlogenheid worden 'de minderheden' allerlei extra's (projecten, hulp, bescherming, enzovoort) geboden.

Allochtone burgers worden daarbij te veel beschouwd als groepen waarvoor moet worden gezorgd. Zij worden nauwelijks als een wezenlijk onderdeel van de Nederlandse samenleving erkend en hun capaciteiten worden niet maximaal gemobiliseerd. Bovendien blijven de institutionele structuur van de totale samenleving en de gevestigde normen veelal buiten schot.

Achterhoede

Het huidige minderhedenbeleid wekt de suggestie dat er van alles en nog wat wordt gedaan voor 'de minderheden'. Zo ontstaat een 'witte' achterhoede (white backlash) die zich achtergesteld voelt en die momenteel de politieke agenda lijkt te gaan bepalen. Het is overigens een goede zaak dat de VVD de discussie heeft aangezwengeld. Tegelijkertijd moet men er alert op zijn niet op een hellend vlak te geraken.

Nederland bestaat uit verschillende etnische groepen, waarvan de

ochtone gemeenschap er een is, zij het de dominante. Een multi-etnisch beleid heeft tot doel onze samenleving zodanig in te richten dat alle burgers, vanwaar ook afkomstig, daarin werkelijk meedoen. Bij een multi-etnisch beleid worden ook de autochtone burgers betrokken, met name degenen die in contact komen met allochtonen, zoals de bewoners van oude stadswijken.

Bij multi-etnisch beleid wordt expliciet rekening gehouden met de etnische dimensie in onze samenleving en de positieve en negatieve gevolgen daarvan. Allochtonen worden tot de eigen bevolking gerekend; lokale overheden rekenen hen tot de lokale bevolking en stemmen hun beleid daarop af. Uitgangspunt is gelijkwaardig burgerschap: allochtone burgers hebben net als autochtone burgers plichten en rechten. Zij moeten maximaal investeren in deze samenleving: Nederland erkennen als hun land, de mythe van terugkeer overboord gooien, de Nederlandse taal leren, de kansen op arbeid optimaal benutten, zich medeverantwoordelijk voelen voor buurtbeheer en veiligheid, enzovoort.

Naast autochtone Nederlanders zijn er dus Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en andere allochtone Nederlanders. De toekomst van hun kinderen en bijgevolg die van de Nederlandse samenleving is immers in het geding.

Rechtvaardig

De erkenning dat ons land een multi-etnische samenleving is geworden, maakt de etnische dimensie tot een belangrijk gegeven. Bijgevolg zal de etnische afkomst van alle burgers moeten worden betrokken in het beoordelen, toetsen, controleren en evalueren van een beleid dat tot doel heeft een rechtvaardige samenleving te bereiken. Een dergelijke etnische 'monitoring' zal zakelijk moeten gebeuren. Toegegeven: idealiter zou etnische afkomst geen rol mogen spelen, maar in bijna alle multi-etnische samenlevingen is er sprake van (rassen)discriminatie in de toedeling van kansen.

In onze multi-etnische samenleving is integratie de weg voor het realiseren van volwaardig burgerschap voor allochtone groepen. Het volledig laten opgaan van allochtonen in de dominante groep en het opgeven van de culturele eigenheid ofwel assimilatie heeft tot gevolg dat zij niet als volwaardige burgers worden beschouwd. Burgerschap houdt onder andere in dat men gelijke (burger)rechten heeft, de eigen culturele identiteit mag behouden en een eigen institutionele structuur in stand mag houden, zoals islamitische scholen.

Etnische segregatie in cultureel en ander opzicht leidt ertoe dat allochtonen nauwelijks kunnen deelnemen aan brede verbanden in de samenleving en geen oog hebben voor het algemeen belang en hun plichten als burger.

Met de integratie, de gelijkwaardige deelname van allochtone burgers aan onze samenleving is het nog droevig gesteld. Momenteel blijken verhoudingsgewijs veel minder allochtone dan autochtone burgers deel te nemen aan bij voorbeeld (beroeps)arbeid. Allochtone burgers van niet-Europese afkomst zijn vaker in de negatieve domeinen van de samenleving terug te vinden: zij zijn vaker en langduriger werkloos, er is sprake van onderprestatie in het onderwijs - en veel allochtone jongeren zijn in de marge van onze maatschappij terecht gekomen.

De erkenning dat Nederland multietnisch is geworden en een multietnisch beleid behoeft, brengt tevens met zich mee dat allochtone burgers niet meer als 'exotisch' of anders/afwijkend worden beschouwd, maar juist als een integraal onderdeel. Indien blijkt dat bepaalde gevestigde (autochtone) praktijken en normen leiden tot achterstelling van leden van allochtone groepen is interventie nodig.

Niet streng genoeg

Naast de bekende recruteringspraktijken en gewoonten op de arbeidsmarkt zijn er meer heikele zaken waarover men nog steeds niet wil of durft te debatteren. Allochtone ouders, maar ook veel allochtone leerkrachten, vinden het schoolklimaat niet streng genoeg, en wijten het daaraan dat hun kinderen met slechte rapporten thuiskomen. Of men neme de toekenning van straffen: bij veel allochtone delinquenten heeft de opgelegde straf niet het beoogde effect en resocialisatie blijft uit. Men begrijpe mij goed: ik pleit niet voor zwaardere straffen maar voor meer geeigend straffen. Men zou deze jongeren bijvoorbeeld in een internaat met een meer geeigend regime de kans kunnen bieden te resocialiseren. Dit betekent niet dat er getornd wordt aan het gelijkheidsbeginsel, maar dat er juist een methode wordt toegepast om gelijkheid te bereiken.

In principe komt het multi-etnisch beleid erop neer dat overal waar sprake is van een oververtegenwoordiging van allochtonen in negatieve domeinen van onze samenleving interventie nodig is. Nagegaan wordt in hoeverre de oorzaken hiervan schuilen in de opbouw van institutionele arrangementen en de gevestigde normen en waarden die worden gehanteerd. Dit kan men beschouwen als het opsporen van 'institutioneel racisme', of zo men wil institutionele discriminatie dan wel institutionele achterstelling.

Indien allochtone burgers niet in een generatie op het niveau van autochtone burgers zijn te brengen vanwege achterstanden dan moet men banen op hun niveau scheppen. Assistent-politieagenten, splitsen van taken en vereenvoudiging van ingewikkelde functies en soortgelijke banen die zich weliswaar aan de onderkant van de arbeidsmarkt bevinden, maar leiden tot inschakeling van allochtonen. Dit is beter dan het werkloos aan de kant blijven of - erger - terechtkomen in de negatieve domeinen.

Het is hoog tijd dat het minderhedenbeleid in een multi-etnisch beleid verandert. Marginale bijstellingen in het kader van het zogeheten 'nationaal minderhedendebat' zullen niet veel meer opleveren dan het stempel van de 'witte' achterhoede op de politieke agenda.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden