In Pyreneeën moet het gebeuren

Robert Gesink is pas 24. Wie hem ziet afstappen na de snikhete etappes van de afgelopen dagen, zou bijna denken dat hij dertig jaar ouder is. Traag als een oude man trekt hij zijn fiets onder zijn kont vandaan. De hitte die deze dagen het zuiden van Frankrijk geselt, gaat aan niemand voorbij. Gesink puft, zucht, oogt bijna vaal. Een normale werkdag in de Tour zit er weer op. Hij laaft zich aan een drankje, stamelt wat en duikt daarna de relatieve koelte in van de ploegbus.

De Varssevelder is een geweldig talent heet het. Hij is deze Tour samen met de Rus Denis Mentsjov gebombardeerd tot kopman van de Raboploeg. Alleen de allergrootste talenten krijgen op die leeftijd het vertrouwen van de ploegleiding. Sportief directeur Erik Breukink en ploegleider Adri van Houwelingen menen dat hij klaar is voor de Ronde. Er is niemand in de bergen voor wie Gesink hoeft onder te doen, hebben beiden altijd al geroepen.

Gesink staat momenteel zevende in het algemeen klassement. Sinds de hoogtijdagen van Michael Boogerd, ruim tien jaar terug, stond een Nederlander niet zo hoog in de rangschikking van de Tour. En dat op basis van zijn eigen verdiensten, niet door het wegvallen van favorieten uit de top van het klassement.

Gesink bewees in de Alpen dat hij inderdaad de klimmer is waarvoor de ploeg hem houdt. In de etappe van vorige week zondag van Station des Rousses naar Morzine-Avoriaz, waar Armstrong een gitzwarte dag had, werd hij derde achter winnaar en de huidige gele truidrager Andy Schleck. Hij sprong tot twee keer toe weg, gokkend op een status quo tussen de topfavorieten.

Hoe zeer zijn roem hem vooruitsnelt werd in die rit haarscherp duidelijk. Contador ging achter de jonge Nederlander aan. Gesink gokte, wist dat een rit winnen ook een kwestie van mazzel hebben is. Hij baalde kort na afloop van die etappe. Hij was er zo dichtbij. Maar ergens in zijn achterhoofd wist hij ook dat zijn groeiende status in het profpeloton, een ontsnapping tot een nog veel grotere krachttoer maakt.

Gesink kent zijn beperkingen in relatie met de absolute top momenteel. De Luxemburger Schleck en de Spanjaard Contador zijn ontegensprekelijk buitencategorie, gaf hij toe. Als zij bergop harder trappen, zijn ze gevlogen, zei hij deze week na de enerverende rit over de Col de la Madeleine waar Cadel Evans zijn gele trui na een martelgang van tweehonderd kilometer moest afstaan. De Rabo-renner had een minder dag bekende hij, maagproblemen speelden hem parten. In het laatste deel van de koers liep het ook al niet zoals hij het graag had gehoopt. „Ik reed de afdaling als een oud wijf in een rolstoel.” Maar nog altijd goed genoeg om als elfde in Saint-Jean-de-Maurienne aan te komen op slechts twee minuten van de twee om het geel strijdende kemphanen.

Vanaf morgen breken vier lange dagen van de waarheid aan. De Pyreneeën gaan een oordeel vellen, Schleck of Contador voor zijn derde. Gesink loopt over van vertrouwen over zijn eigen vorm. Een top vijf plek is mogelijk. Of hij die ook kan handhaven in het restant van de Tour is een vraag. Volgende week zaterdag, een dag voor de slotetappe naar Parijs, staat er een tijdrit van 52 kilometer op het programma. De race tegen de klok is niet zijn specialiteit en zal het ook nooit worden. Hij kan alleen hopen dat de marge die hij in de bergen heeft opgebouwd op zijn directe concurrenten groot genoeg is om hen op afstand te houden.

De laatste Nederlander die vijfde werd in de Tour is Boogerd, alweer twaalf jaar geleden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden