In plaats van te koppen, headde een voetballer in 1914

Leiden krijgt in 2015 een taalmuseum, meldde de Leidse universiteit onlangs. Het bestaat deels uit een vierdaags jaarlijks festival en exposities op verschillende plaatsen in de stad. Een eigen gebouw is er niet bij.

Dat heeft het project dan gemeen met de vele taalmusea waarover we al beschikken, als je het begrip een beetje ruim opvat. Ze hebben ten dele de vorm van naslagwerken: de 43 banden van het historische 'Woordenboek der Nederlandsche Taal' voorop, maar ook kleinere werken als het 'Vergeetwoordenboek' (1994) en het 'Modern verdwijnwoordenboek' (2010).

Het blad De Sportwereld voegt hier binnenkort het oudste verklarende overzicht van Nederlandse voetbaltermen aan toe. De kopij, in 1914 opgesteld door een productieve pater jezuïet, de taalkundige Jac. van Ginneken, is kortgeleden teruggevonden in het archief van het Amsterdamse Meertens Instituut.

Blijkens een al gepubliceerd fragment zijn diverse lemma's nog altijd gangbaar, zoals inmaakpartij, een bal verwerken, de eer redden en centeren (vooral nog Vlaams voor 'een voorzet geven vanaf de zijkant van het veld'). Den doelman verschalken en het net doen trillen leven in de clichémand voort. Maar Van Ginnekens headden is koppen geworden en zijn reuzenkei onder andere pegel en poeier.

Onbekend is het gebruik van die twee overigens niet. Wie met de jeugdboeken van J. B. Schuil is opgegroeid, heugt misschien dat in diens 'De AFC'ers' (1915) gescoord wordt met een reuzenkei. En van een andere AFC'er heet het dat hij als ukkie van acht al speelde met een bal waar je zo fijn mee headen kon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden