Pop-up Utrecht

In oude volksbuurten komen nieuw en oud langzaam bij elkaar

Ondiep fruitbuurt Beeld Werry Crone

De stad verandert. Hoe zorg je dan dat iedereen zich thuis voelt? Dat gaat met horten en stoten, maar in de Geuzenwijk en Ondiep komen nieuw en oud langzaam dichter bij elkaar.

 Als studente Noene Kazarjan (22) het speeltuingebouwtje binnenloopt, lacht ze naar de meisjes die er aan het spelen zijn. Ik heb je nummer opgeslagen, roept er een, en Kazarjan slaat haar arm om het kind. “Dan gaan we appen”, antwoordt ze enthousiast.

Kazarjan woont in de Geuzenwijk, om de hoek van de speeltuin. Ze wil mensen verbinden, oude en nieuwe bewoners samenbrengen, als student iets terug doen voor de wijk waarin ze woont. Ze werkt met andere studenten aan het project ‘springlevende wijk’ van de Academie van de Stad. Het idee is dat studenten zich in verschillende steden inzetten voor de kwetsbare wijken waarin ze leven. Bij de start vroegen de studenten aan bewoners om hun wensen op te schrijven voor hun buurt, op Valentijnsdag brachten ze overal rozen rond. De studenten doen van alles, als het maar verbindend werkt.

Dat is wat Kazarjan vandaag wil vertellen aan de Trouw-verslaggevers die hun kamp hebben opgeslagen in speeltuin De Watergeus, in het midden van de Geuzenwijk. Kazarjan hoorde via via dat de journalisten de hele week in de wijk zijn en besloot op woensdagmiddag langs te komen.

Noene Kazarjan (links) en Judith Werkman (van Academie van de Stad) in het gebouwtje van de speeltuin. Bewoners van de wijk hebben hun wensen voor de wijk op een ster geschreven. Beeld Jorgen Caris

Want zo gaat dat, in de wijken Ondiep en Geuzenwijk. Mensen weten wat er gebeurt, vertellen elkaar alles. Als een Trouw-lezer met haar telefoon een foto maakt in de speeltuin komt er meteen een volwassene aan die zegt dat deze kinderen niet op de foto mogen, uren later zal een andere buurtbewoner zeggen: “Ik hoorde dat er in de speeltuin een foto werd gemaakt”.

Witte huisjes

De wijken Ondiep en Geuzenwijk in het noordwesten van Utrecht zijn van oudsher arbeiderswijken, gebouwd voor de Demka Staalfabrieken en Stork Werkspoor. Ooit stonden hier alleen maar sociale huurwoningen. Kleine witte huisjes met rode daken in straten waar iedereen elkaar kende. Die huisjes hebben in de Geuzenwijk al in de jaren tachtig plaatsgemaakt voor de nieuwbouw die deze straten de naam ‘Betonbuurt’ opleverden.

Door de groei van de stad en de wens om rijkere en armere Utrechters meer te mengen, veranderen deze wijken snel en zullen ze nog wel even verder veranderen. Woningcorporatie Mitros verkoopt sociale huurwoningen, sloopt, renoveert en bouwt opnieuw. Het aandeel sociale huurwoningen daalt en het aandeel koopwoningen en huurwoningen in de vrije sector stijgt. Daar komt bij dat de stad groeit en dat de woningen voor al die nieuwe Utrechters deels ook in deze wijken worden neergezet. Dat trekt een ander type mensen.

Yuppen, zeggen de oude buurtbewoners, of tweeverdieners. Die zijn minder gezellig, hebben weinig tijd, komen niet langs voor een bakkie en zeggen ook niet altijd ‘hallo’. Op hun beurt moeten die tweeverdieners soms wennen aan de volkswijk waarin ze zijn komen wonen, ze weten niet wat te doen als jongens op scooters ‘schoonheid’ naar ze roepen of hebben last van de bingo-avonden. Dan galmen de getallen ook door hun woonkamers, vertelt Judith van Schaik, bewoonster van een van de koopwoningen die aan één kant van speeltuin De Watergeus staan. Daar wordt ook overlast ervaren van jongens die midden in de nacht met scooters achter de huizen langs racen en op de hoek van de straat naar elkaar schreeuwen.

Ja, het schuurt soms, zegt voorzitter Eric Nijst van de wijkraad Noordwest, waaronder Ondiep en Geuzenwijk vallen. “Het is voor oude bewoners niet altijd leuk om te zien dat woningen duur worden verkocht, terwijl hun eigen kinderen geen woning kunnen vinden. Je ziet twee groepen in de wijken. Niet langs etnische lijnen, maar langs de lijnen van inkomen.”

Maar Nijst, die zelf iets buiten de wijken woont waar de pop-up-redactie van Trouw afgelopen week neerstreek, is ook trots op zijn hoek van Utrecht. “Toen Pegida hier begin dit jaar wilde protesteren zei iedereen: ‘Blijf van onze moslimburen af’. Er is ook veel saamhorigheid.”

Snackbar Van Zuilen met Gerard Hoogland en Roos Hoogland-van Zuilen is het enige oude arbeidershuisje dat in de jaren ‘ 80 bleef staan. Beeld Werry Crone

Geen gezeik

Toen in 2017 duidelijk werd hoezeer de stad Utrecht wil groeien, begon de wijkraad een onderzoek naar de mensen in de dertien buurtjes in noordwest. Wat vinden zij eigenlijk van de groei en hoe zien ze zelf de toekomst van hun wijk? Voor Ondiep en Geuzenwijk valt op dat er in die eerste wijk meer sociale samenhang is, meer wil om er samen iets van te maken. De Geuzenwijk is nog net iets armer, de problematiek wat ingewikkelder.

Maar in beide wijken geldt: mensen willen hun nieuwe buren best leren kennen, maar ze weten niet altijd hoe ze het moeten aanpakken. Gevraagd naar hoe bewoners over tien jaar de krantenkoppen over hun wijk voor zich zien, zeggen ze ‘Arm en rijk: geen gezeik’, ‘Ondiep meest diverse voorbeeldwijk van Nederland’ of ‘Ons kent ons in de Geuzenwijk’. Ook een veelzeggende: ‘Mensen in Leidsche Rijn houden niet van rafelrandjes, hier wel. Rafelrandjes horen bij de stad’.

De hoop van de gemeente en corporatie Mitros is dat de nieuwe wijkbewoners, met hun sterke netwerken en hun vele kansen, gaan mengen met de oude huurhuisbewoners, met hun gevoel voor de wijk en haar inwoners. Dat ze samen een nieuwe gemeenschap creëren, het nieuwe Ondiep en Geuzenwijk gaan maken.

Dat zal niet vanzelf gaan, zegt buurtpastor Heleen Heidinga. De mores van de oude en nieuwe bewoners lopen uiteen, zegt ze. Neem de speeltuin midden in de Geuzenwijk, tussen de koop en de sociale huur in. “Kinderen uit de oude Betonbuurt leren hun problemen zelf op te lossen en dat gaat niet altijd zachtzinnig. Maar de ouders uit de koopwoningen zeggen: ‘Als er ruzie is, kom je naar huis’.” Dat maakt dat het zelfs voor de kinderen soms moeilijk is elkaar te vinden.

Sinds vier jaar loopt Heidinga drie dagen per week rond in de Geuzenwijk. Ze wil ‘aanklampbaar’ zijn, echte relaties opbouwen en zich niet verschuilen op een kantoor. “Toen ik hier kwam, zei een vrouw: ‘Als je er over een jaar nog bent, wil ik wel met je praten’.” Nu het vertrouwen is gewonnen, leggen de bewoners hun al hun problemen op tafel.

Overlevingsstand

En dat zijn er legio. “Er zijn mensen die in de laatste week van de maand geen eten op tafel hebben. Mensen worden ziek van de stress, letterlijk. Ze staan in de overlevingsstand.”

Het is een wereld waar de nieuwe bewoners zich weinig bij kunnen voorstellen. Hetzelfde geldt voor de ambtenaren van de gemeente en de mensen van Mitros, zegt Heidinga. “Bewoners zijn heel erg gehecht aan de wijk, ondanks alle problemen. Ze willen hier blijven wonen, maar de wachtlijsten zijn lang. Mitros zegt dan: ‘U kunt wel een woning krijgen in Zeist’. Maar ze kunnen net zo goed zeggen: u moet naar China verhuizen. Zo voelt dat voor deze mensen.”

Een nieuwe gemeenschap creëren vergt veel tijd en energie, zegt ook sociaal werker Rob Steinebach. Hij ziet hoe oud en nieuw langs elkaar heen leven. “Daar moet je zo tien, vijftien jaar voor uittrekken”, zegt hij als hij maandag het speeltuingebouw van de Watergeus binnenloopt.

Boy Schoonheim voor zijn huis in de fruitbuurt van Ondiep. Beeld Werry Crone

Uit onderzoek blijkt dat laagdrempelige activiteiten werken en iemand moet gesprekken organiseren om elkaar te leren kennen. Dat is precies waar Steinebach mee bezig is. “Ik breng bewoners bijvoorbeeld bij elkaar als het gaat om de stankoverlast van de waterzuivering. Daar heeft iedereen last van, daarop vinden mensen elkaar.”

Volgens hem voelen de oude buurtbewoners zich niet altijd meer thuis in hun wijk, zeker ook omdat hun kinderen er niet kunnen wonen, omdat er voor hen geen betaalbaar huis is te vinden. “Kijk”, zegt hij later in buurthuis De Speler, “er moest iets veranderen in de wijken, daar was iedereen het over eens. Maar het gaat nu te snel, er verdwijnt te veel sociale huur.” Daarmee worden de wijken het domein van mensen met veel geld, vreest hij.

Doctorandus

Ondieper Henny van Zanten (55) formuleert het anders: “Je moet zo onderhand doctorandus zijn om hier te kunnen wonen”. Zijn opa behoorde tot de eerste generatie Ondiepers. Hij leefde in een van de woonscholen, buurten voor ‘asocialen’ die volgens de overheid baat hadden bij heropvoeding. Rond het Houtplein in Pijlsweerd, achter de Hooipoort in Ondiep, in de Geuzenwijk en rond het Anthonieplein kwamen de bewoners begin vorige eeuw onder toezicht van stichting Volkswoningen. Opzichters van die stichting moesten de ‘onmaatschappelijke gezinnen’ leren hoe ze hoorden te leven.

Nu is Van Zanten een van de bekendste en actiefste bewoners van de wijk. En hoewel zijn eigen dochter geen betaalbaar huis kan vinden in de wijk, zoekt hij actief contact met de bewoners aan de overkant van de straat, waar de woningen door Mitros worden verkocht zodra een oude Ondieper er vertrekt.

Van Zanten is vastbesloten het volkse karakter van zijn wijkje te behouden. De nieuwe overbuurman betaalt al mee als Van Zanten geld ophaalt voor een krans voor een overleden straatbewoner. “Ik probeer zelfs al wat Ondiepse humor op hem uit”, grijnst hij. “Maar een bijnaam heeft hij nog niet.”

Henny van Zanten met buurman Piet. Beeld Jorgen Caris

Dankzij mensen als Van Zanten, Kazarjan en Van Schaik die samen met buurtbewoners de speeltuin de Geuzenwijk overneemt, komen nieuw en oud en arm en rijk stapje voor stapje en af en toe wat onwennig toch langzaam dichter bij elkaar.

Het maakt dat koophuisbewoner Joost van Leeuwen (59) zich steeds meer thuis voelt. De nieuwe Ondieper blies met drie andere koophuisbewoners en een vrouw die al vijftig jaar in de wijk woont de oude kloostertuin nieuw leven in. Op de laatste dag komt hij langs in de speeltuin. “Mitros wilde er huizen bouwen”, vertelt Van Leeuwen. “Maar na vier jaar onderhandelen is het ons gelukt er een buurttuin van te maken.”

De Boemerangschool, vlakbij de tuin, was onmisbaar in dat proces, zegt Van Leeuwen. Om de gemeente te overtuigen dat de tuin niet alleen een projectje is van wat nieuwe bewoners, en om een brug te vormen naar de oude Ondiepers die hun kinderen naar de basisschool brengen waar ook de kleine Wesley Sneijder nog op heeft gezeten.

Nu zitten er dagelijks ouderen op de bankjes onder de platanen in de tuin en lopen kinderen binnen om hun schooltuintjes te onderhouden. Als ze tuinbeheerder Van Leeuwen op straat zien lopen, roepen ze hem na: “Hè, u bent de meester van de kloostertuin!”

De sociale binding en de tuin zelf zorgen ervoor dat Van Leeuwen zich verbonden voelt met de wijk waar hij nu tien jaar woont. Zover als rasechte Ondiepers die zeggen dat ze alleen tussen zes plankjes de wijk uit gaan, wil hij nog niet gaan. “Ik heb in mijn leven in twintig huizen gewoond, maar nergens zo lang als hier. Het is een fijne plek, het voelt als thuis.”

De cijfers

In Ondiep en Geuzenwijk is grofweg 30 procent van de woningen een koopwoning, de rest is sociale huur of huur in de vrije sector. Het aantal woningen in de vrije sector neemt toe. De huizenprijzen stegen sinds 2015 in beide wijken snel. In 2015 was een woning in Ondiep nog gemiddeld 162.000 euro, in 2018 was dat al 222.000 euro. In Geuzenwijk kostten woningen gemiddeld 154.000 euro, nu 202.000 euro. Zo’n 12 procent van de Ondiepers leeft op of rond het sociaal minimum, in Geuzenwijk is dat 15 procent.

Pop-up redactie in Utrecht

Als de stad steeds drukker wordt en steeds rijker, van wie is dan de stad? Verslaggevers Gidi Pols en Petra Vissers brachten de week door in Utrecht, de snelst groeiende stad van Nederland. Ze deden een week lang verslag vanuit de buurten Ondiep en Geuzenwijk, waar de huizenprijzen snel stijgen en het aantal sociale huurwoningen afneemt.

Met dit verhaal sluiten zij de pop-up af. Al hun verhalen zijn te lezen via trouw.nl/popuputrecht. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden