In Oost-Berlijn rezen ze weer even op uit de ruïnes

Het zal u vast ontgaan zijn, maar een paar weken geleden werd de 50ste sterfdag herdacht van Hanns Eisler (1898-1962). U weet wel, een van de muzikale wapenbroeders van Bertolt Brecht. Een marxist in hart en nieren, en een componist die volledig achter zijn idealen stond en daar uiting aan gaf in zijn muziek en zijn teksten. Pamfletmuziek in optima forma.

Ik zou er geen moment bij hebben stilgestaan, ware het niet dat ik toevallig een paar dagen in een opvallend zonnig Berlijn vertoefde. Het idee was om tijdens mijn verblijf nu eindelijk eens een keer naar een concert te gaan in het Konzerthaus aan de Gendarmenmarkt.

Het Konzerthaus was vroeger het Schauspielhaus am Gendarmenmarkt, maar werd in 1984 verbouwd tot een concertzaal. Zodoende kreeg het Berliner Sinfonie-Orchester, onder chef-dirigent Kurt Sanderling de grote Oost-Berlijnse tegenhanger van Herbert von Karajans Berliner Philhamoniker - eindelijk een eigen huis. In 2006 veranderde het orkest zijn naam in Konzerthausorchester Berlin. Iván Fischer begon er vorige maand als chef-dirigent.

Het Konzerthaus biedt ook plaats aan de Berliner Singakademie, een koor dat teruggaat tot 1791 toen het als Sing-Akademie zu Berlin werd opgericht. Een van de bekendste leiders daar was Carl Zelter, die het in 1829 mogelijk maakte dat Felix Mendelssohn er Bachs Matthäus-Passion na honderd jaar weer uitvoerde.

U begrijpt, een historisch instituut. En het was deze Berliner Singakademie die samen met het Konzerthausorchester de herdenking voor Hanns Eisler op poten had gezet. Dus besloot ik op dinsdagavond naar het Konzerthaus te gaan. Kaartjes waren er nog genoeg.

Een goed uitziende concertzaal met uiteraard veel rood pluche en een dertigtal bustes van componisten. Die van Bach en Händel prijkten pontificaal vooraan, zoals in het Amsterdamse Concertgebouw hun cartouches ook het prominentst zijn. Alleen staat Händel in Berlijn rechts, waar zijn naam in Amsterdam boven de linkertrap hangt. Vanwege de recente ombouwing tot concertzaal zijn er in Berlijn relatief veel bustes van 'latere' componisten: Janá¿ek bijvoorbeeld, en ook Stravinsky-met-bril. Maar hoog boven aan de linkermuur ontdekte ik gelukkig ook een buste van Carl Zelter - mooi historisch besef.

Het concert begon met een uitvoering van 'Wie der Hirsch schreit nach frischem Wasser', Mendelssohns zetting van psalm 42. Een mooi gebaar van de Singakademie naar hun vroegere dirigent.

En toen was het tijd voor Eislers 'Deutsche Sinfonie', een groots opgezet werk, met teksten van Brecht en Eisler zelf. Je hoort het bijna nooit. En op deze plek, in het volledig verwesterde en schitterend heropgebouwde Oost-Berlijn, had het wel wat. De wereldpremière had immers op 24 april 1959 plaatsgevonden in de Staatsoper unter den Linden, een stukje verderop. Eisler was al in 1935 aan het werk begonnen en omdat de geschiedenis hem inhaalde werd de 'Deutsche Sinfonie' dus eigenlijk ineens een 'DDR Sinfonie'.

Al dat soort zaken speelden door het hoofd toen het stuk begon met die veelzeggende tekst 'Oh Deutschland, bleiche Mutter, wie bist du besudelt mit dem Blut deiner besten Söhne'. Een groot uur later was de indruk die het stuk achterliet groot. Maar het was nog niet gedaan. De dirigent bood het enthousiaste publiek een toegift aan. En toen klonk daar ineens: 'Auferstanden aus Ruinen', het officiële volkslied van de DDR. Toepasselijk, want ook gecomponeerd door Eisler, maar ook erg pikant daar op die plek, opgerezen uit de ruïnes van het oude achter een muur verstopte Oost-Berlijn.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden