In ons dorpje eindigt de weg

Het is razend druk op het Simon Bolivarplein in Tunja. Honderden Colombianen, de een nog kleurrijker gekleed dan de ander, komen kijken naar dat vreemde spektakel dat wielrennen heet, of beter nog, ze komen kijken naar die buitenlanders die aanwezig zijn. Als we om tien uur arriveren en allerlei druk fluitende politiemensen ons proberen duidelijk te maken dat we hier niet mogen staan met onze auto's, werkt er letterlijk nog niets. Televisiewagens staan zonder stroom, schamel geklede teenagers slepen grote houten planken naar iets dat op een tribune moet lijken en in de aangekondigde perszaal staan drie grote, nog niet uitgepakte kopieermachines. De man die de leiding heeft over deze operatie is even koffie drinken en de tolk komt vanmiddag, wordt ons gezegd.

MART SMEETS

De eerste wielrenners die zichtbaar worden, komen maar nauwelijks door het publiek heen. Het zijn Polen, met Zenon Jaskula in hun midden. De Colombianen staren, neen gapen naar de renners alsof ze uit een ander deel van de wereld komen. Dat doen ze ook, maar dat schijnt niemand te snappen.

Telefoons in het organisatiebureau werken op kwart kracht en diegenen die een mobiel telefoontje bezitten zijn rijk; zij kunnen met de rest van de wereld communiceren. Om twee uur in de middag rijdt een zeldzaam breekbare vrachtwagen het plein op, kenners schatten het bouwjaar rond 1955, het is een Buick van ongekende schoonheid. Achterop de wagen staan, vastgehouden door jongetjes, stapels beeldschermen opgesteld. Keurig verpakt, met de afzender, ergens in Korea, nog zichtbaar. Wie gaat deze zaken regelen? Wie sluit deze machines aan? Wie gaat ze gebruiken? Twee uur later werkt er behoorlijk veel. De mens is ook hier sterker dan de materie. Ineens komt er in onze wagen stroom om te gaan monteren, ineens duiken er twee mannen op die met een schroevendraaier gewapend de beeldschermen te lijf gaan. Ze snappen niets van de gigantische handleidingen, maar op het gevoel af drukken ze wat knoppen in en, verrek, het spel gaat werken. Dat er nog soft-ware ingevoerd moet worden is even een probleem, maar iemand kent een schoolmeester in de buurt die dat kan doen en dus is ook dat probleem opgelost.

Kleine kinderen bedelen en krijgen steeds wat kleingeld van ons. Wat grotere jongens hangen ook rond de wagens, een politieman probeert ze weg te jagen en legt ons uit dat het boefjes zijn die alles stelen dat los en ook vast zit.

Om vier uur komt een koffieverkoper langs. Hij schenkt ons heerlijke bruine drab, goed gezoet en waarom ook niet doen wat de Colombianen doen. Ja, de wegen zijn slecht, soms levensgevaarlijk ook, er liggen overal overreden dieren, mensen sjouwen met enorme stapels hout op hun rug en voor ons, verwende westerlingen is dit allemaal heel erg vreemd.

Toch worden de wereldkampioenschappen hier gehouden en hier is ergens in het binnenland van Colombia. De autoriteiten hebben ons verzekerd dat het er veilig is en met enig respect passeren we de militairen die met enorme stenguns onze route veilig houden.

In mijn hotel, waar zeer vriendelijke mensen uitsluitend hun Colombiaanse dialect spreken dat ver weg iets van Spaans weg heeft, is de douche schoon en lopen er schorpioenen door de tuinen. Of we daarvoor wel een beetje willen opletten. Het eten is er goed, de wijn heerlijk.

En . . . in de kamer is tv en op kanaal 6 heb ik ESPN. Dat betekent dat ik live naar de honkbalwedstrijd tussen de ploegen van Seattle en de Angels kijk. Ik zie Jim Kelly een fabelachtige pass gooien als de Buffalo Bills hun Monday Night footballgame winnen en ik ontwaak 's ochtends met Sportcentre. Ik kijk dan uit het raam en zie een grote vallei. De weg eindigt in het dorpje waar we verblijven . . . ja, letterlijk, de weg eindigt daar, maar als ik naar het blauwe scherm kijk, zie ik de Chicago Bulls coach Phil Jackson praten over de sensationele transfer van Dennis Rodman naar zijn ploeg.

Om bij de wedstrijd van zondag te komen, zo hebben we uitgerekend, moeten we zeker drie uur uittrekken. Voor de terugreis wellicht het dubbele omdat de anderhalfbaansweg vol zal staan. De WK wielrennen vinden plaats in Colombia en er zal heel wat kritiek volgen. Op ESPN wordt geen melding gemaakt van het ontbreken van de fietsen van de meesten van de Nederlandse coureurs. Die fietsen blijken in Caracas te staan. Dat is in Venezuela, negen dagen per paard naar het noorden.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden