In onderwijs is te weinig vernieuwd

De neiging overheerst nu dat alle verandering in het onderwijs ongewenst is. Niets is minder waar.

Het Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen dreigt in de publieke opinie tot de conclusie te leiden dat de kwaliteit van het onderwijs slecht is en het met vernieuwingen afgelopen moet zijn. Helaas wordt hiermee de zoveelste negatieve beeldvorming over het onderwijs heen gedonderd en dreigen goede ontwikkelingen bij het grof vuil gezet te worden.

De behoudende stroming in onderwijsland herademt. Beter Onderwijs Nederland spreekt over ’het inmiddels verguisde nieuwe leren’. Over de onderwijskwaliteit zegt het rapport dat er te weinig heldere gegevens bestaan en dat er een zorgwekkende trend is. ’Het is echter niet aangetoond dat dit verband houdt met de onderwijsvernieuwingen'.

Het rapport acht vernieuwen op zichzelf goed, maar wil het voorzichtig, wetenschappelijk onderbouwd, invoeren. Ik vraag me dan af: wat wil je meten en hoe? Meet je in cijfers, of telt welbevinden van de leerlingen ook? Hoe meet je zelfstandig werken, of creatief denken? Is eigenlijk ooit de effectiviteit van ’het oude leren’ bewezen? Als ervaringsdeskundige van de periode van voor al die vernieuwingen stel ik vast dat daarin (ook) geen sprake was van onderwijs ’genieten’.

De uitgangspunten die ten grondslag lagen aan de drie golven vernieuwing, waren niet slecht, maar de toepassing is beroerd verlopen. Zo kan je de conclusie trekken dat er de afgelopen dertig jaar in het voortgezet onderwijs juist te weinig veranderd is in plaats van te veel. Nog steeds vinden veel leerlingen het onderwijs dodelijk saai, en voelen ze zich te veel een nummer. Als de docent elk uur van de dag de strijd aan moet binden met zo’n klas ongemotiveerde bankhangers verlangt hij naar vernieuwing die heet: activerende en motiverende didactiek.

Die onderwijsvernieuwing biedt ruimte aan leerlingen en docenten om op hun manier te werken. In het VMBO zijn die vernieuwingen in didactiek en leerstijlen het meest ingevoerd, omdat daar de problemen het grootst waren. Het VMBO moest wel vernieuwen.

Activerende didactiek is een noodzaak. Als je leest over het succesvolle voorbeeld van de ver doorgevoerde vernieuwing bij het UniC College in Utrecht, dan wens je dat meer scholen hun klassikale vijftigminuten-structuur doorbreken. Maar: dat moet niemand opgelegd worden. Voor de ene leerling werkt de ene werkvorm beter dan voor een ander. Het hebben van keuzemogelijkheden is een verademing voor ouders en leerlingen.

Scholen bepalen gelukkig steeds meer het eigen didactisch beleid. Het is mogelijk dat binnen één school een paar klassen bestaan waar leerlingen projectmatig, of vraaggestuurd, of betekenisvol, of hoe-je-het-noemen-wilt leren.

Behoud ook klassen waarin ’het oude leren’ beoefend wordt. Ieder zijn stijl, zowel voor leerlingen, als voor docenten. Differentiatie! Doe ondertussen onderzoek naar effect op kwaliteit, zowel op de resultaten als op het proces.

Ook zonder onderzoeksmatige onderbouwing moet je vernieuwen. We leven in een multimediale informatiemaatschappij. Boeiend onderwijs zal op z’n minst moeten bestaan uit een mix van werkvormen. De grote aantallen drop outs vormen een urgentie, die we niet uit het oog mogen verliezen.

De commissie Dijsselbloem zegt dat er helderheid moet komen over de afbakening van taken tussen overheid en onderwijsveld. Een scheiding tussen het ’wat’ en het ’hoe’. Over die canonisering zullen de geleerden elkaar nog twintig jaar in de haren zitten, vrees ik.

Daarom pleit ik voor een heldere visie: wat willen we eigenlijk met onderwijs? Dat bepaalt namelijk mede de lengte en inhoud van je canon. Mijn zorg is dat die canon de didactische ruimte in het onderwijs van bovenaf weer gaat dichttimmeren.

We moeten niet massaal terug naar frontaal gestuurd onderwijs, van bovenaf gestuurd door de docent, die gewapend met de Haagse canon zijn lijstje afwerkt, wat getoetst wordt op harde cijferkwaliteit, zonder dat het welzijn van de leerling telt. Dat leidt tot domheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden