In Noord-Ierland doet men alleen nog maar stappen terug

BELFAST - De extremistische protestanten noemen de katholieken weer als vanouds 'Fenian bastards' en protestanten zijn in de ogen van katholieke vandalen en fanatici weer 'Billy Boys'.

Wie in de Noord-Ierse hoofdstad Belfast enkele uren rondloopt in een katholieke wijk als de Falls of een protestantse als Castlereagh ziet weer de bekende beeld uit de donkerste jaren van het Noord-Ierse conflict: de karkassen van uitgebrande auto's en de geblakerde puinhopen van winkels. De bewoners schudden er opnieuw hun hoofden over en berusten. De straten zijn opgebroken, er zijn weer barricaden opgericht, de weg ligt weer zoals vroeger bezaaid met de glasscherven van de benzinebommen.

Op Grosvenor Road in de Falls kijken de voorbijgangers in de lopen van wapens alsof er nooit een vredesproces is begonnen. Een toevallige buitenstaander verwacht bij elk onverwachte beweging meteen de inslag van een plastic kogel in het lichaam te voelen, maar de gewone Noord-Ier verblikt of verbloost er niet van. Hij sjokt met zijn tasje tussen de door de militairen in de aanslag gehouden wapens door.

De straten van Belfast, Londonderry en andere Noord-Ierse steden zijn als in de jaren zeventig en tachtig vergeven van de grijze pantserwagens van de RUC, de politie van de provincie. Het leger is weer versterkt en patrouilleert weer, als vanouds met twee soldaten in het koepeltje, de karabijn dreigend op de straat gericht. De provincie lijkt 25 jaar teruggezet in de tijd.

Dat vredesproces in Noord-Ierland heeft de afgelopen week een enorme schade opgelopen. De komende week zal waarschijnlijk laten zien of die schade herstelbaar is. Want er worden nog steeds alleen maar stappen terug gedaan.

De eerste sectarische moord op een onschuldige katholieke taxichauffeur staat weer genoteerd, de eerste dode, in Londonderry afgelopen zaterdagochtend, als gevolg van de onlusten is ook weer geturfd en sinds zaterdagavond heeft ook de eerste autobom van het nieuwe tijdperk zijn desastreuze werk gedaan.

Of de aanslag op het hotel het werk is van extreme elementen binnen het Ira of dat het concurrerende Ierse nationale bevrijdingsleger, het Inla, er achter steekt is nog niet duidelijk. Maar het kan nauwelijks toeval zijn dat als doelwit Enniskillen is uitgekozen. Hier werd aan het einde van de jaren tachtig een van de bloedigste bomaanslagen op de protestantse gemeenschap uitgevoerd en nadat de Orangisten afgelopen week hun kracht en macht hebben getoond, willen de republikeinse paramilitairen kennelijk laten zien dat zij er ook nog zijn.

Het wachten is nu op een vergeldingsactie van de protestantse paramilitairen die verenigd zijn in het UVF of het UFF. Tot nu toe hebben die zich niet in het nieuwe geweld gemengd, maar met name in het gebied rond Belfast zou het gisten.

Op tal van punten is de situatie in de Britse provincie terug in de tijd voor 1 september 1994. Op die datum kondigde het Ierse republikeinse leger (Ira) een staakt-het-vuren aan en zes weken later volgden de protestantse paramilitaire groepen met een bestand.

De bevolking van Noord-Ierland kon zijn vreugde niet op en de Britse overheid trok een deel van de troepenmacht, die sinds het einde van de jaren zestig in de provincie was gestationeerd terug. Stukje bij beetje kon het vredesproces op gang komen en voor het jaar om was, hadden de eerste openlijke besprekingen plaats tussen vertegenwoordigers van Sinn Fein, de politieke vleugel van het Ira, en de Britse regering. Een jaar daarvoor zou dat nog voor onmogelijk zijn gehouden.

- Vervolg op pagina 5

Ulster staat alweer voor haat en geweld VERVOLG VAN PAGINA 1

De bemoeienis van de Amerikaanse president Clinton van de Verenigde Staten zorgde er daarna voor dat een commissie onder leiding van oud-senator George Mitchell een voorstel deed voor besprekingen tussen alle bij het Noord-Ierse conflict betrokken partijen.

Om niet te gretig te blijken had iedereen wel kritiek op onderdelen, maar er was slechts één echt struikelblok: de ontwapening van het republikeinse leger en de loyalistische paramilitairen. Uiteindelijk kwam er een compromis in de vorm van een gefaseerde ontwapening.

Het Ira accepteerde dit niet en zegde op 9 februari van dit jaar het staakt-het-vuren op. Om te laten zien dat het menens was werden binnen drie weken drie bomaanslagen gepleegd in Londen. Maar het vredesproces vorderde langzaam maar zeker, zij het zonder de inbreng van Sinn Fein, die werd uitgesloten van de vorig maand begonnen besprekingen, tenzij het Ira op zijn schreden zou terugkeren.

En toen kwam 'Drumcree' en een week vol rellen en geweld, eerst uit de hoek van de loyalisten en, na het alsnog doorgaan van de Oranjemars in Portadown, daarna vooral in de katholieke, republikeinse wijken. Voor miljoenen is schade aangericht en over de hele wereld wordt Ulster weer gelijkgesteld met brandstichting en fysiek geweld.

En hoe ziet het politieke slagveld er op dit moment uit? Er zijn vele verliezers en één winnaar. Dat is David Trimble, de leider van de grootste unionistische partij, de UUP. Sinds hij vorig jaar september verrassend tot partijleider werd gekozen - zonder enige steun uit de UUP-fractie - had hij zijn gezag niet weten te vestigen. Trimble werd als te toegeeflijk beschouwd in het vredesproces.

Toen bij de verkiezingen van eind mei voor het Forum de rivaliserende dominee Ian Paisley een beter resultaat boekte was het voor Trimble duidelijk: ik moet heel snel een daad stellen. De ideale gelegenheid deed zich voor rond de Oranjemars van Portadown-Drumcree. Dat stadje ligt niet alleen in Trimbles kiesdistrict Upper Bann, maar de UUP-leider is ook een prominente Orangist. Na zijn 'heldhaftig' optreden in Drumcree is de reputatie van Trimble als onbetwist verdediger van de protestantse belangen gevestigd.

Grote verliezer is John Hume, de leider van Noord-Ierlands gematigde sociaal-democratische SDLP. De parlementariër uit Londonderry is van meet af aan de grote promotor geweest van het politieke gesprek in de provincie. Hij was het duidelijke alternatief voor de gewelddadige tactiek van het Ira en Sinn Fein. Na vorige week heeft Hume heel veel krediet verloren binnen de Noord-Ierse katholieke gemeenschap. De methode-Hume heeft, stelt die gemeenschap verbitterd vast, niets opgeleverd; als het er op aan komt zijn de katholieken nog steeds tweederangs-burgers. In lange tijd hebben de katholieken niet zo hun vertrouwen op Sinn Fein en het Ira gesteld als de laatste dagen van vorige week.

Ook de relatie tussen Londen en Dublin heeft zwaar geleden. Beide regeringen bejegenen elkaar ronduit vijandig. John Bruton, de Ierse premier, en zijn minister van buitenlandse zaken Dick Spring, houden Londen volledig verantwoordelijk. Spring meent dat er zo snel mogelijk overleg moet komen om de lucht te klaren.

En de laatste verliezer is de RUC, de Noord-Ierse politie. Katholieken hebben het korps altijd gezien als een handlanger van het unionisme en het wantrouwen verdween heel langzaam. Na de totale ommezwaai van RUC-chef Sir Hugh Annesley staat het voor de katholieken weer vast: ze zijn niet te vertrouwen. En dat zal de politie de komende tijd merken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden