'In Nederland wordt het je als boer zo'n beetje onmogelijk gemaakt'

Eén op de vijf boeren zegt Nederland wel te willen verlaten. In 1995 zijn 250 gezinnen daadwerkelijk gegaan. Voor dit jaar wordt verwacht dat er nog veel meer zullen volgen. De avonturiers gaan naar Canada, de ondernemers naar Oost-Duitsland en de beknelde boeren naar Denemarken.

De familie Slik is geen uitzondering. Momenteel denkt één op de vijf boeren er over na uit Nederland weg te trekken. In 1995 zijn 250 gezinnen daadwerkelijk gegaan. Voor dit jaar wordt verwacht dat er nog veel meer zullen volgen. “In Nederland wordt het je als boer zo'n beetje onmogelijk gemaakt. Boeren worden behandeld als criminelen en over dertig jaar is het grootste deel landschapsbeheerder”, meent Lien Slik vanuit Burgessville, Ontario, Canada.

De populairste bestemming van de boeren is overduidelijk Canada. De samenleving is multicultureel ingericht zodat snel een nieuw sociaal leven opgebouwd kan worden, de grondprijzen zijn zeer aantrekkelijk en boeren zitten niet aan beklemmende milieuregels vast. “In Canada is het mogelijk door de lage grondprijs veel minder koeien op een hectare grond te zetten. Daardoor is de belasting van de grond ook weer minder. Wel kan er veel minder gemaaid worden, maar daar staat tegenover dat de kosten om voer in te kopen lager liggen”, aldus Arend Otten, van het gelijknamige bemiddelings- en advieskantoor in Hoogeveen.

Zijn bedrijf begeleidt boeren die willen emigreren. Zijn inkomsten haalt hij uit de provisie van de verkoop van de Nederlandse boerderij. “Een ander groot voordeel is dat de belastingen in Canada veel lager zijn. Gemiddeld kun je zeggen dat de investering voor een nieuw opgezet bedrijf binnen vijftien jaar terugverdiend is.”

Financiële overwegingen staan op de derde plaats als het om motivatie van boeren gaat om te emigreren. Belangrijker lijkt dat boeren problemen met de opvolging hebben. Als er twee kinderen zijn die verder willen boeren kan dat niet. Ook komt het voor dat de eigenaar, de vader, in zijn eigen bedrijf gevangen zit als het om opvolging gaat. Hij heeft zoveel moeten investeren dat er weinig echt kapitaal over is. De zoon wordt bij overname met torenhoge schulden opgezadeld en de oude boer belandt in een rijtjeshuis in de stad. De oplossing is dan om het hele boeltje te verkopen en op een andere plaats opnieuw te beginnen.

Een andere reden van emigratie is het gevoel dat het boeren door de overheid in Nederland zo langzamerhand onmogelijk wordt gemaakt. De opbrengstprijzen staan onder druk en de mestwetgeving maakt het er ook niet makkelijker op. De verklaring van minister Van Aartsen dat hij de veel lagere wereldmarktprijs van melk wil gaan volgen heeft de boeren grote schrik aangejaagd. De opbrengsten zouden dan nog meer naar beneden gaan. Ook de dreiging dat boeren steeds meer plaats moeten maken voor natuur stemt tot ongerustheid. “Vooral de jonge generatie denkt na over hun toekomst. De tendens bij de Nederlandse overheid is dat de boer een grote milieuvervuiler is en dat hij maar beter kan verdwijnen. Dat is natuurlijk een dramatische constatering als je jonge boer bent. Het idee dat je dan maar beter kan verkassen is dan een logisch gevolg”, meent Theunis Jensma van het emigratieteam van de FLTO, de Fries-Flevolandse Land-en Tuinbouworganisatie. Ook dit team begeleidt sinds kort boeren naar het buitenland.

Andere populaire bestemmingen zijn Denemarken en voormalig Oost-Duitsland. De motivatie om te emigreren is hetzelfde als de boeren die naar Canada gaan, maar de durf om de 'grote plas' over te steken is minder. “Boeren die Denemarken kiezen als bestemming hebben meestal iets meer binding met Nederland,” zegt Jensma. Ondanks dat Denemarken ook onder de Europese regelgeving valt, lijken de omstandigheden daar toch beter. Jensma: “Denemarken is boervriendelijker. Het is een vergelijkbaar sociaal en fiscaal milieu, maar men kan met veel minder geld aan de slag. De gesubsidieerde leningen en het melkquotum zijn groter. Dat scheelt.”

Voormalig Oost-Duitsland als emigratie-bestemming ligt minder in de lijn der verwachting. Na de val van de muur zijn er behoorlijk wat boeren naar toe getrokken. Mogelijkheden zijn er genoeg, zeker voor de akkerbouw en de grove-groenteteelt. Boeren zijn daar minder boer in de zin van het woord en worden eigenaar-manager van een groot boerenbedrijf. Ligt de grootte van een Nederlands boerenbedrijf tussen de veertig en zestig hectare, in Oost-Duitsland zijn boerderijen met vijfhonderd tot duizend hectare geen uitzondering meer. Het probleem is echter dat de grond het bezit is van vele eigenaren en dat elk stukje grond apart gepacht moet worden. Pachtcontracten lopen meestal niet langer dan twaalf jaar zodat een garantie van het voortbestaan van het bedrijf niet gegeven kan worden. Jensma: “In Oost-Duitsland ben je onder deze voorwaarden meer manager als boer. Dat is een keuze die een boer maakt. Het zijn dan ook vaak ondernemers die naar grote groei streven die naar dit gebied gaan.”

De avonturiers gaan naar Canada, de ondernemers naar Oost-Duitsland en de beknelde boeren naar Denemarken. Alle gezinnen trekken weg om het beter te krijgen. Toch zijn er gevallen bekend van boeren die berooid en teleurgesteld terugkomen.

Gouden bergen

Jensma: “Emigratie, naar welk land ook, betekent absoluut niet dat daar de bekende gouden bergen aangetroffen worden. Hard werken en risico nemen is toch wel het motto. Het lukt ook weleens niet. Zonder uitzondering kan daarvan gezegd worden dat die personen niet goed begeleid zijn, dat ze de keuze hebben gemaakt om het alleen te doen. Dat is goedkoper maar kan ook tot gevolg hebben dat de afloop negatief is”.

De grote sociale problemen waar families in de jaren vijftig tegenaan gelopen zijn, kunnen door de komst van moderne communicatiemiddelen voor een deel ondervangen worden. “Heimwee is nog steeds een probleem. Daar kun je ook niet veel aandoen, behalve de mensen adviseren niet te bezuinigen op de telefoonrekening en een fax. Als een jong gezin naar Canada gaat en er komen toch problemen dan hebben wij maar één advies: een ticket naar Nederland en dan bij moeder thuis logeren. Niet alleen ziet men dan dat de kosten om naar Nederland te gaan ook wel meevallen, maar men merkt dat het hier ook niet altijd maneschijn en rozegeur is”, zegt Arend Otten van het bemiddelingsbureau.

De informatie-avonden van de verschillende organisaties zitten altijd bomvol. Op die avonden worden de boeren getrakteerd op een kleurige video en veel informatiemateriaal. Meestal zijn er ook makelaars uit de landen van bestemming aanwezig. Otten: “Na zo'n informatieavond gaan wij bij de mensen langs. Vervolgens, als hun keuze vrij zeker lijkt, wordt een ticket geboekt richting Canada om daar de mensen rond te laten kijken in Ontario en Alberta, de twee provincies van bestemming. Daar worden zij opgevangen door een heel team van begeleiders.”

Ook de familie Slik is zo'n begeleidingstraject doorgelopen. “Vorige zomer zijn we een maand door Canada getrokken. Wat we nu hebben is niet te vergelijken met Nederland. Alleen een bakje koffie bij mijn schoonmoeder halen is er niet meer bij.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden