In Nederland is cocaïne al lang geen chique elitedrug meer

„Cocaïne is gedemocratiseerd”, zegt Ton Nabben, drugsonderzoeker van de Universiteit van Amsterdam. „Was het eind jaren zeventig en begin jaren tachtig een chique elitedrug voor yuppen, beursjongens, kunstenaars en artiesten, nu kan vrijwel iedereen tussen de 20 en 30 jaar het in het uitgaanscircuit of thuis gebruiken.”

De harddrug was vroeger duur. Je betaalde zo’n 150 tot 175 gulden per gram, vertelt Nabben. Nu kost een gram 50 euro. „De gemiddelde jongere heeft dat al gauw. Bovendien haal je uit een gram 25 lijntjes, en delen ze dat bedrag ook nog eens met vrienden. Dus is de drug niet meer voorbehouden aan de rijken en de avant-garde. Coke is tegenwoordig veel bereikbaarder geworden voor de massa.”

Cocaïne heeft xtc, die andere feestdrug die tot eind jaren negentig veruit het meest gebruikt werd in het nachtleven, haast geëvenaard in populariteit. „Het is een ingeburgerd, genormaliseerd genotsmiddel onder bepaalde bevolkingsgroepen”, weet ook Margriet van Laar, hoofd van het programma Drug Monitoring van het Trimbos-instituut.

Uit gisteren gepubliceerd Europees onderzoek blijkt dat in verschillende landen een aanmerkelijke toename is te zien in cocaïnegebruik. In Nederland werd die toename niet geconstateerd: cijfers uit 1997, 2001 en 2005 laten een stabiele trend zien. „Die cijfers komen uit algemeen bevolkingsonderzoek, onder de doorsnee Nederlander”, zegt Van Laar. „Maar wij hebben sterk het vermoeden dat cocaïne onder subgroepen, zoals uitgaanspubliek, wel steeds populairder wordt. Harde trendcijfers hebben we daar nog niet over.”

Het onderzoek van het Europees Waarnemingscentrum voor Drugs en Drugsverslaving wijst uit dat er in Nederland wel een sterke toename te zien is van de hulpvraag vanwege cocaïneproblematiek. Nederland gaat samen met Spanje aan kop wat betreft het aandeel cocaïnecliënten op alle cliënten die hulp vragen vanwege een drugsprobleem (resp. 35 procent en 42 procent). „Dat komt deels doordat drugsgebruikers de laatste jaren sneller de zorg in worden begeleid”, licht Van Laar toe.

Opvallend is wel dat voor alle EU-lidstaten samen, de meeste cocaïnecliënten (85 procent) een probleem hebben met cocaïnepoeder (overwegend snuiven); slechts in 15 procent van de gevallen gaat het om crack, het roken van cocaïne. In Nederland gaat het om 54 procent crackgebruikers onder de cocaïnecliënten. Het roken werkt sneller verslavend dan het snuiven. Van Laar: „Dat gebruik speelt zich voornamelijk af aan de rand van de samenleving.”

Op straat dus, bij de junks. Om zich bij die scene aan te sluiten, daar kijken de meeste cocaïnegebruikers wel mee uit, denkt drugsonderzoeker Nabben. „De meerderheid houdt het bij snuiven in het weekend. Maar ook zij komen er soms achter dat het lastig is om te stoppen, omdat coke weliswaar niet lichamelijk maar wel geestelijk verslavend kan zijn.”

Is het zorgelijk? Van Laar: „Wij zitten nog altijd onder het Europees gemiddelde als het om het percentage drugsgebruikers gaat. Nederland behoort tot de landen met het kleinste percentage jonge drugsdoden. Maar we moeten natuurlijk, zeker bij jongeren, werken aan preventie en voorlichting geven over de schadelijke gevolgen van drugs.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden