In Nederland houdt de kerk zich buiten de discussie

Waarom zou je dieren beschermen? Het refrein in de antwoorden van de laatste eeuwen komt van de liberaal Jeremy Bentham (1748-1832): 'De vraag is niet: hebben ze verstand of kunnen ze praten, maar: kunnen ze lijden?'

Waarom zou je dieren beschermen? Volgens liberaal Jeremy Bentham (1748-1832) is de vraag niet: hebben ze verstand of kunnen ze praten, maar: kunnen ze lijden?

Dát dieren kunnen lijden, is zeker. Maar moet dat morele consequenties hebben, en zo ja, welke?

De Australische filosoof Peter Singer schreef met 'Animal Liberation' (1975) de bijbel voor dierenactivisten. Singer ziet een historische ontwikkeling: eerst kregen zwarten en vrouwen rechten, nu vallen ook dieren onder het gelijkheidsprincipe. Singer volgt het spoor van Bentham, als een echte utilitarist. Doel: het lijden minimaliseren. Daarvoor kan aan een dier leed worden berokkend om leed van andere dieren, of mensen, te verminderen.

Internationaal wekte Singer veel beroering met zijn verzet tegen het 'speciëcisme', de voorkeursbehandeling van de soort 'mens'; de Jood Singer werd voor nazi uitgemaakt.

Waar Singer pragmatisch is, is de Amerikaanse filosoof Tom Regan principiëler - en fel gekant tegen Singer. Ook als een dierproef een aids-medicijn oplevert, meent Regan, is ze verwerpelijk. Want, zegt hij in zijn standaardwerk 'The Case for Animal Rights' (1983), mens en dier hebben een intrinsieke, absolute waarde.

De 19de-eeuwse rooms-katholieke moraaltheologie, schrijft Jacques Schenderling in zijn dissertatie 'Mens en dier in theologisch perspectief' (1999), maakte 'een zeer ruim gebruik van dieren' mogelijk. Dieren hebben geen rechten, dierproeven mogen ongelimiteerd.

Albert Schweitzer (1875-1965), Nobelprijswinnaar en theoloog, opponeerde daartegen. Mensen moeten uiteraard vegetariër worden, maar ook als ze in het bos per ongeluk een worm vertrappen zijn ze 'onschuldig schuldig'.

Anglicaan Andrew Linzey biedt een theologische variant op Regans radicale kritiek. Schepselen mag je niet doden, omdat ze door God gemaakt zijn, ze leven dankzij zijn Geest en met dezelfde rechten van absolute onschendbaarheid. Dierenrechten zijn volgens Linzey theos-rights, godsrechten.

Linzey schreef in 1999 een 'Gebedsboek voor dieren', opgedragen aan Barney, zijn overleden hond 'die nu in de hemel kwispelt'.

Volgens Tom Regan, zelf niet religieus, kan zijn denken alleen maar succes boeken met 'actieve deelname van de religieuze gemeenschap'.

In Nederland is die steun afwezig, zegt Jacques Schenderling. “Ecologie en milieu zijn 'uit', mensen vinden het niet hip en het levert ze geen financieel voordeel op - ze redeneren egoïstisch.“

Schenderling, predikant in Berkel en Rodenrijs, heeft weinig goede woorden over voor zijn eigen Protestantse Kerk in Nederland (PKN).

“Ik kies voor vegetarisme, maar het zou al mooi zijn als de kerk zou pleiten voor minder vleesconsumptie en biologisch boeren.“ De PKN durft dat niet voluit te doen, want “ze wil de traditionele boerenachterban erbij houden“.

In Nederland heeft de steun voor dierenrechten een tijdlang in een kwade reuk gestaan door de moord op Pim Fortuyn door Volkert van der G., een milieuactivist.

Nu is het rechtsfilosoof en VVD'er Paul Cliteur die een Universele Verklaring voor de Rechten van het Dier voorstaat ('Darwin, dier en recht', 2001), maar zeker niet op religieuze grondslag.

Net als Singer vindt hij de moderne omgang met dieren een 'morele blinde vlek', terwijl de intensieve varkenshouderij volgens hem best vergeleken mag worden met concentratiekamp Dachau.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden