'In mijn Palestijnse hart ben ik pessimistisch'

JERUZALEM - “Met mijn verstand ben ik optimistisch”, zegt een leraar uit Hebron. “Maar in mijn hart overheerst het pessimisme.”

EILDERT MULDER

Zojuist heeft de Israelische premier Jitschak Rabin voor de televisie de historische uitspraak gedaan dat Israel de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie PLO erkent als de vertegenwoordiger van het Palestijnse volk. Maar het kost even tijd de Palestijnse aanwezigen in het hotel in Oost-Jeruzalem een commentaar te ontlokken. Er zijn immers belangrijker zaken aan de orde. Zoals de vrije abortus in Nederland, en de overige symptomen van zedenverval. Daarvoor moet Rabin wijken.

Als op de abortus en de drugs een discussie dreigt te volgen over de pro-Israelische Nederlandse buitenlandse politiek raakt de maat vol. “Maar voelen jullie dan niets, die man heeft zojuist jullie erkend. Betekent dat dan geen fluit voor jullie? Zouden we het nu niet liever daar over hebben?”

Na de Eerste Wereldoorlog juichten de Europeanen dat het voortaan altijd vrede zou blijven, na de Tweede Wereldoorlog waren ze wijzer geworden en beter voorbereid op oorlog, die toen min of meer uitbleef.

Als sobere nuchterheid zonder illusies een voorwaarde is voor vrede dan komt het daar wel goed tussen de Israeliers en de Palestijnen. De leraar, zoals zovelen hier een ex-bajesklant, legt uit hoe het zit met dat optimistische verstand en dat pessimistische hart.

Ook dat hart blijkt aardig te kunnen analyseren, want het zijn niet alleen gevoelsargumenten die zijn pessimisme voeden. “We hebben teveel ervaring met de Israeliers om nu al feest te vieren. Ik zie op tegen de onderhandelingen over de volgende fase. Dat wordt een getrek van jewelste. Waarom geven ze ons pas nu wat we al die tijd hebben gevraagd, nu we zwak zijn en niet toen we nog een beetje kracht hadden?”

“Het is ook onze eigen schuld, we hebben steeds op het verkeerde paard gewed. De laatste keer was dat met Irak. Het heeft te maken met gebrek aan ontwikkeling. Verschil in ontwikkeling was een van de redenen dat we niet tegen Israel opkonden. Dat we steeds op de hulp van de verkeerde kant gokten kwam ook doordat jullie in het Westen zo weinig luisterden naar ons. Verder ben ik bang vanwege de economische crisis in de Arabische wereld. En dan is er de angst voor onderlinge gevechten tussen Palestijnen”.

Waarom is zijn verstand wel optimistisch? Palestijnen hebben in de loop van de jaren scherp leren letten op het taalgebruik van hun vijand. “Er is een tijd geweest dat ze zeiden dat er geen Palestijnen bestonden. Daarna hadden ze het wel over Palestijnen, maar nog niet over het Palestijnse volk. Als je het hebt over een volk, dan houdt dat de erkenning in van rechten, zoals zelfbeschikking of een staat. En nu noemde Rabin ons voor de tv zelfs buren.”

Een tafelgenoot voegt eraan toe: “De groot-Israelgedachte is nu voor eens en altijd dood. Dat was al zo onder de Likoed-regering. Dat hebben we met onze opstand bereikt. Maar het is nu ten overvloede bewezen. We hebben niet voor niets Jericho uitgekozen. Die stad heeft een enorme godsdienstige betekenis voor de joden. Als je uitgerekend Jericho opgeeft en er komen op die rechtse protestdemonstratie van dinsdagavond niet meer dan 50. 000 mensen af, dan betekent het dat het Israelische volk heeft gebroken met de groot Israelische gedachte.”

Ook op de dag van de officiele erkenning is er geen knallend feest bij de Palestijnen, zoals dat er nog wel was in 1988 toen PLO-voorzitter Jasser Arafat de Palestijnse staat uitriep en zichzelf benoemde tot president. Droefenis heerst er bij de Hof van Getsemane. “Het is echt gebeurd. Ik kon het gisteren nog niet geloven. Maar Aboe Ammar heeft Israel erkend”, roept Moena. Aboe Ammar is de oorlogsnaam van Arafat, Vadertje Bouwer, een verwijzing naar zijn vroegere beroep van ingenieur.

- Vervolg op pagina 5.

Knulligheid op eerste vredesdag

VERVOLG VAN PAGINA 1

Moena heeft jaren voor haar Palestina en Aboe Ammar in de gevangenis doorgebracht. Ze heeft ook buitenlandse vrouwelijke gevangenen meegemaakt, die de PLO hadden geholpen. “Maar die werden niet gefolterd. Ze kregen bescherming van hun consuls. Ze bekenden ook meteen. Wij niet. Palestijnen zitten wel tien jaar zonder te bekennen”.

Vreugde is er pas bij de Damascuspoort van de oude stad. Twee inwoners van Gaza laten alle reserves varen en zeggen dat ze gewoon dolblij zijn.

De Palestijnse oppositie is er de afgelopen tijd nog niet in geslaagd een vuist te maken. Gisteren zou dat veranderen. De triomftocht tegen het verdrag moet beginnen in het stadion van de voetbalclub Jericho. De club kan van het toekomstige Palestijnse zelfbestuur twee dingen verlangen: dat de PLO zorgt voor een betere grasmat en dat er meer supporters komen dan het armzalige hoopje mensen dat het afwijzingsfront op de been heeft weten te brengen.

Op een ding hoeft de club nooit meer te hopen:dat er ooit nog zoveel cameramensen uit de hele wereld de gang naar het stadionnetje zullen maken. Bij de ingang staat een groot spandoek met de Ark van Noach. “Mijn zoon, stapt met ons aan boord en blijft niet bij de ongelovigen”, staat er onder. “De islam is een groene boom die alleen maar gedijt op bloed”, meldt een ander dundoek.

De Iman, die bij veertig graden celsius een donderspeech houdt, lijkt nog even de hoop te koesteren dat de voor zijn soort islam noodzakelijke rode vloeistof nog zal gaan stromen vanmiddag. De Israeliers zullen ons in elk geval oppakken, zo belooft hij, en daarom heeft hij alvast gevangeniskleding voor ons meegenomen, die we straks moeten aantrekken. Jammer voor hem is er in geen velden of wegen een Israelier te bekennen. Er volgt nog een tegenvaller, als hij de aanwezigen oproept het rituele gebed te verrichten. Ze moeten dan wel naar een andere hoek van het veld, want daar is beton gestort waardoor er geen gebedsmatjes nodig zijn. Lang niet alle betogers brengen de energie op, ondanks herhaalde aansporingen.

Een andere spreker zegt dat de toekomstige Palestijnse politie niet tegen Israelische kolonisten mag optreden, en daarom vooral bedoeld is om het Palestijnse volk te onderdrukken.

En zo ging de eerste dag van de vrede in weldadige saaiheid en knulligheid voorbij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden