Review

In Marokko blijf je een allochtoon

Hoe ontstaat terrorisme? Die vraag komt sinds 9/11 in talloze romans aan de orde, ook in ’Sirocco’ van Marokko-kenner Kees Beekmans. Vertelt hij ons iets dat we nog niet wisten? Helaas niet. En toch is dit boek over vriendschap en cultuurverschil de moeite.

In landen rond de Middellandse Zee kent iedereen de sirocco, de gevreesde storm die oprukt vanuit de Sahara en alles bedekt met een dik kleed van zand. Vincent Damave, verteller van ’Sirocco’ en correspondent voor een Nederlandse krant, leert de storm kennen wanneer hij met de Franse persfotograaf Alain Faucon op reportage is om een kamelenrace in de woestijn te verslaan. Hij wordt niet alleen getroffen door de brute kracht van de wind, maar ook door de erop volgende stilte, ’alsof er iets ontbrak’. Aan het slot van ’Sirocco’ doet zich opnieuw een stilte na de storm voor, ditmaal van veel dramatischer aard. Dan is ook duidelijk dat we de titel ’Sirocco’ symbolisch moeten opvatten.

Beekmans reflecteert in zijn debuutroman op de steeds actueler wordende kwesties van cultuurverschil en vreemdelingschap. In die zin sluit hij aan bij Nederlandstalige allochtonen als Abdelkader Benali, Kader Abdollah, Halil Gür en Yasmine Allas. Na Tessa de Loo’s nogal clichématig uitgevallen ’Harlekino’ (2009), dat net als ’Sirocco’ handelt over de vraag hoe moslimfundamentalisme terrorisme kan bevorderen, belicht Beekmans dit thema ondanks al zijn kennis over Marokko vanuit een overwegend eurocentrisch perspectief.

Dat de twee journalisten bevriend geraakt zijn, komt vooral doordat ze zich allebei in een vreemd land bevinden. Hun karakters lopen namelijk sterk uiteen. De op avontuur beluste Alain sleurt de onzekere en timide Vincent mee in riskante ondernemingen en naar plekken waar die uit zichzelf nooit heen zou gaan. Dankzij die initiatie ontdooit Vincent en weet hij iets van Alains impulsieve spontaniteit in zijn journalistieke praktijk te verwerken. Toch is het ten slotte Vincent die de confrontatie met Marokko overleeft en zich ten doel stelt ons te vertellen waarom het diehard Alain zoveel slechter is vergaan.

Die rolverdeling komt in de literatuur vaker voor, denk maar aan legendarische duo’s als Conan Doyle’s Dr. Watson en Sherlock Holmes, Thomas Manns Serenus Zeitblom en Adrian Leverkuhn (uit ’Doktor Faustus’) en Elsschots Laarmans en Boorman. Telkens gaat het over een zwakkere en minder uitgesproken ik-figuur, die vertelt over een sterke en geprononceerde vriend, om al meer en meer achter de held te verdwijnen.

Naarmate hun band zich verstevigt, ontdekt Vincent in de schijnbaar ruwe bonk Alain onvermoede eigenschappen als deernis en generositeit. Vooral nadat de fotograaf verliefd geworden is op Sabah, een meisje uit een krottenwijk dat haar geiten hoedt op een nabijgelegen vuilstortplaats. Beekmans weet de vriendschap die zich tussen de twee mannen ontwikkelt subtiel en met groot inlevingsvermogen weer te geven, een verhaallijn die hij verweeft met de (waar gebeurde) zelfmoordaanslagen die Casablanca een paar jaar geleden nog opschrikten.

Die tweede verhaallijn komt de spanning ten goede, maar mist nuance en diepgang. Mét zijn personages blijft Beekmans hier een buitenstaander die zo zijn voorgevormde kijk heeft op de oorzaken van het gewelddadige islamisme. Dat is des te merkwaardiger, omdat Beekmans zich in eerdere boeken zo betrokken en begripvol, zo belangeloos nieuwsgierig toonde naar de achterkant van het vermeende westerse gelijk. In ’Sirocco’ verschijnt Marokko als een achterlijke en corrupte samenleving, geteisterd door armoede, vrouwenhaat, intolerantie en religieus fanatisme.

Deze kritische kanttekeningen nemen niet weg dat Beekmans wel degelijk aantoont dat het wantrouwen en de misverstanden die in Europa leven jegens islamitische immigranten zich omgekeerd ook voordoen wanneer buitenlanders zich vestigen in een islamitisch land als Marokko. Zelfs wanneer Alain moeite doet om Vincents bediende Rachid bij te staan in de periode dat diens kind met brandwonden in het ziekenhuis ligt, komen zijn goede bedoelingen als een boemerang naar hem terug, met het gevolg dat hij eigenlijk het slachtoffer van het cultuurverschil is.

Dat bevestigt het inzicht dat je als nieuwkomer in een vreemd land nooit echt geaccepteerd zult worden, en dat er tussen verschillende culturen altijd een kloof van onbegrip zal blijven bestaan. In romans als ’De stem van mijn moeder’ en het recente ’Zandloper’ komt Abdelkader Benali tot een vergelijkbare conclusie, maar dan door te vertrekken vanuit het standpunt van een vernederlandste Marokkaan die tijdelijk terugkeert naar zijn land van herkomst. Net als in het genoemde werk van Benali spelen in ’Sirocco’ motieven als identiteitsverlies, wantrouwen en vervreemding een belangrijke rol. En net als in ’De stem van mijn moeder’ is er sprake van een desastreuze climax.

Niet zelden denk je van een boek dat het een stuk minder dik en uitvoerig had mogen zijn. Bij ’Sirocco’ is het precies andersom. De stof, het potentieel en de verhalende kracht van deze roman zijn sterk genoeg voor een verhaal van een dubbel aantal pagina’s.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden