Reportage

In Julianadorp is men het absoluut oneens, maar de hobby bindt

Een mannensprookje in Julianadorp. De modelspoorliefhebbers genieten van hun zelfgebouwde romantische landschap, maar bespreken ook de wereld buiten.Beeld Kees van de Veen

Op een reis door Nederland peilt Trouw in aanloop naar de verkiezingen de stemming. In de ideale wereld van de modelspoorbouwers in Julianadorp sluiten D66 en PVV elkaar níet uit.

De ramen glinsteren in de zon, de kinderen spelen buiten en de vlaggen hangen uit. In de stad van de Helderse Modelspoorclub schijnt altijd de zon, tenminste: als voorzitter Hans van den Ham het licht aandoet. En is het oude station in het échte Den Helder in 1958 al vervangen door een onooglijk naoorlogs complex, in de wereld van deze vereniging vormt het historische kopstation nog steeds het centrum van alles wat daaromheen gebeurt.

De 32 leden hebben hun eigen Den Helder gecreëerd, waarin de rode vuurtoren Lange Jaap, die in werkelijkheid buiten de stad staat, hier bijna náást de oude watertoren is geplaatst. Geografisch klopt er niets van, maar de mannen vinden het gewoon mooi zo. Dat geldt ook voor het enorme spoortraject dat ze hier hebben uitgelegd. ‘Van Den Helder naar de Alpen’, heet het, en zodra de trein is vertrokken van station Den Helder, rijdt hij al snel via een prachtige brugverbinding Duitsland in om daarna in een onnavolgbaar bochtenpatroon een Zwitsers bergdorp te bereiken. Op welk traject de trein ook rijdt: overal staan de koeien nog gewoon in de wei en dartelen ze met ander vee. Waar vind je dat nog?

De grote houten keet waarin dit allemaal gebeurt, staat aan de rand van Julianadorp, tegenwoordig een groeikern van Den Helder. “In 1996 heeft de club het gebouw overgenomen van de gereformeerde kerk”, zegt oud-kinderarts Van den Ham, “en er gaan zelfs verhalen dat de barak in de Tweede Wereldoorlog op Texel als bordeel dienst deed en daarna in z’n geheel naar de vaste wal is verplaatst.”

Hoe het ook zij, twintig jaar geleden kwam hij in handen van deze bouwers en die hebben jaar in jaar uit aan deze banen gewerkt. Zo ontstond uiteindelijk de droomwereld van wel 25 meter lengte, waarin ze zich nu twee keer per week terugtrekken. De ene avond is voor de ‘bouwers’, de andere voor de ‘rijders’. Ook vrouwen mogen formeel lid worden, er wáren er ook twee actief, maar de mannen waren ‘niet droevig’ toen ze weer vertrokken. Hun aanwezigheid zorgt volgens hen toch voor ‘een remmetje’.

In dit mannensprookje gelden eigen codes. Secretaris Ronald Varekamp (accountmanager bij een automobielbedrijf) legt uit dat de kleuren in het tapijt aangeven waar koffie gedronken mag worden en waar niet. “In verband met morsgevaar.” En dat bakkie leut, dat wordt afgerekend met een heuse ‘knip’ in de consumptiekaart, zegt hij, alsof ze in de intercity naar Haarlem zitten.

Volgens Van den Ham heeft de club bewust de 21ste eeuw buiten de deur gehouden. Dat heeft volgens hem niet alleen een praktische reden. “De baan is al twintig jaar oud, dus als je hier een hogesnelheidslijn wilt laten rijden, moet er gesloopt worden.” Zo’n moderne lijn is ook veel saaier, met betonnen viaducten en bruggen, terwijl ze dan de spoorwegovergangen met de andreaskruizen moeten missen, net zoals dat steeds vaker in de echte wereld gebeurt. Varekamp: “Maar ook architectonisch zijn de jaren vijftig en zestig veel aantrekkelijker, met al die details.” Van den Ham. “Ik moet er niet aan denken dat we hier het nieuwe station van Rotterdam moeten opbouwen. Wat een tochtgat.” De mannen kiezen voor de romantiek, de nostalgie, voor het Nederland uit hun jeugd, inderdaad toen het altijd mooi weer was, de kinderen buiten en de vlag in top.

Beeld Kees van de Veen

Gemeenschappelijke zorgen

Toch sluiten ze zich niet helemaal af bij de Helderse Modelspoorclub. Voordat ze met bouwen of rijden beginnen, wordt eerst aan de centrale tafel het leven doorgenomen, op rode nagemaakte banken uit een ‘Hondekop’. Vanuit de sfeer van de jaren vijftig en zestig bespreken de mannen de kranten van vandaag, over de wereld buiten. Pas daarna worden de treinen gereden.

Die discussies leveren gemeenschappelijke zorgen op, maar ook zeer wisselende politieke posities. Van den Ham en Varekamp vormen zo’n beetje de middenmoot met hun opmerkingen dat we Nederland toch als een mooi en prettig land moeten ervaren. “Een beetje verwend misschien”, zegt Van den Ham als het om jonge mensen gaat die in een gespreid bedje terecht komen. “En met een groot tekort aan vakmensen”, vindt Varekamp. “De arbeidspiramide staat in Nederland op z’n kop, met een overschot aan te hoog opgeleid personeel.” Maar dat zijn geen zaken die niet opgelost kunnen worden.

Marcel Klabbers (oud-hoofd van een röntgenafdeling) en Willem Dekker (gepensioneerd marineman) maken zich grotere zorgen over het politieke klimaat in Nederland. Maar daar gaan ze beiden totaal verschillend mee om. Klabbers maakte een zware oorlogstijd mee en gruwelt nu van extremisme, aan welke zijde dan ook. Politieke schuift hij van de VVD steeds meer op naar het midden. Dekker vat de Nederlandse politiek juist samen als ‘slappe hap’ en stemt tegenwoordig op de PVV. Binnenkort ontvlucht hij volgens eigen zeggen zelfs het land om zich op Curaçao te vestigen. “We zijn het vaak absoluut oneens”, zegt voorzitter Van den Ham lachend, “maar het mooie is: onze hobby verenigt ons”.

Klabbers vertelt dat hij in de oorlog uit Den Helder is ‘weggebombardeerd’. Zijn vader was zeven jaar lang ‘te gast’ bij de Japanners. En met zijn Belgische moeder, die ook al de Eerste Wereldoorlog had meegemaakt, moest de jonge Klabbers in Voorschoten de hongerwinter zien door te komen. Kort samengevat: die ervaringen hebben hem gevormd, en daarmee onderscheidt hij zich van de anderen die jonger zijn.

“Vanuit die geschiedenis maak ik me zorgen over de toekomst van ons land”, zegt hij. Er zijn zoveel mensen met extreme ideeën, en dan heb ik het over moslims, maar ik doel ook op de PVV. Wat moet daaruit voortkomen?” En dan is er nog het normloze gedrag van sommigen. “Ik kom uit een tijd dat je als burger nog gehoorzaam was. Dat was toen normaal, maar tegenwoordig helemaal niet meer.” Polarisatie in combinatie met dat gedrag, daar heb ik geen goed gevoel over.”

Gesjoemel

Er zou wat Klabbers betreft een andere mentaliteit moeten komen, “meer mét elkaar dan tegen elkaar, maar wie dat moet bewerkstelligen is natuurlijk een ander verhaal. Je zou denken dat politici of een premier het land in die richting brengen. Maar waar blijven ze?”

Is dat nou een moreel appèl dat Klabbers vanachter de spoortafel doet? “Zo kun je het noemen, maar het feit is wel dat ik juist mínder vertrouwen in de politiek heb gekregen. Vooral in de VVD. Die zaak Van der Steur, wat zijn dat nou voor deals? Wat een gesjoemel!”

“De sprekers vóór mij waren stuk voor stuk positieve mensen”, steekt PVV’er Dekker ietwat formeel van wal. Maar dat formele verdwijnt als hij gaat argumenteren. “Ik ben helemaal niet positief. Ik vind de Nederlandse politiek een afbraakclub. Ik kijk met een heel andere bril naar Nederland. Geert Wilders gebruikt niet altijd de juiste woorden, ik zou het allemaal wat netter formuleren. Maar ik denk dat ook veel positieve mensen het uiteindelijk met Wilders eens zijn.”

Dekkers eerste punt is de sluiting van de grenzen. “En dan zit ik heus niet aan een muur te denken, maar we moeten een einde maken aan de ongecontroleerde stroom mensen die ons land binnenkomt.” Niet iedereen is slecht, zegt hij erbij, maar er zit kaf onder het koren. “Ik denk dat we nog wat gaan meemaken in Nederland”, maar voor de invulling van dat begrip verwijst hij naar de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding Dick Schoof. “Dat moet hij maar vertellen.”

De politieke en economische vluchtelingen moeten eenmaal binnen volgens Dekker ook eerder worden gescreend. Dan kan niet alleen worden vastgesteld of zij een criminele achtergrond hebben, maar ook waar zij vandaan komen. “Volgens het Dublin-akkoord kunnen asielzoekers worden teruggestuurd naar het land dat zij als eerste hebben aangedaan. Nederland grenst helemaal niet aan Marokko of Tunesië, en ook niet aan de landen in het Midden-Oosten. Die mensen kunnen dus worden teruggestuurd. Of Duitsland bijvoorbeeld dat nu leuk vindt of niet.”

We hebben volgens hem in Nederland slappe knieën, zegt Dekker. “We treden niet meer zo kordaat op als dat we dat vroeger geleerd hebben. Misschien is dit woord niet netjes, maar ik vind het in Nederland een slappe hap, zeker als ik kijk naar onze minister-president.” Dat is wel een aardige man, grapt Klabbers een beetje plagend. “Ja, hij lacht”, antwoordt Dekker, “alles weg.”

Hij ziet heus wel dat het op veel plekken misgaat in de wereld, zegt Dekker. “Ik ben ook helemaal niet tegen politieke vluchtelingen. Ik help ze zelfs. Maar ik wil later niet het verwijt van mijn kleinkinderen krijgen dat we in Nederland veel te slap hebben opgetreden.”

Hij heeft nog geprobeerd in Den Helder een afdeling voor de PVV op te richten, maar dat is volgens Dekker mislukt omdat toch veel mensen bang zijn voor de reacties uit de omgeving. Mede vanwege het politieke klimaat heeft hij moeten concluderen dat Nederland niet meer de juiste plek voor hem is. Dekker gaat dus emigreren naar Curaçao. “Ik moet bekennen dat ook het warme klimaat en de witte stranden enigszins invloed op die beslissing hebben”, lacht hij. Maar ook serieus: Dekker vlucht weg, en moet de bubbel van de Helderse Modelspoorclub verlaten. Gelukkig kan hij zijn eigen modeltrein mee verhuizen en wordt zijn baan daarmee de eerste spoorverbinding op dit Caribische eiland.

Ze zullen hem missen, de mannen die achterblijven aan de stamtafel met de Hondekop-banken. “Over de stand van het land hebben we jarenlang hele gesprekken kunnen voeren”, zegt Klabbers, “ook met Dekker. We bedenken hier kleine oplossingen voor wereldproblemen. Maar die grote jongens luisteren niet naar ons.”

Politiek Den Helder

Den Helder (56.000 inwoners) heeft sinds de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 een breed college met twee wethouders van de lokale Stadspartij en één van VVD, D66, CDA en PvdA. Bij die verkiezingen verschoof liefst 38,7 procent van de stemmen. De PvdA werd gehalveerd en zakte naar 6,7 procent, de Stadspartij ging van 8,7 procent in 2010 naar 32,4.

Modelspoor vergrijst

Nederland telt 104 modelspoorclubs waarvan er 80 zijn aangesloten bij de Nederlandse Modelspoor Federatie (NMF). Samen hebben zij ongeveer 4000 leden. Een veelvoud daarvan beoefent de modelspoorhobby in de anonimiteit van de eigen zolder uit. Volgens Jitse Kaspers van de NMF vergrijst het ledenbestand. De gemiddelde leeftijd van de modelspoorbouwer ligt op 60 jaar.

Onvrede

Uit de studie ‘Meer democratie, minder politiek’ (2015) van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat verreweg de meeste Nederlanders een democratie de beste manier van besturen vinden. De onvrede over de politiek betreft voor een klein deel het beleid van de zittende regering, maar is in de meeste gevallen veel breder. De kern is dat politici te weinig luisteren naar ‘gewone’ mensen, hun eigen zin doordrijven en te veel aan hun eigen belang denken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden