'In Israël is angst het motief van beide kanten'

Een Israëlische brigade kijkt uit over Jeruzalem in juni 1967 Beeld AFP

Met de zesdaagse oorlog, van 5 tot en met 10 juni 1967, begon een bezetting die nu al vijftig jaar duurt. Vier schrijvers over hoe het verder moet.

Stel, u mag iemand rondleiden, een bezoeker die helemaal niets weet van wat hier gaande is. Naar welke plek zou u hem brengen om uit te leggen waar het conflict om draait?

Caroline Glick

"Er is helemaal geen probleem, dus de vraag is fout. Maar goed, ik zou doen wat ik net met mijn neefje uit Amerika heb gedaan, die hier was met een organisatie die jonge joden in de diaspora kennis laat maken met hun thuisland. Hij ontdekte dat Efrat, waar ik woon, geen nederzetting is, maar gewoon een voorstad van Jeruzalem. Hij zei: "Ik dacht dat jullie in caravans woonden." Jullie in Europa zijn compleet geobsedeerd door de nederzettingen. Alsof de mensen die daar met een keppeltje lopen het obstakel zijn voor vrede. En ondertussen zeggen jullie niets over de zelfmoordaanslagen, de terreur, de corruptie bij de PLO, en wat al niet meer. Jullie blijven hen gewoon geld geven."

Assaf Gavron

"Tel Aviv en Hebron. Als microkosmos van de bezetting wordt terecht vaak Hebron genoemd. De levendige Palestijnse markt op Shuhadastraat moest dicht om de kolonisten, die daar een paar huizen innamen, te beschermen. Als je door die straat loopt, zie het de bezetting in extreme vorm. Een vreemdeling zou zich dan afvragen: waarom wordt hier niks aan gedaan? Daarom moet je ook naar Tel Aviv. Niemand aan Israëlische kant maakt haast om iets aan de idiotie te doen, en dat begrijp je als het fijne, westerse leven in Tel Aviv ziet."

Nadav Shragai

"Naar de Tempelberg. Ik zou vertellen hoe moslims daar de grond hebben uitgegraven en het zand in de Kidron Vallei hebben gestort. Ze willen voorkomen dat er archeologische opgravingen worden gedaan die de historische relatie bevestigen tussen de joden en deze heilige plek. Er zijn tal van vondsten gedaan die de joodse geschiedenis bevestigen. Het is simpel: er zijn feiten en mensen die de feiten ontkennen. Het hart van de zaak is de strijd om de tempel. We hoeven de moskee op de Tempelberg niet af te breken. Maar joden moeten in de toekomst wel het recht krijgen er te bidden."

Sari Nusseibeh

"Aan de Palestijnse kant zou ik hem meenemen naar een vluchtelingenkamp, aan de Israëlische kant naar de nieuwe stad op de plek waar die vluchtelingen vroeger woonden. Ik zou uitleggen: 'Dit is de basis van het nog steeds voortdurende conflict: een volk kon zich ontwikkelen ten koste van een ander.' Ik zou ook de context uitleggen: dat deze Israëlische stad deels is ontstaan uit de wens van Europese joden een eigen thuis te hebben, omdat ze daar werden vervolgd. Ze kwamen niet met het doel de Palestijnen tot vluchtelingen te maken, het is de consequentie geweest. Een Israëliër die niet het Palestijnse verhaal ziet, ziet niet de realiteit. Het is lastig voor hen te beseffen dat de geboorte van hun land een tragedie voor een ander volk was. Een Palestijn die niet het Israëlische verhaal ziet, ziet ook niet de realiteit. Zij willen vaak de redenen voor de joodse vlucht uit Europa niet horen."

Hoe ziet u de toekomst? Eén staat, twee staten?

Nadav Shragai

"Ik wil in contact zijn met Palestijnen, maar soms zie ik geen mogelijkheid. Dat heeft te maken met mijn ervaringen als verslaggever tijdens de eerste intifada. Ik was een jaar of 23, er was een aanslag op buslijn 18, ik zag stukken van mensen liggen. Het heeft mijn vertrouwen in Palestijnen sterk beïnvloedt. Maar we moeten wel samenleven. Jeruzalem is een soort laboratorium voor de toekomst. Daar wonen we samen, er zijn veel ontmoetingsplekken: in het ziekenhuis, in het verkeer, in het toerisme, de industrie. Dat heeft een matigende invloed op het conflict. De buurten in Oost moeten beperkt zelfbestuur krijgen en een flink budget. Er zijn te veel verwaarloosde wijken, zonder goede gemeentelijke voorzieningen die worden geplaagd door armoede, drugs en geweld. Ontwikkel die wijken, dat is voor Israël alleen maar gunstig. De Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever zie ik een federatie met Jordanië, waar de Palestijnen veel beter vertegenwoordigd moeten worden. Er is daar genoeg ruimte voor Palestijnse en joodse steden. De vraag is of er genoeg ruimte is in het hart."

Palestijnse vluchtelingen trekken eind juni 1967 via de beschadigde Allenbybrug (of Koning Hoesseinbrug) over de Jordaan naar het niet door Israël bezette deel van Jordanië. Beeld AP

Caroline Glick

"De tweestatenoplossing is antisemitisch. Dat gaat ervan uit dat joden te veel land hebben. Israël is ons land, en dat moet één staat worden. Er wordt vaak beweerd dat wij dat demografisch gaan verliezen van de Palestijnen, maar de getallen zijn fout, de PLO heeft ze in de jaren negentig vervalst. Die census was een demografische intifada: een terreuraanslag met andere middelen. Misschien moet de ontwikkeling naar die ene staat stapsgewijs gaan, we kunnen eerst de delen van de Westelijke Jordaanoever annexeren waar de joodse nederzettingen zijn. Ik ben er geen voorstander van om de Palestijnen staatsburgerschap te geven, ze kunnen ingezetenen zijn, maar dat moet misschien afhangen van het gedrag van het individu. De Palestijnse steden kunnen voorlopig onder Palestijns gezag blijven. Dan moeten we later maar verder zien. De Palestijnen willen geen eigen staat, dat hebben ze genoeg duidelijk gemaakt. Ze wijzen alles af. Ze zullen nooit een vredesverdrag met Israël sluiten. Dus we moeten zelf stappen zetten."

Sari Nusseibeh

"Ik ben geen nationalistisch mens, geen aanhanger van het fenomeen 'staat'. Ik heb geen eigen munt of vlag nodig. Als een staat de basisprincipes van menselijke waardigheid en vrijheid garandeert, maakt het me niet uit of er het een, twee of drie zijn. Ik zou niet blij zijn met een Palestijnse staat die mij niet geeft wat ik nodig heb: waardigheid, vrijheid en de mogelijkheid mezelf te ontwikkelen.

De grote fout van de Palestijnse elite, inclusief mijzelf, is geweest dat we een eigen staat wilden. Daarmee bedoel ik: de eerste twintig jaar van de bezetting waren er volop economische mogelijkheden voor de Palestijnen, meer dan ooit eerder. Velen werkten in Israël, in de bouw, in restaurants, in fabrieken. Vrouwen konden voor het eerst een eigen inkomen vergaren. Maar de Palestijnse elite zei: 'Het gaat er niet om of individuen een beter leven hebben, het gaat om de economische ontwikkeling van het volk als geheel. We zijn een volk. We moeten het land beschermen. We moeten doen wat de joden hebben gedaan: onafhankelijkheid zoeken'.

Dat was de eerste intifada. Samenwerking op alle niveaus met Israël werd taboe. Mensen werd gezegd niet meer in Israël te werken. De opstand kwam van de grond. Maar we faalden met stap twee, de eigen staat. Dat reken ik onszelf aan."

Assaf Gavron

"Er wordt gepraat over allerlei tussenvormen, cantons voor de Palestijnen binnen één staat en dergelijke. Ik zie dat niet werken. Hoe moeilijk ook, we moeten de twee staten blijven proberen.

Maar allereerst, voorafgaand aan elke oplossing, moeten we de bezetting beëindigen. Als ik de premier was, zou ik morgenochtend zeggen: 'We willen geen macht meer over jullie levens uitoefenen'.

Ik geef Israël meer verantwoordelijkheid, omdat de macht bij ons ligt. Wij kunnen ons meer empathie met de andere kant veroorloven. Dat wij, die elk jaar met Pesach onze vrijheid vieren, geen vrijheid aan de ander geven, is beschamend. Ik hou van mijn land, het is mijn enige thuis. Maar ik schaam me dat ik burger ben van een land dat zich zo gedraagt."

Gaat het conflict over land, volk, religie? Is het in de loop der tijd veranderd?

Sari Nusseibeh

"In de jaren zeventig, tachtig was er een simpele grens, die van 1967. Dat zou de grens van twee toekomstige staten worden. Inmiddels zijn er de nederzettingen, en in Jeruzalem kan je de grens niet eens meer zien, die bestaat niet meer. Het begon eenvoudiger, met een volk dat een thuisland wilde en een ander volk dat in datzelfde thuisland wilde zijn. Daar is historische bagage bovenop gekomen, en een breder religieus conflict. Ben Gurion wilde slechts een veilig land voor de joden, maar nu is Jeruzalem de primaire focus. Er wordt gesproken over herbouw van de Joodse Tempel. En dat raakt aan de diepe passie van de andere kant, de moslims, voor wie de Al Aqsa-moskee de focus is geworden. Het religieuze aspect maakt het heel explosief. Dus zowel de objectieve als subjectieve situatie zijn moeilijker geworden, manoeuvreren is daardoor steeds lastiger."

Caroline Glick

"We hebben met jihadisten te maken en dat is niet veranderd in die vijftig jaar. Of het nou de Arabische fascisten onder Nasser zijn, of de Arabische jihadisten van Hamas, of Al-Qaida of IS. Het resultaat is voor Israël altijd hetzelfde: ze willen ons vernietigen."

Assaf Gavron

"Het is in essentie een nationalistisch en religieus conflict, maar sinds vele jaren gaat het over angst. Dat is de kern. Joden durven geen poging tot vrede meer te doen, omdat ze bang zijn. De meeste mensen van mijn generatie na de tweede intifada zijn afgehaakt. Die zeggen: 'We gaven jullie het beste aanbod en kregen bommen terug'. Veel van mijn vrienden vinden sindsdien dat je Arabieren niet kan vertrouwen.

Ook rechts is angstig, niet dapper, al spiegelen ze het zelf graag anders voor. De angst en achterdocht motiveren de beide kanten: de bevolking én de leiders en extremisten, die dat voeden en uitbuiten.

Het creëert een muur - niet alleen letterlijk, ook metaforisch. Palestijnse kinderen zien alleen maar soldaten, Israëlische kinderen zien alleen Palestijnen in het nieuws als ze gevaarlijk zijn."

Nadav Shragai

"Het conflict is religieus en nationaal. Dat hoort in het jodendom bij elkaar. Pesach, een religieus feest, gaat over de geboorte van het joodse natie. Ook voor Ben Gurion en Menachem Begin, die niet gelovig waren, bepaalde de Tenach en andere schriftelijke bronnen hun identiteit als jood. Ook als je seculier bent, moet je erkennen dat de joodse bronnen onze oorsprong zijn. Zonder dat hadden we ook in Oeganda kunnen gaan zitten. Israël is niet alleen een veilige haven, het is ons vaderland. Het kan dus niet zijn dat Israël niet verbonden mag zijn met de Tempelberg en Hebron. Je kun praten over wat voor soort band, maar een band moet er zijn. En dat is precies wat Palestijnen niet accepteren."

Twee Isräelische militairen fouilleren een groep gevangengenomen Jordaniërs in Jeruzalem tijdens de zesdaagse oorlog. Beeld AP

Sari Nusseibeh (1949), Jeruzalem.

Hoogleraar filosofie. Heeft als Palestijn in Jeruzalem geen Israëlisch staatsburgerschap. Studeerde in Oxford en Harvard en werd bij terugkeer actief in de Palestijnse verzetsbeweging PLO. Was in 2002 mede-initiatiefnemer van een Palestijnse-Israëlisch burger-vredesinitiatief. Nusseibeh is auteur van diverse wetenschappelijke, politieke en autobiografische werken.

Caroline Glick (1969), nederzetting Efrat, Westelijke Jordaanoever.

Journalist en auteur, geboren in Chicago. In het kader van de Oslo Akkoorden was ze als officier in het Israëlische leger betrokken bij de onderhandelingen met de Palestijnen. Glick schrijft voor de rechtse krant Makor Rishon en zit in de hoofdredactie van de Jerusalem Post.

Assaf Gavron (1968), Tel Aviv.

Auteur van proza. Gavron groeide op in een links-liberale, seculiere familie, zijn ouders kwamen uit Engeland. Hij heeft gewerkt als ontwikkelaar van videogames en als muzikant. Zijn romans spelen zich vaak tegen het decor van het conflict. Ze zijn in veel talen vertaald, ook in het Nederlands. Fameus is 'The Hilltop' (De Nederzetting), waarvoor hij werd onderscheiden.

Nadav Shragai (1959), Jeruzalem.

Journalist en schrijver, kleinzoon van de eerste gekozen joodse burgemeester van de stad. Shragrai is rechts-religieus, maar schreef decennialang voor de linkse krant Haaretz over nationale veiligheid en religie. Hij voelt zich sterk verbonden met de joodse geschiedenis van de stad. Hij schreef een aantal boeken over het historisch-religieuze conflict de Tempelberg, de Al Aqsa Moskee en de Klaagmuur.

Zesdaagse oorlog

Vijftig jaar geleden brak oorlog uit tussen uit tussen de nog jonge, joodse staat Israël en de Arabische landen. Israël kwam er gesterkt uit. De Palestijnen kwamen onder Israelische militaire bezetting en die duurt voort tot op de dag van vandaag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden