In Iran valt de klok niet meer terug te draaien

Wat staat Iran te wachten nu een oerconservatieve president is verkozen? Schrijver Ali Ashraf Darvishian is niet bang voor nieuwe repressie. ,,Zelfs hij kan het proces niet keren: Iraniërs willen vrijheid.”

Zijn laatste verhalenbundel sneuvelde bij de censuur, vertelt schrijver Ali Ashraf Darvishian. ”Ze wilden dat ik acht verhalen zou schrappen. Ik antwoordde dat ik nog geen regel zal veranderen.”

Misschien zullen de gewraakte verhalen via een omweg toch de Iraanse lezers bereiken. Het is Darvishian wel vaker overkomen dat de censor een boek verbood. Maar soms mocht het, nadat het in het buitenland was gepubliceerd, ineens toch ook in Iran verschijnen.

Ontspannen slaat hij een glas bier achterover. Bier is de favoriete drank van het Iraanse gezelschap dat op dit Scheveningse strandterras is neergestreken. Thee vinden ze een verdachte vloeistof. Er zitten hier heel wat tuchthuisjaren bijeen. Misschien vandaar de drang om met volle teugen te genieten van de vrijheid van zon, strand en alcohol.

Schrijver Darvishian zat gevangen tijdens het bewind van de in 1978 verjaagde Sjah. Hij zat toen zeven jaar om politieke redenen vast. De ayatollahtijd overleefde hij door zich op folklore te storten. Hij is bezig met een encyclopedie van Iraanse volksverhalen, die twintig delen zal krijgen. Zestien delen zijn af. Koerdische Roodkapje-sprookjes kwam hij tegen. Hij tekende verhalen op die als twee druppels water lijken op die van 1001 nacht. Ook verzamelde hij Iraanse broertjes en zusjes van vertellingen van Hans Christiaan Andersen.

”Ik doe dit samen met een vriend. Toen de autoriteiten zagen dat mijn project ging slagen wilden ze in de eer delen. Nooit hebben we een cent subsidie gekregen, we zijn tegengewerkt, maar ineens wilden ze een team van zestig onderzoekers ter beschikking stellen. We hebben beleefd bedankt.”

Ook de folklore bleek niet veilig voor de tentakels van de censuur. In veel volksverhalen wordt vrolijk gedaan over de dorpsgeestelijken, de mollahs. Soms gelden ze als dom, dan weer als sluw. De Iraanse censor vond de vergelijking met vossen onprettig en deed een opbouwend voorstel. Kon hij niet beter de mirza, de dorpsschrijver, het mikpunt maken? Darvishian, verontschuldigend: ”Ja, dat heb ik gedaan. Ik had zoveel werk verzet, ik wilde niet dat het op zo'n kleinigheid zou stuklopen. Een groot probleem is het niet want de mensen weten heus wel wie de echte vossen zijn.”

Vorige week sprak Darvishian in Straatsburg op uitnodiging van de Groene fractie met het Europees Parlement. Hij bezocht ook Nederland. De Groenen wilden weten wat de vooruitzichten van Iran waren na de verkiezing van de oerconservatieve president Ahmadine Idjad. Darvishian hield en passant een pleidooi voor zijn collegaschrijver Nasser Zarafshan, die onlangs door een militaire rechtbank is veroordeeld tot vijf jaar cel.

Zarafshan kwam in botsing met het regime nadat hij in een redevoering had gezegd dat de geheime dienst achter de moord zit op vijf belangrijke Iraanse schrijvers, in 1998. De moorden zijn officieel nooit opgehelderd. Schrijver Zarafshan stond als advocaat - zijn eigenlijke beroep - familieleden van de vermoorde schrijvers bij.

Darvishian en andere schrijvers hielden onlangs nog een betoging van twee weken bij de beruchte Evin-gevangenis in Teheran. Ze eisten dat Zarafshan de gelegenheid zou krijgen zich buiten de gevangenis te laten behandelen voor nierstenen. Zarafshan zit nu thuis. Maar de verwachting is dat hij weer terug naar het gevang zal moeten.

Ook schrijver Akbar Ganji zit in de cel na kritiek op het regime. Hij had serieuzer onderzoek geëist naar de seriemoorden van 1998. Hij is bezig met een hongerstaking. ”Denk aan Sacharov,” zei Darvishian tegen de Europarlementariërs, met een verwijzing naar de dissidenten in de tijd van de communistische Sovjet-Unie. ”Voor hem hebben jullie je geweldig ingezet en nu moet je hetzelfde voor ons doen.” Hij is blij met de brief die het Europees Parlement schreef aan de Iraanse autoriteiten over Zarafshan en Ganji.

Het is een beetje onduidelijk in welke hoedanigheid Darvishian in Straatsburg sprak. Hij noemt zichzelf niet de voorzitter van de schrijversbond, volgens anderen is hij dat wel. ”We hebben geen officiële status”, legt hij uit. ”Na de seriemoorden in 1998 mochten we een officieel congres houden, later niet meer. We hebben nog wel eens geprobeerd zonder toestemming een congres te houden. We kregen toen van de geheime dienst via de telefoon te horen dat er krachten in de samenleving waren die niet blij waren met het congres en die het gebouw, waarin we bijeen zou komen, wel eens zouden kunnen opblazen.”

Ook op andere manieren voert de geheime dienst een ontmoedigingsbeleid. ”Jullie willen vast allemaal de Havel van Iran worden, hè?”, vragen de geheim agenten smalend.

”Ze willen geen precedent”, zegt Darvishian. ”Ze zijn bang dat, als er een onafhankelijke schrijversbond komt, ook anderen vrije vakbonden willen. Overal gist het, bij studenten, leraren, arbeiders en verpleegs t e r s .” Als dat de sfeer is, hoe komt het dan dat er een oerconservatieve president is gekozen?

Darvishian: ”Ik was niet geschokt, wel verrast door zijn verkiezing. Hij heeft een goede campagne gevoerd, vooral op het platteland. Hij beloofde een eerlijke verdeling van de oliegelden en dat sloeg aan. Ook de dreiging van een Amerikaanse aanval heeft hem geholpen. Verder hebben we geen vrije kranten en geen vrije partijen. En de Raad van de Hoeders (een soort ballotagecommissie van het regime) heeft veel kandidaten uitgesloten. Zo veel doet het er overigens niet toe, want een president heeft toch weinig te vertellen. De echte besluiten neemt de geestelijke gids, Ali Khamenei.”

”Tot nu toe hebben we nog niet veel veranderingen gezien. Dat kan ook niet - tot augustus blijft de huidige president Khatami in functie. De buitenlandse politiek zal waarschijnlijk weinig veranderen. Binnenslands zullen ze de censuur wat aanhalen. Maar echt terug naar de oude tijd kunnen ze niet meer. In het land is een proces op gang gekomen dat niet meer is te keren. Het Iraanse volk wil vrijheid, ze willen niet langer dat één persoon alles beslist.” Een herhaling van de zeer gewelddadige repressie van eind jaren tachtig is volgens hem uitgesloten. Al was het alleen maar omdat de Iraanse burgers via mobiele telefoon en buitenlandse media het nieuws erover direct de wereld zouden inzenden (zie kader).

Hoe zou het Iraanse publiek reageren op een Amerikaanse inval?

Darvishian zelf is tegen: ”Ik ben geen politicus, ik ben schrijver. Bij de Koerden zie ik dat ze over de grens kijken, ze zien het zelfbestuur van de Iraakse Koerden en dat willen ze zelf ook. Dat staat bij hen v o o r o p .”

En dan snijdt hij, op de valreep, een onderwerp aan dat een compleet nieuw interview zou rechtvaardigen. Ineens schetst hij ontwikkelingen, die zich onder de nieuwe president kunnen voordien en die wel even verder gaan dan verscherping van de censuur of zelfs een Amerikaanse inval.

Volgens Darvishian staat er niets minder op het spel dan de overleving van Iran als staat, als gevolg van een systematische miskenning van de ambities van de minderheidsvolkeren, die ongeveer de helft van de totale Iraanse bevolking uitmaken. Hij sluit niet uit dat het land uiteen kan vallen.

Het is, na alles wat hij al heeft gezegd, misschien wel het zwaarste verwijt dat er deze middag op het Scheveningse terras valt te horen tegen het ayatollahbewind: ”De islamitische regering heeft veel te weinig rekening gehouden met de minderheden. De enige oplossing is een federatie. We moeten in de leer bij andere landen met een federaal stelsel. Er is meer culturele vrijheid nodig, meer ruimte ook voor de andere talen.”

Zijn onderzoek naar volksverhalen heeft hem inzicht gegeven in de verscheidenheid van Iran maar ook in de verbindende elementen. Daarom klinkt het geloofwaardig als hij zegt: ”Ik zeg het uit de grond van mijn hart: ik hoop niet dat Iran uiteenvalt. Maar als dat toch gebeurt dan weet ik wie ik verantwoordelijk moet stellen. Dat is de islamitische regering.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden