In Hongarije bepaalt het ministerie wat academici mogen onderzoeken

Demonstranten gaan al weken de straat op om hun ongenoegen te laten blijken over de hervorming van de Academie van Wetenschappen. Beeld AFP

Wetenschappers in Hongarije vrezen voor hun onafhankelijkheid. Het ministerie gaat bepalen wat wel en niet mag worden onderzocht. 

Dat hij straks nog een baan heeft, lijkt Tamás Stork onwaarschijnlijk. Al decennia werkt hij als onderzoeker bij het geschiedkundige instituut van de Hongaarse Academie voor Wetenschappen (MTA). Maar de ­regering wil het Hongaarse wetenschappelijk onderzoek in eigen hand nemen en als historicus maakt hij zich geen illusies. Zijn specialisatie is het Horthy-regime in de jaren voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zijn visie daarop is aanzienlijk kritischer dan het officiële standpunt over die tijd.

Samen met enkele tientallen collega’s protesteert Stork in de brandende zon voor het statige MTA-­gebouw tegen de voorgenomen ontmanteling van deze haast 190 jaar oude instelling. Weliswaar blijft de academie officieel bestaan. Maar volgens een wet die dezer dagen in het Hongaarse parlement wordt besproken, gaan alle zestien onderzoeksinstituten met hun vijfduizend medewerkers naar een nieuw onderzoeksnetwerk met een bestuur dat door de premier persoonlijk wordt benoemd. Van de academie blijft niet veel meer over dan een schitterend gebouw vol marmer, bladgoud en beschilderde plafonds en een eerbiedwaardig college van academici die hun lidmaatschap als eretitel dragen.

Academievoorzitter László ­Lóvász werd een jaar geleden door minister van technologie en innovatie László Pálkovics in een e-mail over de plannen geïnformeerd. Hij kreeg destijds exact 54 minuten om een deskundig weerwoord te formuleren. Twaalf maanden onderhandelen later is hij volgens eigen zeggen niets wijzer geworden over de ­beweegredenen achter de wet, maar hij heeft wel een vermoeden. 

“Veel van het sociale onderzoek van de academie raakt regeringsbeleid en de onderzoeksresultaten zijn vaak kritisch over de gevolgen daarvan. Je zou verwachten dat bewindslieden zulke resultaten in hun ­beleidsplannen meenemen, maar in plaats daarvan wordt onderzoekers verweten dat ze politiek bedrijven”, aldus Lóvász.

Geen kritiek

Voor Stork staat vast dat de academische vrijheid van de MTA de regering een doorn in het oog is en dat politici een einde willen maken aan wetenschappelijk onderzoek dat botst met hun eigen visie. Het herinnert hem aan zijn eerste jaren bij de MTA, nog in de communistische tijd. Ook toen had de politiek grote invloed op het wetenschappelijk onderzoek en vakken als sociologie werden in die ­dagen jarenlang helemaal niet gedoceerd.

Enkele jaren geleden richtte premier Viktor Orbán Veritas op, een ­instituut dat de geschiedenis vanuit Hongaars-nationalistisch standpunt benadert en dat een steeds grotere rol krijgt in het Hongaarse historisch onderzoek. “Zij presenteren het Horthy-regime bijvoorbeeld als een positieve periode, zonder aandacht voor de toenmalige sociale ongelijkheid en het antisemitisme”, zegt Stork.

“De regering verwacht propaganda van historici, geen onderzoek. Ik merk nu al dat ik, in tegenstelling tot vroeger, vrijwel nooit meer word uitgenodigd als deskundige bij tv- en ­radio-uitzendingen. Ik vrees dat historici straks ondergeschikt worden gemaakt aan Veritas en dat betekent het einde van onze onderzoeksvrijheid.”

Meer innovatie

Dat sociale wetenschappen veel minder geld zullen krijgen, daarover is minister Pálkovics inderdaad glashelder. De minister, die straks een doorslaggevende rol in het onderzoeksbeleid en de verdeling van gelden krijgt, meent dat Hongarije zich moet concentreren op exact en ­innovatief technisch onderzoek, ­zaken waarop het ernstig achterloopt bij andere landen. 

Natuurkundige Zoltan Hajnál ­demonstreert dan ook vooral uit ­solidariteit met zijn niet-exacte ­collega’s mee. Iedere wetenschapper moet zich inzetten voor open discussie en vrij onderzoek, meent hij. Maar over zijn eigen baan maakt hij zich weinig zorgen. Sommige collega’s in exacte wetenschappen verwachten juist dat de plannen goed voor hen uitpakken.

Maar volgens academievoorzitter Lóvász hebben exacte wetenschappers wel degelijk reden tot zorg. Ook zij krijgen straks te maken met ­ministeriële directieven over wat onderzocht moet worden en wat niet. Voor fundamenteel, langdurig of juist spontaan onderzoek naar aanleiding van een toevallige ontdekking of inval is straks weinig ruimte meer, denkt hij.

“Er kan op innovatief gebied meer gebeuren”, geeft hij toe. “Daar hebben we ook voorstellen voor ­gedaan. Maar daarvoor hoef je geen compleet onderzoeksstelsel te ontmantelen.”

Lees ook:

‘Een zwarte dag voor Europa’, Soros-universiteit moet definitief weg uit Boedapest

De universiteit van George Soros heeft geen hoop meer dat ze alsnog in Hongarije mag blijven. ‘Dit is nog nooit vertoond’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden