In Hilversum blijft alles bij het oude

Het nieuwe tv-seizoen staat op het punt van beginnen en wat blijkt: we gaan opnieuw grotendeels naar dezelfde programma's met dezelfde gezichten kijken. Waar is de creativiteit gebleven in Hilversum?

Nieuwe en vertrouwde types in het dertiende seizoen van Koefnoen'. Het is een aankondiging van AvroTros aan de vooravond van het nieuwe tv-seizoen. Oké, het sketch-programma is geliefd bij de kijkers. Maar het dértiende seizoen? Wordt het niet tijd voor wat anders?

Precies om die innovatie wat te stimuleren bij de publieke omroep werd in 2009 TV Lab bedacht. Een week lang mogen omroepen op Nederland 3 hun nieuwste ideeën testen op het publiek. Soms om erachter te komen dat het enthousiasme niet echt groot is. Soms om er als 'echt' tv-programma uit voort te komen: zoals de jongerenversie van het journaal 'NOS op 3'.

Van die innovatieve week is dit jaar echter weinig over. Het TV Lab dat morgen begint, is drie dagen later alweer afgelopen. Daarbij wordt de programmering gedomineerd door drie (fusie)omroepen: Vara/BNN, KRO/NCRV en de VPRO. De andere omroepen - in voorgaande jaren nog enthousiaste deelnemers aan de week van de vernieuwende tv - ontbreken.

Wat is er aan de hand in Hilversum? Waar is de creativiteit gebleven?

Natuurlijk, er zijn komend tv-seizoen heus wel nieuwe programma's te zien. Zo maakt de EO een serie over ziekenhuizen in Nederland, komen NTR, Vara en VPRO samen met de dramaserie 'Hollands Hoop' en gaat Paul de Leeuw voor Vara/BNN koken met pubers.

Daar tegenover staat een lijst bekende formats: het tiende seizoen van 'De wereld draait door', deel twee van 'Heel Holland bakt', het derde seizoen van de dramaserie 'Bloedverwanten' en bij het hoeveelste seizoenen van de Tros Tv Show zijn we inmiddels aangekomen? En weer Paul de Leeuw, nu dus in het zoveelste kookprogramma.

Er wordt bij de publieke omroep te veel gedacht in formats, waar dan een bekend gezicht bij wordt gezocht, zegt Nicolaas Veul. Samen met Tim den Besten vormt hij een jong tv-makersduo. Hun nieuwste programma 'Oudtopia', waarvoor zij een maand lang in een verzorgingshuis woonden, wordt uitgezonden tijdens TV Lab. "Oudtopia is natuurlijk ook gewoon een tv-format, maar het is niet een programma dat volgens een vaststaande formule wordt gemaakt. Wij proberen altijd onszelf erin te leggen, onze oprechte nieuwsgierigheid te tonen. Het zit meer tussen een traditioneel tv-format en een documentaire in."

Het leven van een jonge programmamaker in Hilversum betekent volgens Veul knokken voor zendtijd. Er is weinig plek op de publieke netten en er zijn veel makers. Veul en Den Besten hebben het geluk inmiddels het vertrouwen te hebben van de VPRO. Veul kan met een idee voor een nieuw programma gewoon even binnenlopen bij de omroep.

Dat is echter niet genoeg. De man of vrouw die vervolgens akkoord moet gaan met het plan is de netmanager. Deze bazen van Nederland 1, 2 en 3 zijn machtig, maar veel speelruimte om te experimenteren met allerlei ideeën van nieuwe aanstormende programmamakers hebben deze coördinatoren van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) niet. Ze zijn een soort hoofdredacteuren, maar aan de vergadertafels moeten ze rekening houden met strakke profielen en strenge doelstellingen voor de drie televisienetten, vastgelegd in weer andere vergaderzaaltjes. Een netmanager kiest bij het verdelen van de zendtijd tussen omroepen liever voor programma's met een min of meer gegarandeerd succes. Geen wilde sprongen in het duister, is daar het motto.

De horde van het huidige Hilversumse vergadercircuit is voor een programmamaker met een 'geweldig idee' steeds moeilijker te nemen. Was dat vroeger dan anders? Hoe werd toen omgesprongen met zulke jonge creatievelingen, die natuurlijk toen ook lang niet altijd een plan hadden dat rijp was voor uitzending?

Loes Wormmeester is tegenwoordig integraal eindredacteur bij de NTR en leidt onder meer het team van 'Klokhuis', nadat ze jarenlang freelancer in de televisiewereld was en bij de VPRO werkte. Ze zag hoe het veranderde in Hilversum.

"Toen ik begon, vijfentwintig jaar geleden, hadden programmamakers net zoveel kansen als er omroepen waren. Als de ene omroep iets niet zag zitten, ging je langs bij de volgende. Bij al die omroepen had je mensen die in hun eentje een besluit konden nemen. Een hoofd documentaire, of een hoofd jeugdprogramma's. Als die zei: leuk idee, dan kon je het gaan maken. Dan betaalde dat hoofd het uit zijn budget en het was geregeld. Nu heb je minder omroepen en moet alles langs de smaak van de netmager van Nederland 1, 2 of 3."

Die beslissers bij de afzonderlijke omroepen, met allemaal veel budgetvrijheid, konden zich nog wel eens een risico permitteren, met nieuwe onbekende programmamakers die langs de deuren kwamen, stelt Wormmeester vast. "Zeker bij de VPRO stonden ze daar open voor. Daar zeiden ze vaak: ga het maar maken, met weinig geld. Nu mogen dingen eigenlijk niet meer mislukken".

Op het kleine speelveld van het TV Lab mag nog wel eens een bal buiten de lijnen worden geschoten, op de rest van het Hilversumse mediapark is de regel: falen mag niet meer.

Nog afgezien van het mijden van risico, hebben nieuwe televisiemakers het probleem dat kleine eenmalige programma's - van een kwartiertje, twintig minuten - nauwelijks meer te slijten zijn in het systeem van netcoördinatie binnen de publieke omroep. Vrijwel alles moet in serie, minstens een paar afleveringen achter elkaar. Dat heeft met de bezuinigingen op de omroepen te maken: maak je van één programma veel afleveringen dan is dat goedkoper dan korte projecten.

Natuurlijk lukt het nieuwkomers soms wel om langs de poortwachters van de NPO te komen en zendtijd te bemachtigen. 'Europa doe je zo', heette het programma dat Sytske Jellema en Lars Gierveld hadden bedacht voor de aanloop naar de verkiezingen voor het Europees Parlement. Het werd dit voorjaar uitgezonden en ze presenteerden het zelf. "Het kostte een jaar voorbereiden. Je hebt lange adem nodig, wanneer je een idee voor een nieuw format uitgevoerd wil zien", vertelt Jellema.

Het duo kwam met het verkiezingsprogramma-nieuwe-stijl door het vergadercircuit, mede omdat ze zelf de financiering regelden via een beurs van het Europees Parlement. Jellema: "Een leuk idee is niet genoeg. Er hoort een goede voorbereiding bij. Je moet ook goed nadenken over de kosten en hoe je het gaat uitvoeren."

Ze kwamen er mee binnen bij BNN op Nederland 3. Was daarmee haar toekomst als programmamaker voor de publieke omroep verzekerd? Jellema: "Dacht ik na 'Europa' dat ik binnen was in de bubble van Hilversum? Welnee. BNN of een andere omroep is geen levenslange garantie tot je pensioen. Ik wil vanuit de inhoud blijven denken. Ik zit nog vol ideeën, maar dat kunnen tv-programma's worden of een boek of een paar lessen voor een klas. Ik ga misschien een filmopleiding doen, zodat ik meer zelf kan maken en ik ben bezig met een kinderboek schrijven".

Jellema ziet Hilversum niet als het beloofde land, maar is niet zo somber over de kansen die daar aan nieuwelingen worden geboden. "Er wordt altijd wel nieuw talent ontdekt." Nicolaas Veul zou graag zien dat jonge makers meer ruimte krijgen. "Het is toch ook een manier om de stem van jonge mensen te laten horen bij de publieke omroep. Hoe kijken zij naar de wereld? Met welke vraagstukken zijn zij bezig?"

De VPRO probeert intussen z'n oude faam als springplank voor vernieuwende programma's weer op te poetsen. Daar ontstond het initiatief voor het project 3Lab: programma-ideeën via internet testen en bij voldoende waardering op zondagavond op tv uitzenden. Het is volgens de VPRO bedoeld voor 'een nieuwe generatie mediamakers die aan de poorten van Hilversum staat te rammelen'.

Het is in schraler Hilversum misschien lastiger geworden voor nieuw talent. Tegelijk komen er in de nuchtere praktijk van omroepredacties heel veel niet-uitvoerbare en vooral niet-originele ideeën binnen van de hemelbestormers van buiten. Loes Wormmeester: "Als we dan zo'n idee als niet goed genoeg afwijzen, dan vraagt de indiener altijd: Maar wat willen jullie dan wél? Dan kunnen wij dat natuurlijk nooit zeggen. De essentie van een goed idee is nu eenmaal dat het nog niet bestaat."

Geen risico, steeds dezelfde gezichten

Zij zijn komend seizoen opnieuw te zien bij de publieke omroep:

Matthijs van Nieuwkerk. Al tien jaar lang is Van Nieuwkerk elke doordeweekse dag op tv. Wie denkt dat geen man dat kan volhouden, heeft het mis. En de kijkcijfers stijgen alleen maar.

Jeroen Pauw. Afgelopen seizoen werd na acht jaar het einde van de talkshow 'Pauw & Witteman' aangekondigd. Pauw gaat gewoon door. Voorlopig in zijn eentje. Met praatprogramma 'Pauw'.

Joris Linssen. Was na acht seizoenen 'Hello Goodbye' toe aan wat nieuws. Nu is hij toch weer terug in de ontvangsthal van Schiphol. Dit keer samen met een andere bekende: Yvon Jaspers.

Yvon Jaspers. Duikt nu ook al op in 'Hello Goodbye', naast Joris Linssen. Zo voegt ze na 'Boer zoekt Vrouw', 'Liefs uit' en 'Zigzag' weer een programma toe aan haar lange lijst. Debuteerde twintig jaar geleden bij 'Klokhuis'.

Katja Schuurman. Nog zo'n dochter van de jaren negentig. Brak door met haar rol als Jessica in 'Goede tijden, slechte tijden'. Later ging ze presenteren, vooral voor BNN. Vanaf komend seizoen te zien bij de NCRV.

Paul de Leeuw. Kan binnenkort zijn 25-jarig jubileum gaan vieren als presentator en middelpunt van zijn eigen shows. Won veel prijzen, was vaak de populairste tv-persoonlijkheid. Gaat nu koken, met pubers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden