In het land van de wolven (2)

Wat tegenviel was de dooi. Op sneeuw hadden we gehoopt, het was tenslotte bijna Kerst, en die Lausitz, in het diepe oosten van Duitsland, dat is toch al bijna Polen.

We troffen alleen sneeuwresten aan, van geweken kou, kou die in alle ijzigheid alleen nog standhield binnen de dikke muren van ons vakantiehuis, in de slaapkamers om precies te zijn, want een goede buurman had de kolenkachel in de woonkamer enige uren voor onze komst al opgestookt.

Grafkelders waren het, die slaapkamers, er was maanden niet in geleefd. We maakten er in ademwolken onze bedden op.

Kolen! Dat is ook de Lausitz - een wingebied van bruinkool, uitgestrekte vlakten van met reusachtige machines afgegraven land, aarde van zijn huid ontdaan. Aan de randen ervan leefde onze wolf.

Een Duitse bioloog, een wolvenkenner, zou een halve dag onze gids zijn, ik had via internet contact met hem gelegd. Op foto's zag hij eruit als een jonge Robert Redford, maar dan met een herdershond.

Mijn vrouw was opgetogen, ze houdt erg van de natuur. Onze tienerdochters daarentegen deelden weliswaar de opwinding, maar er was in hen ook enige vrees voor de expeditie. Ik had eens het geluid van een huilende wolf laten horen, een indrukwekkend loeien, dat door merg en been ging en ijs door de aderen liet vloeien.

We spraken af bij een tankstation, bij het plaatsje Boxberg, vlakbij een grote bruinkoolcentrale; op puur natuur waren de wolven kennelijk ook niet zo dol.

Dertien roedels leefden inmiddels in deze streken, dertien paren met jongen, steeds verder westwaarts rukten ze op. Toen we bij het tankstation stonden, vertelde de vrouw van de pomphouder dat haar man een week eerder een wolf de straat had zien oversteken. En ook de lokale kranten brachten weer wolvennieuws. De milieuminister van Saksen, waartoe de Lausitz behoort, waarschuwde voor de uitbreiding van het wolventerritorium, ja zelfs tot aan Leipzig! En onze wolf is niet dom, zei de minister, hij gebruikt wegen om zich te verplaatsen, en bruggen om rivieren over te steken. Zeventig kilometer kan een wolf 's nachts afleggen. Het klonk als een waarschuwing aan de bevolking.

Dat alles lazen we bij een beker koffie in het tankstation. Robert Redford zou niet komen opdagen, hij had zich met griep afgemeld.

Hoewel dat bij een enkel expeditielid tot enige teleurstelling had geleid, besloten we onze tocht zonder hem te volbrengen. Redford had ons verteld dat men vanuit Boxberg een heus wolvenpad had aangelegd, met informatieborden en geschilderde wolvenpootafdrukken op de bomen. Dat nam wel iets van de wilde illussie weg, maar we gingen toch fluisterend het bos in, beducht op een ontmoeting met het van mythen omgeven roofdier.

Hoorbaar was nog de provinciale weg toen onze oudste dochter na een uurtje gaans een spoor vond, dat ons in een hogere staat van paraatheid en opwinding bracht. Ik maakte er een foto van, om door te sturen naar onze zieke bioloog.

Was dit mogelijkerwijs de wolf?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden