'In het eerste jaar huilde ik elke dag'

interview | Gert-Jan van Schaik sloot zich drie jaar, drie maanden en drie dagen op in een boeddhistisch klooster. Het viel niet mee.

In het midden van de kamer staat een boeddha. Zeker vijf boekenplanken worden in beslag genomen door goeroes en wijsgeren. Dit is het goede huis, zoveel is duidelijk, tot in de keuken van het appartement in Amsterdam-Oost toe. Daar is met plakband een stukje papier op de koelkast vastgemaakt.

"Oh, dat? Dat is mijn meditatie-instructie", lacht Gert-Jan van Schaik (44). "Om me eraan te herinneren."

Het doet denken aan dat geestige fragment uit de Woody Allen-film 'Annie Hall', waarin iemand zijn goeroe belt, en zegt: "Hey, mr. Davis, I forgot my mantra."

Maar je kunt van Van Schaik, psycholoog en coach, niet zeggen dat hij zijn onderzoek naar 'bewustzijn' - of, zoals hij het noemt, 'het bewustzijn van het bewustzijn' - licht opneemt. Hij schreef er een coachingsboek over zonder spiritueel jargon.

Zeven jaar geleden sloot Van Schaik zich op in een boeddhistisch klooster in Zuid-Frankrijk. Drie jaar, drie maanden en drie dagen. "Een boeddhistisch trainingskamp", noemt hij het. "Ik kon mediteren, deed van alles om me een boeddhistische levensstijl aan te meten, maar ik wilde meer. Op een gegeven moment had ik door: als ik me hier gemiddeld maar een half uur per dag mee bezighoud, schiet het niet op. Negenennegentig procent van je dag staat toch in het teken van banale dingen als eten, werken en tv-kijken."

Terugkijkend steekt hij geen lofzang op. Voor iemand die er zoveel voor over had, is de psycholoog opmerkelijk nuchter. Hij grijnst. "Het viel tegen."

Hij ging niet zomaar. "Ik had er wel het een en ander te doen. Ik ben niet geheel ongeschonden mijn jeugd doorgekomen. Daarom had ik al jaren therapie gevolgd en inmiddels gaf ik zelf training. Maar er bleef toch een soort lijden over. Het is niet zo'n populair woord, lijden, maar het leven bleef gewoon pijnlijk en frustrerend. En het boeddhisme belooft in de folder dat er een leven mogelijk is zonder frustraties."

"Ik heb gewikt en gewogen. Uitgebreid met vrienden gesproken. Achteraf denk ik: jongen, jongen, wat ben je naïef geweest. Ik had er een behoorlijk romantisch beeld bij."

Wat trok je er zo in aan?

"Het wás ook bijzonder. Begrijp me niet verkeerd. Van te voren was het al historisch. Zoiets doen, met zoveel mensen, uit zoveel windstreken. Er waren 350 mensen, uit Taiwan, Zuid-Afrika, het Oostblok, en zo meer.

"Wat het lastig maakte: op het moment dat hij over het bestaan van de retraite hoorde, had ik een relatie. Mijn partner was genereus. Hij liet me gaan. Maar ik raakte een paar vrienden kwijt. 'Zweefkezerij', zeiden ze, 'dat kun je niet maken', 'Je zit in een relatie'. Het riep van alles op: van bewondering tot jaloezie."

Maar je ging.

"Ja. En vanaf het moment dat ik daartoe besloot, begon het al. Want het jaar tussen de beslissing om te gaan en de retraite zelf was ook bijzonder. Er ontstaat hetzelfde effect als wat je ziet bij mensen die doodgaan of ernstig ziek zijn. Je zet een punt aan de horizon. Alle dingen ging ik voor het laatst doen. Bergwandelen, schoenen kopen, kaasfonduen.

"Het leven gaat altijd door. Maar als er ineens zo'n punt aan de horizon staat, gebeurt er iets. Het wordt sprankelend, intens. Dan stap je over kleinigheden heen. Ruzietjes doen er niet meer toe. Wat maakt die stomme opmerking nog uit als je bijna voor drie jaar vertrekt? Je wordt je bewust van afscheid, van de eindigheid van dingen. Ik ging alles indringender beleven. Het doel van het leven, geloof ik, is boven jezelf uitstijgen. Wanneer ben je het gelukkigst: als je iets kunt betekenen voor andere mensen. Maar ja. Ik hoor je denken: navelstaren op een Franse berg. Is dát dan altruïsme?"

Ja. Zeg eens?

"Sommige vrienden vonden van niet. En ze hadden een punt. Maar ook weer niet. Soms hebben we het nodig om ons terug te trekken en te trainen. Ik deed het niet voor niets."

Wat maakte het zo zwaar?

"Ik voelde me heel alleen. We mochten soms maanden niet spreken, hè? Geen computer, geen krant, geen afleiding. Elke ochtend kon op twee manieren beginnen. Of: ik had het goed naar mijn zin met mezelf. Ah, heerlijk. Maar vaker voelde ik spanning, verkramping en pijn. De énorme stilte, echt, ik wist niet dat het zo stil kon zijn.

"Zeker het eerste jaar. Ik heb elke dag gehuild. Op die momenten dacht ik: jongens, is er geen betere manier om dit te doen? Ik vind het wel heel eenzaam hier. Potverdorie. Moet je je voorstellen: ik was een succesvol, goed functionerend mens. 'Is dit normaal?' vroeg ik me af. Ik ging op een kussen zitten en alles wat ik nog kon doen, was huilen, huilen, huilen. Het was knetterzwaar.

"Het komt neer op cold turkey afkicken van je eigen neuroses. Ga maar eens een week stil zijn, dan kom je jezelf heus tegen. Onaangename en onverwerkte kanten als eerste. Iedereen komt iets tegen. Een ander was bijvoorbeeld voortdurend woedend. Het louterende is: je hebt alleen jezelf. In het normale leven denk je: ik voel me rot omdat ik geen vriendinnetje heb. Of ik ben kwaad omdat de buurman me dwars zit. Maar in afzondering kun je niemand anders de schuld geven van je gevoelens."

Dat klinkt niet echt aanlokkelijk, toch?

"Misschien viel het mij wel zo zwaar omdat ik ook de methode aan het bevragen was. Anderen deden dat niet. Ik had er moeite mee dat er zoveel religie bij kwam kijken: Tibetaanse tradities, met een superdevotionele kant. Dan zit je in zo'n tempel met duizend kleuren." Na vier jaar zucht hij er nog om. "Ik ben een wetenschapper. Dus het bidden tot levensvormen die je niet kunt zien: geesten, boeddha's, boddhisatva's, hoe je ze ook wilt noemen, vind ik lastig. Natuurlijk, je kunt die godheden symbolisch zien, maar dan zag ik nog niet in waarom we ze zouden moeten bezweren? Het was goed geweest als er in plaats daarvan iets meer psychologische begeleiding was. Ik dacht vaak: jongens, zullen we niet gewoon een groepstherapeutisch rondje doen?"

Hoe hield je het vol?

"Eerlijk: ik mocht op een gegeven moment een tijdje naar huis. Daar heb ik een paar maanden verder in stilte doorgebracht. Maar uiteindelijk was het ongelofelijk leerzaam. Ik heb er, tegen het einde, zo'n enorme gelukzaligheid en vrede ervaren. Als ik eraan terugdenk, voel ik het bijna weer. Dat is wat er zit, op de bodem. Liefde. Die kwamen we tegen. Iedereen voelde dat."

Moeten we allemaal op retraite?

"Ik zou het anderen niet aanraden, nee. Het heeft me wel goed gedaan. Ik ben veel minder bang voor eenzaamheid. Maar het kost je ook wat: dat huilen hoort erbij.

"Je kunt ook te vroeg zijn met een retraite. Het is beter om eerst goed gebruik te maken van de westerse hulpvarianten. Wil je dan nog gaan, probeer dan eerst rustig eens drie maanden uit. Als je het dan nog een goed idee vindt, kun je gaan.

"De folder van het boeddhisme klopt, weet ik nu: Er is leven mogelijk zonder lijden. Ja." Het is even stil. "Maar het is wel een hoop werk."

'Excelleren in je werk. Het verschil tussen goed en buitengewoon goed.' Train je bewustzijn, inzicht, waarnemen, daadkracht en intentie, en leer de kracht van je bewustzijn te gebruiken. Dan kun je excelleren: iets precies op tijd, precies genoeg en precies goed doen. Door Gert-Jan van Schaik en Jaco Friedrich. Uitgeverij Boom/Nelissen. 158 blz. euro 22,50.

Coach Gert-Jan van Schaik: 'Het komt neer op cold turkey afkicken van je eigen neuroses.'

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden