In Gorredijk bleef de veenkolonie structuur

GORREDIJK - Gorredijk ligt er nog net zo bij als de afgelopen eeuwen. Groter gegroeid en met modernere outfit, dat wel, maar nog altijd stroomt de Opsterlandsche compagnonsvaart door de voormalige veenkolonie.

Midden in het dorp de vormt 'hoofdbrug' het centrum. Vier plezierboten liggen in de sluis. Aan weerszijden winkels en een terrasje. Verderop duiken meisjes vanaf een bruggetje in het kanaal. Een beeld dat in het verleden ook in andere veenkoloniën te zien was. En nog even verder terug in de geschiedenis voeren er skûtsjes met turf, tegenwoordig beter bekend van het skûtsje-silen.

“Er wordt geen huis aan de vaart verkocht of het staat er bij vermeld: langs de turfroute.” Klaas Idzinga, zakenman in ruste te Gorredijk en voorzitter van de stichting De Nije Kompanjons, wil maar zeggen dat het toch wel een gouden vondst was om de vaart te behouden als toeristische route.

In voormalige veenkoloniën als Heerenveen, Drachten, Veendam en Hoogezand, zeggen ze het niet graag hardop, maar er klinkt toch vaak spijt door over het dempen van de vaarten. Burgemeester P. van der Zwaag van Smallingerland heeft het wel hardop durven zeggen: “Het is de ergste fout uit het verleden van Drachten.” De dorpen zagen er na de demping verlaten uit. Met kunstgrepen, zoals kiosk-achtige bouwsels en uitgebouwde luifels) werd geprobeerd het kale aanzien te camoufleren. Hoogeveen wil er nu alsnog een eigentijdse draai aan geven met een 250 meter lang kunstwerk met stromend water.

Het had een haar gescheeld of ook Gorredijk was eenzelfde lot beschoren. Dit Friese dorp is nu de enige nog intact gebleven karakteristieke veenkolonie van enige omvang. Dat is te danken aan één man: pater L. van Ulden. In de jaren '60 was de pater uit het verre Limburg neergestreken in Drachten. Daar zag hij hoe de veenkoloniale karakteristiek verloren ging. Van Ulden verhuisde later naar Gorredijk, waar toen net de plannen klaar lagen voor het dempen van de Opsterlandsche compagnonsvaart, de laatste van de drie turfroutes door Friesland. De pater richtte met medestanders de stichting 'Nije Kompanjons'op om dit plan te voorkomen. Met succes.

Gorredijk toont het contrast met de verloren veenkoloniën. Pater van Ulden, inmiddels in Sneek, realiseerde zich dat het dempen niet alleen een zakelijke achtergrond had (geen turftransport meer), maar ook een psychologische. “Veel veenkoloniën hebben aan identiteitsverwoesting gedaan. Ze dempten de vaarten in een poging om het symbool van een gehaat verleden van armoede kwijt te raken”, zei hij indertijd tegen Trouw.

Van Uldens' actie leidde er toe dat de enige overgebleven Friese turfroute open bleef. Vanaf de Drentse Hoofdvaart via onder meer Appelscha, Oosterwolde, Donkerbroek en Gorredijk, richting Akkrum en de Friese meren. Hoewel er nog heel wat water door de compagnonsvaart moet stromen om het recordaantal van 15 527 turf- en goederenschepen dat in 1876 de Gorredijkse sluis passeerde te evenaren, is nu het bestuur van de stichting toch al beretrots op het feit dat het aantal plezierjachten rond de 2 500 ligt. Twintig jaar geleden waren dat er nog geen 200.

Pake (grootvader) De Jong van secretaris W. J. A. Lingsma, was indertijd sluiswachter in de Hemrik. Lingsma weet uit overlevering en ervaring dat er niet altijd genoeg wind was. Dan moest een skûtsje met menskracht worden voortgesjort. Met trekpaarden ging het niet, want de jaagpaden langs de kanalen werden gekruist door wijken en dwarsvaarten.

De Nije Kompanjons weet zich gedragen door de bevolking, maar allemaal rozekleur en maneschijn is het ook weer niet. De vrijwilligers die het stichtingsbestuur vormen, maken zich zorgen over de toekomst. “Voorzitter Idzinga zit al twintig jaar in het bestuur en wil er mee ophouden, ik zelf ben al 72 jaar en er zitten meer gepensioneerden in”, zegt Lingsma. De stichting heeft nogal eens tegenwind. Zoals toen Friesland in 1991 aan het bezuinigen sloeg en de turfroute dreigde te sluiten. Het beheer is kostbaar. Er moeten negen sluizen en nog meer bruggen en bruggetjes worden bediend.

“Er was zwaar protest nodig om het tij te keren. Maar er kwam een compromis uit de bus. De route is nog maar beperkt open en de stichting moet jaarlijks 24 000 gulden bijdragen”, aldus Lingsma. Dat geld komt binnen door het heffen van 20 gulden 'tol' per boot. Een turfroutevignet geeft dan vaarrecht voor het seizoen, inclusief sluis- en bruggeld. Het bestuur realiseert zich echter dat er meer moet gebeuren. Lingsma: “Er is een professionele aanpak nodig. Nu haken gemeenten wel incidenteel in, maar het maken van aanlegplaatsen, toiletten, het promoten van andere toeristische activiteiten en informatie erbij over zaken als musea en fietsroutes, moet beter worden gecoördineerd.”

Het Friese recreatieschap - de Marrekrite - waar nagenoeg alle Friese gemeenten in deelnemen, heeft totnogtoe signalen van de stichting om zich ook over de turfroute te ontfermen echter niet opgevangen. “Wat wij het liefst zouden zien is een Marrekrite-achtige aanpak van de betrokken gemeenten langs de turfroute”, aldus Idzinga en Lingsma. Bovendien wordt er gewerkt aan een verbreding.

De stichting heeft contact gelegd met recreatieschappen in het aangrenzende Drenthe, omdat de Drentse Hoofdvaart de belangrijkste aanvoerroute uit het oosten is, met veel plezierjachten uit Duitsland (soms zelfs Denemarken) en OostNederland. Ook met Groningen en Overijssel zijn contacten gelegd.

“Misschien”, zegt ing. H. van Dam, secretaris van de Drentse recreatieschappen, “ligt het voor de hand dat Drenthe het voortouw neemt. De Drentse gemeenten werken hecht samen, terwijl die in Friesland als los zand aan elkaar hangen.” In september komt er een bijeenkomst met belanghebbenden, gemeenten en de provincie Friesland. De Nije Kompanjons en de recreatieschappen in de andere provincies willen dan een plan op tafel leggen om steun te krijgen van de noordelijke provincies.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden