Reportage

In Ethiopië gaat de onteigening van boerenland gewoon door

Vrouwen in een textielfabriek in Addis Abeba, die onder andere kleding maakt voor H&M.  Beeld Photothek via Getty Images
Vrouwen in een textielfabriek in Addis Abeba, die onder andere kleding maakt voor H&M.Beeld Photothek via Getty Images

Gedreven door woede over landonteigening ontketende Ethiopiërs een opstand. In april is er een hervormingsgezinde premier geïnstalleerd, maar de landloze boeren schieten daar vooralsnog weinig mee op.

Kort voor de landing op het vliegveld van Addis Abeba wordt zichtbaar hoe de Ethiopische hoofdstad enorm uitdijt in het omliggende boerenland. Wijken vol hoge woontorens staan pal naast akkers. Aan een andere kant van de stad slokt een industrieterrein weidegrond op. Addis Abeba, een miljoenenstad, is de laatste jaren veranderd in een jungle van betonnen en glazen hoogbouw waaraan nog steeds wordt gebouwd.

De strijd tussen beton en akkers ligt aan de basis van de politieke omwenteling in het land. In 2014 begon de regering landbouwgrond te onteigenen voor industrieterreinen en flatgebouwen voor de snelgroeiende bevolking van Addis Abeba. Boeren gingen de straat op om te protesteren en studenten sloten zich aan omdat die het totalitaire regime zat waren.

Vier jaar later, na bloedige betogingen, doden en massale arrestaties koos in april de regeringspartij EPRDF de hervormingsgezinde premier Abiy Ahmed om een nieuwe koers in te zetten.

Op de jongste passsen

"Het verlies van onze akkers en onze protesten waren het begin van de hoopvolle verandering, maar wij zijn er niet beter van geworden", merkt voormalig boer Alemu Yirgu (68) op. Hij zit met andere mannen voor een rij eenkamerwoninkjes van modder en stro met een golfplaten dak in het dorp Addis Sefer. "Met de compensatie konden we ons alleen dit soort huizen permitteren."

Het dorp is een verzameling van krotten, kiosken en bars aan het einde van een asfaltweg. Op een afvalhoop zoeken kippen, een hond en een paar geiten naar iets eetbaars. In de verte is de skyline van de hoofdstad te zien.

De mannen hadden vroeger allemaal een akker, koeien en schapen. De overheid eiste hun land op voor een investeerder, die er een groot bedrijf op bouwde. "Dat gebeurde net voor de demonstraties begonnen. We durfden niet te weigeren, anders werden we onpatriottisch genoemd, want we zouden dan de ontwikkeling van Ethiopië tegenhouden", vertelt Dita Sebora (48).

Hij brengt tegenwoordig zijn dagen door met passen op zijn jongste zoon terwijl zijn vrouw in Addis Abeba als schoonmaakster het inkomen voor het gezin verdient.

Optimisme in de lucht

In Ethiopië is land formeel het bezit van de staat. Al meer dan tien jaar probeert de regering het overwegend agrarische land te veranderen in een centrum voor maakindustrie. "De industrie verjaagt de landbouw", vindt de oude Yirgu. De anderen mannen mompelen instemmend. "Het is goed als we borden produceren, maar er moet eten op komen en daar zorgden wij voor."

De protesten in Ethiopië zijn gestaakt, de rust is weergekeerd en optimisme hangt in de lucht. Maar onteigening van boerenland gaat door. Chinese bedrijven bouwen vijf enorme fabrieksterreinen verspreid over het land en de regering heeft plannen voor nog eens vijftien. Daarvoor is land nodig, vooral bij de steden.

Henok Gelatte (32), eigenaar van Aqua Plastic Business, is groot voorstander van de industrialiseringsplannen. "Ethiopië moet bijna alles importeren wat de mensen nodig hebben. We moet industrialiseren en zelfvoorzienend worden." De jonge ondernemer, met wallen onder de ogen na een nachtvlucht uit China waar hij een nieuwe machine kocht, controleert het productieproces in zijn fabriekshal. Een vrouw duwt aan een lopende band een cilindervormig hompje plastic op een pin die een machine ingaat en er aan de andere kant als fles uitkomt. Een andere vrouw legt de flessen in grote dozen.

"Ik ben niet hoogopgeleid en had nauwelijks startkapitaal, maar wel expertise. Daarmee is het me gelukt binnen vier jaar een goedlopend bedrijf te hebben", vertelt hij met zichtbare trots.

Gelatte was solidair met de protesten van de boeren en de massa's jonge mensen die democratische verandering in gang zetten. Maar hij vindt het oneerlijk dat landbouwers de industrialisering de schuld geven voor het verlies van hun land. "Ze waren hun land waarschijnlijk niet kwijtgeraakt als ze meer produceerden dan alleen voor zichzelf", zegt hij. "Boeren moeten, net als ik, zelf initiatief nemen. Samenwerken en moderniseren om commerciële en gemechaniseerde landbouwbedrijven op te zetten. Dan durft niemand aan je land te komen."

Kleinschalige landbouw

Zo'n 80 procent van de Ethiopische bevolking leeft van overwegend kleinschalige landbouw. Ossen trekken de ploeg, gewied wordt met schoffels en geoogst met de hand. Meestal is de opbrengst van de akkers voor eigen consumptie; overschotten gaan per paard en wagen of ezel naar een lokale markt.

De meeste boeren zijn afhankelijk van regen, die ze met regelmaat in de steek laat. Irrigatie gebeurt alleen op enkele grote bedrijven.

Ethiopië heeft met ruim 100 miljoen mensen de grootste bevolking in Afrika na Nigeria. Dit jaar zijn naar verwachting acht miljoen Ethiopiërs aangewezen op voedselhulp van hun regering.

Lees ook: 'Massaal demonstreren heeft effect gehad'

De regering van Ethiopië voert hervormingen door. Journalist Eskinder Nega, zelf net uit de gevangenis, is er voorzichtig optimistisch over.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden