In een propvol zaaltje

Zo vol was zaal 266 van de rechtbank in München nog niet geweest. Men had een rij met extra stoelen laten klaarzetten voor de in groten getale verschenen medeaanklagers uit Nederland. In het proces tegen Ivan Demjanjuk, de vermeende kampbewaker in vernietigingskamp Sobibor, was, na anderhalf jaar, de laatste zittingsweek aangebroken.

Zo vol was het zaaltje dat beveiliging en een enkele advocaat op ongebruikelijke plaatsen terechtgekomen waren: verdediger Ulrich Busch zag ineens een cordon agenten voor zich zitten.

Hij was aan het woord, voor de vierde achtereenvolgende dag van zijn slotpleidooi, dat ook gisteren niet tot een afronding zou komen. Vandaag volgt nog een slothoofdstuk en een epiloog. Daarna zal ook zijn confrater, de meestentijds zwijgende Günther Maull, nog spreken. Maar het werkelijk allerlaatste woord is toegekend aan de aangeklaagde zelf, al rekent niemand erop dat hij van dat recht gebruik zal maken. En dan zal morgen het hof vonnis wijzen.

Zover de agenda, maar nog was Busch aan het woord. We waren op dag vier blijven steken bij Hoofdstuk 14: 'Trawniki en het legaliteitsprincipe' (Busch heeft zijn pleidooi in hoofdstukken ingedeeld en ze titels gegeven, zoals in een boek).

Busch betoogde in dit hoofdstuk dat Duitsland niet meer bevoegd was om Demjanjuk te berechten, omdat eerder Polen, op wiens grondgebied de misdaden bedreven waren, van vervolging had afgezien.

Hoofdstuk 15: 'Vrije keuze'.

Hierin voerde Busch de verschillende getuigen op met hun uitspraken over Demjanjuk om vast te stellen dat ieder zijn eigen Demjanjuk had, met data en verblijfplaatsen die hem vrijwel alomtegenwoordig maakten.

In Sobibor, Flossenbürg en Regensburg volgens Daniltsjenko.

In Trawniki, Flossenbürg en Heuberg volgens Nagorny.

In Trawniki en daar bleef hij, volgens Melnitsjuk.

In Lublin en Lemberg volgens Litvinenko. Maar zijn Demjanjuk had twee witmetalen tanden, die de man die hier in dat bed in de rechtszaal lag, nooit gehad kon hebben volgens een dentaal onderzoek. En dan was er nog de Demjanjuk van de Poolse historicus Wilzcur, een Demjanjuk die in Treblinka werkte en zich 'Wladek Tsjulo' liet noemen.

Hoofdstuk 16: 'De kroongetuige Daniltsjenko'. Busch veegde er de vloer mee aan. Daniltsjenko had verklaard Demjanjuk in Sobibor te hebben ontmoet, een verklaring die lang werd verdonkeremaand omdat men Demjanjuk voor Treblinka wilde veroordelen. Later zou de verklaring door de Sovjets in elkaar gestoken zijn om Demjanjuk als verraderlijke Oekraïner te belasten.

Hoofdstuk 17: 'Litvinenko'. Ook al een mislukte kroongetuige.

Zo ging hij voort, berekende in hoofdstuk 19 dat Demjanjuk in totaal al 20,5 jaar in de cel zat (de dodencel in Israël telde hij driedubbel) en citeerde weer uitvoerig uit het vonnis van het Supreme Court in Jeruzalem om aan te tonen dat ook Sobibor was afgehandeld.

Hij sprak zich schor, Ulrich Busch, op weg naar zijn laatste woord.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden