In economie kan je niet

Lans Bovenberg bepleit het ’hemels calculeren’. Hij haalt de economische wetenschap en het geloof door elkaar. Met rampzalige gevolgen.

De voorstelling die Lans Bovenberg geeft van de kruisiging van Jezus Christus is onjuist (Trouw, 23 september). Allereerst nam Jezus het kruis niet letterlijk op, daartoe werd de toevallige voorbijganger Simon van Cyrene gedwongen (Mattheus 27vers 32; Markus 15 vers 21 en Lukas 23 vers 26). In figuurlijke zin heeft Jezus evenmin voor de keuze gestaan zich al dan niet aan kruisiging te onderwerpen. Het kruis en de kruisiging zijn hem opgelegd.

Het denkbeeld van Bovenberg dat Jezus een keuze heeft gemaakt op grond van het calculeren van kosten en baten, is hiermede reeds van een deugdelijke methodologische grondslag ontdaan. De worsteling van Bovenberg zowel met de theologie, zijn christelijk geloof en de economie strekt echter verder.

Zijn redenering brengt met zich dat het handelen van verzetsstrijders, bijvoorbeeld tijdens de Tweede Wereldoorlog, te herleiden is tot de uitkomst van een kosten-batenanalyse van burgers die hun eigen belang behartigen. Een verschraalde voorstelling van het gedrag van moedige mensen, die onder uitzonderlijke omstandigheden, zonder daartoe gedwongen te zijn, enorme persoonlijke risico’s hebben genomen. Zij hebben veeleer hun eigenbelang en dat van hun naasten terzijde geschoven, dan dat zij het tot hoeksteen van hun daden hebben gemaakt. Deze verbinding van het christelijk geloof met analytische instrumenten uit de economische wetenschap moet op logische gronden worden afgewezen.

Het onderscheiden van geloof en wetenschap klemt te meer nu Bovenberg zowel zijn interpretatie van baten als die van kosten vervuilt door persoonlijke aan zijn geloof ontleende overwegingen. Deze overwegingen zijn respectabel, maar niet meer dan die van katholieken, joden, moslims en humanisten, die er juist in dit opzicht uiteenlopende visies en gedragingen op na houden.

De suggestie dat er zoiets als christelijke economie bestaat, roept het niet denkbeeldige gevaar op, dat de beoefening van de wetenschap ondergeschikt is aan wat Bovenberg noemt ’hemels calculeren’. Het werk van Albert Einstein werd in de jaren dertig van de vorige eeuw door de nazi’s gediskwalificeerd, omdat het tot het domein van de ’jüdische Physik’ zou behoren en derhalve als ondergeschikt werd beschouwd aan de ’arische Physik’.

Geloof en wetenschap moeten uit elkaar worden gehouden. Ook omdat de beoefenaar van wetenschap bescheidenheid past. In de wetenschap worden altijd voorwaardelijke uitspraken gedaan, gebonden als deze zijn aan veronderstellingen. Anders dan Bovenberg meent, zijn dan ook zijn ’diepste beweegredenen – zo deze al kenbaar zijn – niet van belang voor het beoordelen door de samenleving van het wetenschappelijke discours over aard en uitkomsten van analyse. Chemische reacties verlopen, zoals zij verlopen. In de economische wetenschap is het niet anders.

Het geloof ontbeert een voorwaardelijk karakter en berust van nature op niet falsifieerbare uitspraken. Daaruit vloeit niet voort, zoals Bovenberg meent, dat het geloof onzichtbare dingen betreft, want Jezus was in zijn tijd zichtbaar en tot op heden is zijn invloed tastbaar. Anderzijds analyseert de wetenschap ook het onzichtbare, zoals het onderbewustzijn van mensapen.

Binnen het kader van de economische wetenschap hanteert Bovenberg een beperkt welvaartsbegrip, waarbij uitsluitend op monetaire economische groei en op financiële kosten en baten wordt gelet. Zo becijferde hij onlangs in een voordracht voor leraren dat mensen het meest waard zijn op achttienjarige leeftijd. Zij beschikken dan over een behoorlijke kennis, die gedurende vele jaren op markten wordt geëxploiteerd. Deze veel te beperkte interpretatie van welvaart, kosten en baten, leidde als vanzelf tot de suggestie bejaarden ’te deporteren naar een warm land en ze daar te laten verzorgen’.

Monetariseren tot de dood er op volgt is een belangrijk aspect van het dehumaniseren van transacties, dat door de kredietcrisis is blootgelegd. Een gevolg niet van theologische opvattingen, maar van het misverstand dat het voorzien in behoeften van mensen van nu en straks, uitsluitend slaat op goederen en diensten die waardeerbaar zijn op geld. De werkelijkheid leert anders. Bovenberg kan zijn geloof niet thuislaten, als hij de economie analyseert. Ik wel, omdat het moet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden