In de voetsporen van baron Van Heeckeren Wassenaar en zoutzieder Vis.

Er was eens een baron die naar water liet boren. Hij vond zout. Nederland werd opeens een stuk rijker.

Het gebeurde in 1883 in Delden. Een fietstocht van Hengelo via Delden en Boekelo leidt langs de geschiedenis van de industriele zoutwinning in Twente. De baron, R. F. van Heeckeren Wassenaar, woonde op kasteel Twickel bij Delden. Na de dood van zijn broer die aan tyfus stierf, besloot hij te zorgen voor vers water. Maar waar hij ook liet boren, het water bleek steeds zout. Hij liet het water daarom maar uit Almelo komen en liet te Delden een watertoren bouwen.

Kasteel Twickel is het grootste landgoed van Nederland dat in particuliere handen is. Het kasteel en de watertoren zijn per fiets te bereiken vanaf station Hengelo (Ov.). Richting Delden aanhouden en voorbij de wijk Woolderes rechtsaf de geasfalteerde weg op die overgaat in een zandweg en door de bossen van het Twickel leidt. Een bezoek aan de tuinen van het kasteel kost zo een uur. De tuinen zijn het fraaist in het voorjaar, wanneer de rododendrons en de irissen bloeien. Maar de tot kurketrekkers gesnoeide hagen en de potplanten uit de Orangerie zijn ook tijdens de nazomer de moeite waard. Op de weg tussen Twickel en Delden ligt de uitspanning 't Hoogspel, die al tientallen jaren iedere modegril negeert. Geen rotan tuinstoelen of houten speelobjecten, de stoelen, schommels en wippen zijn van degelijk, zwaar metaal. Langs dezelfde weg ligt de watertoren van Delden, een mooi negentiende eeuws monument.

Bij restaurant De Groene Brug de brug over, na de brug meteen rechtsaf slaan en dan scherp links, de dijk af en het Overijsselspad op, een lange afstandswandelpad dat gemarkeerd is met rood-witte tekens. Tot aan Beckum gaat het almaar rechtdoor. Bij het 'Progiehoes' kom je het plaatsje binnen. Het oog valt op de duiventil met de allure van een kerktoren. 'Nu kunnen de duiven zingen' zegt mijn zoon van vijf blij.

Het Overijsselspad gaat voorbij Beckum rechtsaf een eindje langs de grote weg en schiet dan linksaf Het Altena in. De rood-witte blokjes wijzen de weg. Het stuk tussen Beckum en de provinciale weg van Haaksbergen naar Enschede kost ons veel tijd. De bramen zijn rijp. Onze dochter van een duikt het bos in en komt met een dikke, donkere braam terug. We rijden verder, maar raken het spoor bijster. De rood-witte route kronkelt langs boerenerven en zandpaden en wij rijden op goed geluk naar het zuiden. Ik ben hier wel eens eerder verdwaald en kwam tot mijn stomme verbazing bij een grote weg uit. Bij de bushalte bleek het de weg van Hengelo naar Haaksbergen te zijn. Tijdens fietstochten zijn het de brede asfaltwegen die zorgen baren, tijdens autotochten wijzen juist de mulle zandweggetjes erop dat er iets grondig mis is.

Na enige kunstgrepen kwamen we uit op de goede weg. We staken de spoorlijn Haaksbergen-Boekelo over en kruisten de Enschedesestraat. Linksaf de Zonnebeekweg in, langs het smetteloos witte landhuis Zonnebeek met de smetteloze gazons. Weer de drukke Enschedesestraat. Een prachtig paadje leidt naar Boekelo. Met een beetje geluk zie je op station Boekelo de stoomlocomotief rangeren.

In Boekelo, aan de spoorlijn Haaksbergen-Enschede, kwam dertig jaar nadat de baron het Twentse zout aanboorde, de fabiek van de Koninklijke Nederlandse Zoutindustrie KNZ. De Nederlandse staat had al die tijd de particuliere exploitatie van het zout tegengehouden. Als het aan zoutzieder Vis uit Rotterdam had gelegen, die uit de krant van de ontdekking van de baron vernam, was het Twentse zout al veel eerder naar boven gehaald. Maar de wet gaf de Nederlandse staat het alleenrecht op de winning van zout en voorlopig werd er alleen zout uit Duitsland geimporteerd. Pas toen dat tegen het einde van de Eerste Wereldoorlog wel erg duur begon te worden, besloot de Nederlandse regering dat zoutzieder Vis een concessie kreeg. Vis bouwde in 1918 zijn fabriek in Boekelo, maar het bedrijf werd in 1952 verplaatst naar Hengelo. Het Twente-kanaal was voor het transport gunstiger dan de spoorlijn. Na diverse fusies ging de KNZ in 1969 op in de multinational AKZO. En dat dankzij de tyfus van de broer van de baron. Ziektes hebben een betekenis, dat kan niet anders.

Op de weg van Boekelo naar Hengelo staan lage, groene huisjes, die in de volksmond 'schaapskooien' heten. Ze zijn de opvolgers van de zoutboortorens, waarvan er rond Hengelo nog een enkele staat. In Hengelo passeren we de AKZO-fabriek en rijden over het kanaal de wijk Tuindorp binnen. De wijk is een initiatief van ir C. F. Stork, van de metaalfabriek die Hengelo deze eeuw rijk maakte en staat op de monumentenlijst. Het bijzondere is dat dure en goedkope woningen naast elkaar staan. De chalet-stijl en de ommuurde voortuinen zorgen voor de eigen sfeer in de wijk. De vijver is tevens zwembad, compleet met houten badhokjes. Het water is zoet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden