In de top van het openbaar bestuur domineren mannen nog steeds

Van een onzer verslaggeefsters AMSTERDAM - Onderdeel van een mannendeal zou het zijn, de benoeming van Piet Bukman tot voorzitter van de Tweede Kamer. De tijd dat vrouwen ooit een vergelijkbare deal kunnen gaan sluiten, is nog ver weg: daarvoor zitten er op belangrijke posities nog steeds veel te weinig vrouwen.

“Wat een droevige situatie eigenlijk hè”, verzucht ongevraagd de - mannelijke - voorlichter van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), net nadat hij heeft uitgezocht hoeveel vrouwelijke burgemeesters en wethouders Nederland nu telt.

Dat de vier grote steden een burgervader hebben, is genoegzaam bekend, maar dat ook onder de twintig grootste steden er maar één is waar een vrouw aan het hoofd staat, verrast ook deze voorlichter van de VNG. De gemeente Amersfoort is de gelukkige, aldus nog steeds de VNG, maar hoe deze vrouw dan heet? Dat is mr. A. H. Brouwer-Korf, weet hij pas na wat rondvragen bij collega's te vertellen. “Zelf had ik ook nog nooit van haar gehoord.”

Ook de cijfers van alle gemeenten tezamen zijn triest voor wat betreft het vrouwen-aandeel: in 90 van de 625 gemeenten is de burgemeester een vrouw en onder de 1800 Nederlandse wethouders zijn niet meer dan 320 vrouwen.

Als deze vrouwelijke wethouders bovendien dezelfde type portefeuilles bekleden, als de vrouwelijke leden van gedeputeerde staten, is ook dat beeld traditioneel. Want van de 14 vrouwelijke gedeputeerden (op een totaal van 73), bekommeren er zich slechts twee om terreinen als economische zaken of automatisering. Verantwoordelijk voor politie of justitie is geen enkele gedeputeerde vrouw; het is allemaal welzijn, emancipatie, gehandicapten, minderheden of hooguit natuur en volkshuisvesting waar de vrouwelijke provinciebestuurders verantwoordelijk voor zijn.

In vier provincies maakt zelfs geen enkele vrouw deel uit van gedeputeerde staten, het dagelijks bestuur van de provincie. Alleen Zuid-Holland heeft met ir. J. Leemhuis een vrouwelijke commissaris van de koningin.

De keus tussen Bukman en Doelman-Pel als opvolger van Deetman, wordt pas gemaakt op 3 december. Een groep fractievoorzitters (allen mannen) zou echter de knoop al hebben doorgehakt in juni: het CDA krijgt Deetman in Den Haag en Bukman als zijn opvolger, de PvdA dan Tjeenk Willink tot vice-voorzitter van de Raad van State en de VVD Korthals Altes als voorzitter van de Eerste Kamer.

Hoe anders zou het hebben kunnen lopen als deze grote fracties niet door Wallage, Bolkestein, Wolffensperger en Heerma waren aangevoerd, maar door een vrouw. De enige vrouwelijke fractievoorzitter is echter Jet Nijpels van de groep-Nijpels, dus een leuke coup van belangrijke vrouwen in de politiek is zelfs als gedachten-fantasie niet aan de orde. En dat terwijl tegelijkertijd de roep om meer vrouwen aan de top - het lijkt bijna wel een ideologie, zeker ook onder mannen - nu alweer sinds jaren groot is.

In haar proefschrift 'Vrouwen van de partij' concludeerde de politicologe H. van de Velde een paar jaar geleden dat het streven naar meer vrouwen in de politiek tegenwoordig geheel 'in het licht van de democratische norm' staat: het gaat om het nastreven van een afspiegeling van de bevolkingssamenstelling zonder meer, niet om de daardoor gegarandeerde inbreng van vrouwenbelangen of maatschappelijke achterstanden zoals dat eerder nog werd beargumenteerd.

Een min of meer gelijke getalsmatige verhouding tussen vrouwen en mannen in de politiek is nu doorgaans het streven, stelde Van de Velde vast, direct gevolgd door de constatering dat dit 'in de praktijk nog niet is gerealiseerd.'

Procentueel gezien is de man-vrouw verdeling onder de staatssecretarisen nog het evenredigst: vijf van de twaalf (Terpstra, Schmitz, Dok-van Weele, Netelenbos en Van de Vondervoort) zijn vrouw. Ook de verhouding in de Tweede Kamer is niet gek - 49 van de 150 parlementariërs is een vrouw - en dat geldt ook voor de ministeries, waar vier vrouwen aan het hoofd staan (Borst, Sorgdrager, De Boer en Jorritsma: 4 op een totaal van 14). Stukken beter dan in de Eerste Kamer dus, waar 17 van de 75 senatoren vrouw is.

Ronduit slecht is het gesteld met de top van de partijen: niet één van de veertien partijvoorzitters is momenteel vrouw - een gouden kans dus voor Karin Adelmund nu de PvdA haar heeft benaderd. Idem dito voor de fractievoorzitters in de Tweede Kamer, waar zoals al gezegd Jet Nijpels de gunstige uitzondering vormt.

Natuurlijk, het was allemaal wel anders, neem - bijvoorbeeld - Dian van Leeuwen, Ina Brouwer, Ria Beckers, en Andreé van Es. En in het partijbestuur van het CDA, de enige politieke partij waarvan de invloed van het dagelijks bestuur ook publiekelijk merkbaar is, laat ook Lodders-Elfferich nog steeds regelmatig van zich horen. Stel dat begin vorig jaar Lodders in plaats van Helgers was gekozen, zou dan Doelman-Pels wél meer kans hebben gehad?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden