In de sporen van Fürst Pückler (1)

Dit is de kleine zitkamer in de noordtoren. Door de hoge ramen zie ik uit over een deel van het kasteelpark, aangelegd in Engelse stijl, en de Franse, formele tuin met de oranjerie. Onder mij de gracht.

De laatste barones bracht hier vele jaren door, tot haar dood in 1975. Marie Amélie Mechteld Agnes van Heeckeren van Wassenaer-van Aldenburg Bentinck, zoals haar volledige naam luidde, was 92. En al bijna veertig jaar alleen. Haar man, Rodolphe van Heeckeren van Wassenaer, een stuk ouder dan zij, was in 1936 gestorven.

De kamer is nauwelijks aangetast, in de boekenkast nog haar lievelingsboeken, waaronder enkele gewijd aan de laatste Duitse keizer, met wie ze innig bevriend was, een geschilderd jeugdportret van haarzelf in vergulde lijst en daaronder haar secretaire met fotolijstjes erop en een globe; in de laden nog keurig gestapelde handgeschreven rekeningen van leveranciers.

Alleen hebben de sofa's en de fauteuils onder de kroonluchter en voor de open haard plaatsgemaakt voor een grote tafel met stoelen; soms komt hier het bestuur van de Stichting Twickel - eigenaar van kasteel en landgoed - voor vergaderingen bijeen.

Ik verwonder me erover dat ik nu aan diezelfde tafel onder de kroonluchter zit. Voor me een stapeltje boeken dat Rob Bloemendal, kasteelbeheerder en curator, voor me heeft klaargelegd. Mijn eigen geschiedenis met het kasteel en het landgoed van Twickel bij Delden reikt enige decennia terug tot in mijn jeugd. Ik groeide op in het naburige Hengelo, het goed van Twickel is het landschap waar we recreëerden, later leerde ik een zoon van een van de pachtboeren kennen, een beeldend kunstenaar die een atelier had in een van de stallen. Weer later maakte ik met enkele medestudenten een korte film over het landgoed, en dan vooral over de verhoudingen tussen heren en boeren, want je trof hier nog een overblijfsel aan van feodale tijden, waar de boeren hun pacht contant betaalden bij de rentmeester, en er een sigaar rookten, en in het veld hun pet afnamen als de barones passeerde. We interviewden boeren en de rentmeester en filmden de laan voor de kasteel en de hoge es erachter, maar in het huis zelf kwamen we niet. Intussen verbleef ik hier vaker, in een van de bouwhuizen op het voorplein voor het kasteel, om over dit landschap te schrijven, dat zo bijzonder is, en over dit gekoesterde erfgoed.

En nu zit ik dus in deze kamer, met die boeken voor me, boeken uit de huisbibliotheek. Boeken van Fürst Pückler (1785-1871), de beroemde landschapsarchitect, de man die zijn landgoederen in het oosten van Duitsland (en deels in Polen), in Bad Muskau en Branitz, op spectaculaire wijze omvormde tot grote Engelse landschapsparken, want na reizen door Engeland had hij het licht gezien. Dat Engelse licht schijnt ook over het park en het goed van Twickel, want in 1881 gaf baron Rodolphe van Heeckeren aan een leerling van Pückler, de Duitser Eduard Petzold, de opdracht de tuin en het voorpark opnieuw in te richten.

Veel komt hier voor mij samen: de schittering van landschap en tuinen, de harmonie van natuur en cultuur, de magie van Twickel en de wonderen van Fürst Pückler, aan wie in Bonn een grote tentoonstelling is gewijd. Daar wil ik naar toe. Maar eerst sla ik zijn Andeutungen über Landschaftsgärtnerei open.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden