In de bijbel staat niets over fietsen

Akkerbouwer Wilt Bos en zijn zoons Jaap en Gijs uit Middenmeer
Wilt: Ik vier nog altijd de zondag. Ik trek dan mijn knappe kleren aan. Meestal word ik rond acht uur wakker, maak mijn ontbijt en begin de dag aan tafel met gebed. Pas daarna zet ik de radio aan. Op zondag heb je van dat mooie gezang op radio 5. Bij de EO. Van modern zingen houd ik niet, ik houd van ouderwets zingen.

Gijs: Ik ben zondag om zeven uur al in de kas. Vaak is Jaap er dan al.

Jaap: Dat klopt. Vaak ben ik er dan al.

Wilt: Die samenzang bij de EO: Dan ga ik op tot Gods altaren. Prachtig.

Gijs: Jaap en ik doen samen het bedrijf. Bloembollen en akkerbouw.

Jaap: Als er op het gebied van de bollen een besluit moet worden genomen doe ik dat en voor de akkerbouw doet Gijs dat. Maar we houden elkaar wel op de hoogte van het een en ander.

Gijs: We verbouwen uien, aardappelen, suikerbieten en witte kool. Dat laatste maken we op contract voor een fabriek. Die maken er zuurkool van.

Wilt: Om half tien ga ik naar de televisie. Daar is dan dominee Arie van de Veer op. Ik vind hem minder goed dan vroeger. Hij interviewt nu de hele tijd mensen. Ik hou van gezang. Vaak pik ik daarna ook nog de katholieke mis mee. En dat gesprek van Leo Fijen.

Jaap: Drie en een halve maand per jaar, van januari tot half april, werken we ook op zondag. Dan staan de tulpen in de kas in bloei, elke dag weer op nieuw. Die plukken we dan, ze moeten naar de veiling.

Gijs: We hebben tulpen in zeven kleuren. Rood met een geel randje, rood met een wit randje...

Jaap: Zo'n 2,5 miljoen per jaar.

Gijs: Dan ben je een kleine hoor, in de bollen.

Jaap: Wij zijn niet zo groot.

Wilt: Vroeger werkte je nooit op zondag. Alleen het noodzakelijke. Koeien melken mocht bijvoorbeeld wel. Die moet je altijd verzorgen. Maar oogsten deed je niet. Sporten mocht ook niet. Maar gelukkig ben ik niet zo'n sporter.

Gijs: Wij zijn allemaal niet zo van de sport.

Jaap: Doordeweeks drinken we koffie om half tien. Dan is er personeel. Dan moet je de koffietijd vastleggen. Die hebben de stimulans nodig. Op zondag zijn we vaak met zijn tweeën. Dan gaan we net zo lang door tot het klaar is. Pas dan is er koffie.

Gijs: Werken op zondag is anders. Het gaat toch wat allemaal wat relaxter. De werkdag is uit zijn verband.

Wilt: Soms ga ik op zondag een stukje rijden in de Toyota. Even kijken in de kas bij de jongens. Ik heb nog een rijbewijs tot 2013. Het zal wel een hele toer worden om dat te verlengen.

Jaap: Als ik de kerkklokken op zondag hoor, denk ik er niet zoveel bij.

Gijs: Ik vind het een fijn geluid.

Jaap: Mijn broer Gijs en ik gaan niet meer naar de kerk

Wilt: Er gaan nog maar weinig mensen naar de kerk. Ik red het niet meer. Ik loop moeilijk.

Gijs: Ik geloof wel dat iets of iemand het in het heelal voor het zeggen heeft. Maar ik geloof niet in een God of zo.

Jaap: We betalen allebei wel de bijdrage nog. Als de kerk er niet meer zou zijn, zouden we veel meer kwijt zijn aan psychiaters, zeg ik wel eens.

Gijs: Vroeger moesten we op zondag mee naar de dienst. Mijn moeder maakte dan als we terugkwamen melkrijst met bessensap. Dan maakten we een dijk op ons bord. De rijst was de dijk. Aan de ene kant de melk en aan de andere kant de bessensap en die twee mochten niet bij elkaar komen.

Jaap: Zondags gaan mijn vrouw en ik graag een end fietsen.

Wilt: Dat mocht nooit, fietsen voor je plezier. Vroeger werd de zondag heilig verklaard. Maar er waren rare wetten bij hoor, die in de Bijbel helemaal niet voorkwamen. Zoals dat fietsen. Dat staat echt niet in de Bijbel.

Jaap: Het blijft toch iets anders dan een gewone werkdag. Op zondag zullen wij bijvoorbeeld nooit bossen.

Gijs: Dat is het bossen maken van de tulpen.

Jaap: Maar als het noodzakelijk is dan schromen wij niet om op zondag te oogsten. Daar zijn wij anders in dan onze vader.

Foto's Werry Crone

Tekst Stijn Fens

De zondag bepaalde het ritme van de week, de kerk het ritme van de zondag. Nu kerkbezoek niet meer zo vanzelfsprekend is, vullen we de zondag met onze eigen rituelen. Want het blijft een bijzondere dag. Deze week de zondag van:

Wie zijn Wilt, Jaap en Gijs?
Wilt Bos (89) was zijn hele werkzame leven boer en woont in Middenmeer (West-Friesland). Hij was getrouwd met Bets Splinter. Samen kregen ze zes zonen. Bets overleed in 1993.

Jaap Bos (54, gestreepte trui) teelt bollen. Hij is getrouwd met Mary en heeft twee kinderen

Gijs Bos (47) is akkerbouwer woont samen met Rixt. Ze leerden elkaar kennen via 'Boer Zoekt Vrouw'. Samen zorgen ze voor de zoon van Rixt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden