In Brody, Berlijn en Moskou

Veelgeroemde Duitse schrijfster wil misschien te veel

Sinds haar vijf jaar geleden vertaalde roman 'Huishouden' hoort Jenny Erpenbeck (1967) ook in ons land tot de bekendste Duitstalige schrijfsters van haar generatie. Vooral de bijzondere omgang met het Duitse verleden leverde de in Oost-Berlijn opgegroeide schrijfster veel bijval op. In haar nu vertaalde roman 'Een handvol sneeuw', uit 2012, trekt Erpenbeck deze lijn door en staat andermaal de Duitse geschiedenis van de vorige eeuw centraal.

De handeling begint in 1902 in Oost-Europa, in het Oostenrijks-Hongaarse grensstadje Brody (waar de grote Joseph Roth vandaan kwam). Daar sterft een zuigeling, de dochter van een Joodse moeder en een katholieke vader. In het volgende hoofdstuk blijkt dat de ex-zuigeling juist weer springlevend is en inmiddels - we schrijven de jaren tijdens en na de Eerste Wereldoorlog - als attractieve jonge vrouw in Wenen leeft. Het is de tijd van het opkomende antisemitisme en van bittere armoede, door de schrijfster met gevoel voor dramatiek in beeld gebracht. Later in het hoofdstuk pleegt de naamloze hoofdpersoon zelfmoord, uit liefdesverdriet.

Maar opnieuw herleeft de vrouw. Nu treffen we haar in de jaren dertig met echtgenoot in Moskou aan als gedesillusioneerde communiste. Het spelletje met sterven en herrijzen wordt vervolgens nog twee keer herhaald, in telkens nieuwe fasen van de Duitse geschiedenis: in de DDR en in het herenigde Duitsland van de jaren negentig als de inmiddels bejaarde hoofdpersoon in een Berlijns verzorgingshuis zit. Maar na de tweede keer is de lezer minder verrast. Erpenbeck last tussen de hoofdstukken een korte onderbreking in ('intermezzo's' ) om toelichting te geven op haar weinig alledaagse manier van vertellen.

Zo wil de ambitieuze Erpenbeck laten zien dat het leven grotendeels afhankelijk is van het toeval, bijvoorbeeld van een ongeluk of vergissing. "Maar het had ook allemaal anders kunnen lopen", luidt het in een centrale passage. Tot in de stijl en en de titel aan toe wordt de rol van het toeval onderstreept; grote delen zijn geschreven in de aanvoegende wijs ('zou hebben', 'had kunnen') en de Nederlandse titel verwijst naar een scène uit de opening waaruit blijkt dat het leven van de zuigeling misschien gered had kunnen worden; de ouders hadden alleen maar een handvol sneeuw op de borst van de baby hoeven te leggen om hem weer tot ademen te brengen.

Ondanks de meesterlijke vertaling van Elly Schippers maakt 'Een handvol sneeuw' een geconstrueerde en bij vlagen overgeconstrueerde indruk. De eerste bladzijden zijn nogal stug, maar daarna komt Erpenbeck op dreef en in sommige delen maakt ze indruk met realistische of ook wel poëtische details, vooral in het Weense hoofdstuk en in het elegische slotfragment. Andere delen trekken helaas een flinke wissel op het geduld van de lezer, vooral het hoofdstuk dat in Moskou speelt lijkt met zijn ideologische uiteenzettingen eerder op een geschiedenisboek dan een roman.

De Russische episoden spelen zich deels in een strafkamp af. De hoofdpersoon schrijft een levensloop waarin zij zichzelf rechtvaardigt, om zichzelf en haar beminde man van een wisse dood te redden. Tijdens het schrijfproces wordt ze op zichzelf teruggeworpen - en hier komt het tweede centrale thema van deze roman ter sprake: de identiteit van de hoofdpersoon. "Was ze eigenlijk ooit dezelfde? Waren er ook maar twee momenten in haar leven waarop ze met zichzelf te vergelijken was?" Twee bladzijden verder lezen we dat de hoofdpersoon als grootste wens heeft "herkenbaar te zijn voor iemand, één te zijn met zichzelf en tegelijk met iemand anders".

Graag hadden we iets meer vernomen over het zelfbeeld en de wankele identiteit van de hoofdpersoon - een thema dat ook in eerder werk van Erpenbeck voorkomt. Maar dit gegeven komt amper uit de verf, wordt hooguit aangestipt.

Uiteindelijk maakt 'Een handvol sneeuw' een onevenwichtige indruk. Je komt van alles te weten over de grote catastrofes en ideologieën van de twintigste eeuw, en Erpenbecks originele vertelwijze dwingt respect af. Maar de hoofdpersoon, die in het laatste hoofdstuk plotseling 'Mevrouw Hoffmann' blijkt te heten (waarom?), komt amper tot leven en laat je onverschillig. Je kunt het ook anders zeggen: deze roman heeft te weinig intiems, mist persoonlijke sprankeling.

Jenny Erpenbeck: Een handvol sneeuw. (Aller Tage Abend) Uit het Duits vertaald door Elly Schippers. Van Gennep, Amsterdam. 268 blz. euro 18,90

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden