Column

In Ashwins ballade klinkt nu de overwinning

Bart Ongering Beeld Maartje Geels
Bart OngeringBeeld Maartje Geels

Ik heb een tussenuur. Ik loop door de deelschool naar beneden de centrale hal in, waar ik groepjes leerlingen achter hun telefoons zie zitten. Anderen leren nog even voor een toets of controleren hun huiswerk bij elkaar. Vanuit de theaterzaal, aangrenzend aan de pauzeruimte, klinkt pianomuziek.

Bart Ongering

Een oud-leerling speelt een ballade. Het is Ashwin die ik een paar jaar terug in de klas had. Plaatsen kan ik de melodie nog niet. Achter mij vormt zich een groepje eveneens nieuwsgierige kinderen. Ik krijg kippenvel van de warme, galmende klanken. Aan de enthousiaste gezichten van de kinderen achter mij zie ik dat ook zij geraakt zijn.

Ik neem plaats op het trapje naast de piano en laat hem zijn stuk uitspelen. Na afloop klinkt er een voorzichtig applaus. Ik sta op en groet Ashwin.

“Dat was prachtig, Ashwin.”

“Dank u, meester. Hoe gaat het met u?”

“Het gaat goed. Hoe is het met jou? Hoe is het thuis?”

“Het gaat veel beter. Ik ben ontzettend blij dat ik die stap gemaakt heb toen.”

Ander leven

Drie jaar terug zag het leven van Ashwin er heel anders uit. Pianospelen kon hij toen al goed, al was er thuis niemand die daar oor voor had. In zijn pianospel klonken smeekbeden waarin hij hoopte op een ander leven. Hij was een niemand thuis. Stilte was de taal die daar gesproken werd. Maar op school kwam hij tot leven. Lachend ging hij door het gebouw. In zijn blik school naast vreugde altijd een sprankje hoop: een fonkeling in zijn ogen, alsof bij zijn geboorte twee briljanten in zijn schedel waren geplaatst. Maar van binnen lachte hij niet echt. Want die altijd leuke dag op school eindigde in alleen-zijn. Alleen in de zin van eenzaam. Dertien jaar lang miste hij zijn jeugd. Ik weet nog dat ik er toen flink bezorgd om was. Waar de dag met pijn begint, verstomt de echo nooit.

“Inmiddels woon ik niet meer thuis. Toen ik in de derde zat, ben ik opgenomen in een pleeggezin.”

“Ik kan zien dat het je goed bevalt. Je hebt je thuis ergens anders gevonden.”

“Weet u nog dat u mij soms een gelukkige dag wenste?”

“Waarbij ik ook aangaf dat ik je geen gelukkig leven zou kunnen geven.”

“Dat leven heb ik nu wel gekregen.”

Ashwin legt zijn vingers weer op de toetsen van de piano. Opnieuw galmt er een ballade door de theaterzaal. Opeens besef ik waarom zijn pianospel zo mooi klinkt. Zijn hart is gevuld met herinneringen die hem wilden breken, maar zijn moed won. Zijn pijn van toen galmt niet langer na in mijn oren. Waar in zijn spel eerder vooral verdriet klonk, hoor ik nu de melodie van overwinning.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden