'IMF en Wereldbank verbeteren alleen de buitenkant van een land'

De economische crisis begon ruim een jaar geleden in Thailand en kreeg daarna via Zuid-Korea, Indonesië en Japan vat op de rest van de wereld. In een serie beschrijft Trouw de gevolgen van de crises in de verschillende werelddelen. Vandaag deel 5: de gevolgen voor het boeddhisme in Thailand.

BANGKOK - Pra Maha Bau Yanasampanno zit er hoog op een podium verheven bij, de ogen gesloten, als een lange stoet aan hem voorbijtrekt van ouderen, jongeren, militairen en monniken met stokken die tot de nok toe gevuld zijn met bankbiljetten. Bau, zoals de monnik kortweg beter bekend is, zamelt geld in. Geld om de economische crisis te bestrijden.

En hij doet het niet slecht. Sinds april, toen zijn actie begon, heeft Bau al twee keer een in de media luid bejubelde donatie kunnen doen bij de centrale bank, de Bank of Thailand. De eerste keer in juni was het aan geld en glitterwerk bij elkaar tegen de vijf miljoen gulden. En vorige maand, begin september, kwam Bau met vierhonderd kilo goud voorrijden. “Dit goud is afkomstig van onze Thaise weldoeners die de nationale economie willen redden”, zei hij tegen de verbouwereerde bankbedienden. “We gaan door tot er weer iets van een economische opleving merkbaar is.” Bau is geestelijk leider van een tempel in een buitenwijk van de hoofdstad Bangkok, en in Udon Thani, in het arme noordoosten van Thailand.

“Die man is gek”, luidt de weinig subtiele analyse van professor Sulak Sivaraksa. “De armen geven hem geld en voelen zich daardoor misschien wat beter. Maar ze worden er alleen maar armer van. En waar brengen ze dat geld naar toe? Naar de Bank of Thailand, die juist de problemen in dit land veroorzaakte door slecht met het geld om te gaan en een kleine groep nouveau riche creëerde. Ik zie zoveel overeenkomsten met 1893. Toen eisten de Fransen drie miljoen franc, dan zouden ze Thailand met rust laten. Alle monniken zamelden geld in, en boden uiteindelijk drie miljoen franc aan de koning van Thailand aan. En wat deed die? Hij ging naar Frankrijk en kocht er juwelen van.”

“Onze huidige koning Bhumibol doet precies hetzelfde. Zijn dochter gaat een paar keer per jaar naar Europa en geeft daar al ons geld uit. Ons koningshuis staat elders in de wereld bekend als een symbool van eenheid van het volk, maar het is ook het symbool van de verspilling.”

Sulak doceerde economie en boeddhisme, maar is nu al decennialang een in regeringskringen minder geliefd mensenrechtenactivist. In de jaren zeventig, toen in Thailand nog een regelrechte dictatuur heerste, verbleef hij twee jaar in ballingschap. Twee keer werd hij vervolgd wegens majesteitsschennis, maar in beide gevallen oordeelde de rechter dat daar te weinig grond voor bestond. Sulak schreeft boeken over het boeddhisme, over milieuvraagstukken en sociale kwesties, en werd in 1992 voorgedragen voor de Nobelprijs voor de vrede. Hij geeft nu mede leiding aan een netwerk van organisaties die onder de verzamelnaam Spirit in Education Movement vreedzaam actievoeren.

Sulak lacht op de vraag wat de huidige economische crisis betekent voor de beleving van het boeddhisme in Thailand. “Die vraag stelde de heer Wolfensohn, de directeur van de Wereldbank, me ook, vorige maand tijdens een conferentie in Finland. Aardige man, hoor. Maar de Wereldbank doet het al meer dan vijftig jaar fout. Hij gaf het ook wel toe: economen weten altijd alles beter, terwijl de boeddhist vanuit een goed hart werkt. Ik heb Wolfensohn gezegd dat globalisering gelijk staat aan ontwikkeling en kolonisatie. Hoewel mijn land nooit politiek gekoloniseerd was, zijn wij intellectueel gekoloniseerd en losgemaakt van onze boeddhistische wortels. Het aantal novicen neemt elk jaar af. Elke man moet ten minste drie maanden in zijn leven monnik zijn, maar tegenwoordig vinden ze het na twee weken al genoeg. Het boeddhistische koninkrijk Siam heeft meer hoeren dan monniken. Mensen zijn uit hun dorpsgemeenschappen gehaald. En Bangkok, ooit een prachtige stad, is nu de meest vervuilde en lelijkste plek op aarde. Dat is wat die zogeheten vooruitgang ons bracht. De crisis laat ons met de brokstukken achter.”

“Ik heb al twintig jaar geleden gezegd dat het mis ging. We hebben onze bossen verwoest, er is nog maar vijftien procent van over. Er is alleen maar sprake geweest van korte-termijndenken. De regeringen van dit land wilden in korte tijd rijk worden. Daarnaast zijn de mensen uitgebuit, ze kregen ver onder het minimumloon uitbetaald. En wat zie je nu gebeuren? Momenteel zijn de arbeiders in Vietnam goedkoper, en gaat al het werk die kant op. Met het geld dat in de goede jaren is verdiend, heeft de overheid geen zinvolle investeringen voor de toekomst gepleegd. Het gevolg is dat wij hier niets hebben om trots op te zijn. Onze rijst is een chemisch product geworden. Zelfs de zijde is niet Thais - een boeddhist mag de zijderups immers niet doden -, maar komt van moslims uit Cambodja. 'Siam silk', zijde uit Siam, zeggen ze dan, want Thais is het niet.”

Sulak is ervan overtuigd dat Thailand zelf uit de misère kan komen, mits de boeddhistische normen en waarden weer worden opgepakt. Herstel moet niet hand in hand gaan met een streven naar meer luxe. “Dat vergt veel van de mensen, want zij zijn gehersenspoeld door de Wereldbank. Ik ben het niet eens met alles wat de Maleisische premier Mahathir doet, vooral niet waar het gaat om de behandeling van mijn studievriend, de voormalige vice-premier Anwar Ibrahim. Maar Mahathir heeft tenminste wel het lef om niet blindelings het IMF te volgen. Als je de deur wijd openzet voor buitenlandse investeerders, ben je alleen bezig met de korte termijn. Zij komen hier alleen om de succesvolle bedrijven op te kopen. Thais en het westen, daar komt altijd een culturele clash uit voort. Als zij willen samenwerken, dan moet dat zijn op basis van vriendschap. Niet op basis van winstmaken.”

Juist van deze crisis moet Thailand gebruikmaken om het land weer in de oude luister te herstellen, meent Sulak. “Als boeddhist zeg ik: deze crisis is goed. We moeten nu bewust zijn. Er komt iets spiritueels, cultureels en daarna sociaal-economisch van de grond. Het woord 'crisis' betekent 'keuze' in het Grieks. In het Chinees betekent het 'uitdaging' en 'mogelijkheid'. In het boeddhisme maken we elke dag crises mee. Ziekten, dood. Daar moeten we mee leren omgaan. Maar zoiets als economische groei, dat is niet iets dat bij het leven hoort.”

Verwesterd

“Boeddhisme als hoofdstroom stelt hier steeds minder voor. De oorzaak: wij zijn de laatste veertig jaar van geld gaan houden. We zijn verwesterd. De tempel was hier alles: je thuis, je school en je ziekenhuis. De tempel is nu een ceremonie. Je hebt je eigen kleine gemeenschap nodig, waar iedereen elkaar kent en op elkaars spullen let. Waar geen dief kan komen.”

Van monniken als Pra Maha Bau Yanasampanno moet Thailand het niet hebben, weet Sulak. Het heeft er ook veel van weg dat de inzameling van Bau vooral bedoeld is om het zwaar bezoedelde imago van de abten en monniken te zuiveren. De laatste jaren kwamen de kloosters vooral in opspraak door seksschandalen, drugsverslaving en diefstal. Steeds meer monniken blijken moeite te hebben met de zware ascetische levensstijl. Media maakten de laatste jaren vaker melding van monniken die betrapt waren met een sigaret of zoenend met een non.

De hergeboorte van het boeddhisme in Thailand moet dus uit de mensen zelf komen, niet van de abten en monniken, zegt Sulak. In Bangkok, waar de mensen het afgelopen decennium aan rijkdom en weelde gewend zijn geraakt, lijkt dat een onmogelijk ideaal. Maar Sulak verwijst naar het Thailand buiten de hoofdstad, waar vijftig miljoen mensen in totaal andere omstandigheden leven. In kleine leefgemeenschappen waar welzijn niet afhankelijk is van financieel gewin. “Ik ben hoopvol gestemd. Ik zie grote groepen mensen die terug willen naar die oorspronkelijke manier van leven. We moeten onze jeugd leren dat Coca-Cola en Kentucky Fried Chicken niet alles is. Het Thaise eten is goed en goedkoop. Zij zullen onze waarden wel weer gaan waarderen. Denk niet dat de televisie een juist beeld geeft van onze jeugd. Onze televisie is het slechtste van het slechtste, een heel zwakke imitatie van de westerse tv. Je ziet daar maar een klein deel van onze jongeren. Ik heb al tegen mijn mensen gezegd: we moeten zelf video's maken van de realiteit en die uitzenden.”

Sulak vergelijkt zijn strijd graag met die van de intellectuele ballingen die de militaire dictatuur in de jaren dertig omver wilden werpen. Direct na de Tweede Wereldoorlog leken zij die strijd te winnen, maar een reeks van coups hield de militairen tot op de dag van vandaag stevig in het zadel. Niettemin is de huidige regering-Leekpai een radicale verbetering.

Vooral nu de premier deze maand ook de oppositie in zijn kabinet heeft opgenomen. Sulak, grimmig: “Deze regering is formeel een democratische regering, helemaal vergeleken met die van Singapore en Maleisië. Maar in zo'n grote organisatie zie je de dictators niet. De monsters IMF en Wereldbank staan achter deze regering. De media maken daar geen melding van, dus ik probeer de mensen met mijn kleine, bescheiden krantjes een alternatief te bieden. Mijn voornaamste bezwaar tegen IMF en Wereldbank is dat ze te machtig zijn. Ze hebben geen oog voor cultuur. Ze hebben hier in Thailand de aanleg van dammen goedgekeurd en mede gefinancierd. Doe een verwoestende werking hadden op mens en natuur. IMF en Wereldbank hebben alleen chemische oplossingen. Zij verbeteren de financiële buitenkant van een land, niet de binnenkant, waar de mensen leven.”

Tijdens de economische conferentie in Finland, vorige maand, maakte Sulak bekend dat hij een centrum wil oprichten voor ondersteuning van leefgemeenschappen in Zuidoost-Azië. Een spiritueel opleidingscentrum dat in samenwerking met non-gouvernementele organisaties werkt aan de wederopbouw van Azië.

Als de Wereldbank een financiële bijdrage wil leveren, zo voegde Sulak bankpresident Wolfensohn guitig toe, dan is hij van harte welkom. Een woordvoerder van de bank in New York zegt dat het verzoek inmiddels serieus in behandeling is genomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden