Illegaliteit strafbaar stellen is een cadeautje voor mensenhandelaren

De strafbaarstelling van illegaliteit heeft in het verkiezingsprogramma van de VVD stilletjes haar comeback gemaakt. Het in het laatste regeerakkoord opgenomen voorstel was eerder gesneuveld.

Deze week gaat de Tweede Kamer in debat met de minister van veiligheid en justitie over zijn begroting. Zo vlak voor de verkiezingen zullen de verschillende partijen hun plannen voor het justitiedossier tentoonspreiden. Dit is het aangewezen moment om op basis van argumenten in te zetten op effectief beleid. Helaas draagt dit voorstel om illegaliteit strafbaar te stellen daar allerminst aan bij. Sterker nog, de bijwerkingen van dit plan op het gebied van mensenhandel zijn zo ingrijpend dat een heroverweging absoluut noodzakelijk is.

Het leven van de illegaal vindt plaats in de periferie van onze samenleving. Al in 2008 constateerde het onderzoeksinstituut van de regering, het WODC, dat illegalen een verhoogd risico lopen om slachtoffer te worden van mensenhandel; een kwetsbaarheid die ook door de Hoge Raad is bevestigd. Die kwetsbaarheid ligt voor een groot deel in de angst om opgepakt te worden, waardoor zij voor primaire levensbehoeften, zoals huisvesting en eten, volledig overgeleverd kunnen raken aan mensen die misbruik van hen willen maken, oftewel mensenhandelaren.

Een onrealistisch spookbeeld? Nee, ook de Raad van State wees reeds op deze kwetsbaarheid, en op het risico dat dit voorstel ertoe leidt dat de groep slachtoffers minder geneigd zal zijn aangifte te doen van mensenhandel en andere praktijken. Dit terwijl aangiftes de levensader vormen van een succesvolle strafvervolging. Want ook al wordt momenteel het gros van de zaken waarbij illegalen slachtoffer zijn geworden wegens gebrek aan bewijs geseponeerd, zonder een belastende verklaring of een aangifte is de kans op een succesvolle vervolging van mensenhandelaren bijna verwaarloosbaar.

Zo blijkt uit onderzoek van de Nationaal Rapporteur dat 95 procent van de succesvolle opsporingen van mensenhandel een aangifte bevat van één of meerdere slachtoffers. Het aantal veroordelingen in zaken waarbij deze kwetsbare groep is betrokken, is dus al laag, maar komt met een strafbaarstelling nog verder onder druk te staan.

Daar komt bij dat de gegeven strafmaat voor mensenhandel sinds 2014 daalt en dat het Openbaar Ministerie in de afgelopen jaren maar liefst 23 procent minder zaken in behandeling heeft genomen; waarschijnlijk wegens gebrek aan politiecapaciteit. Het is een legitieme vraag of we de politie extra moeten belasten door het strafbaar stellen van illegaliteit. Dat resulteert immers in nog meer (onnodig) werk voor een politiekorps dat al onder druk staat, met het risico dat slachtoffers van mensenhandel het kind van de rekening worden.

Moderne slavernij

Bovendien worden illegalen op korte termijn al verder geïsoleerd door een besluit van staatssecretaris Dijkhoff. Hij maakte onlangs bekend dat hij de financiering van de bed-bad-broodvoorzieningen wil stopzetten wegens een conflict met gemeenten. Juist deze opvanglocaties geven bij uitstek de overheid en hulpverleners de mogelijkheid om deze groep uit de schaduw van de illegaliteit te halen en mensenhandel in kaart te brengen en/of te voorkomen.

Onze boodschap aan Den Haag is duidelijk. In plaats van in te zetten op averechts beleid, waarbij alleen mensenhandelaren baat hebben, moet het roer om richting effectief beleid. Beleid dat gericht is op het uitbannen van een van de grootste mensenrechtenschendingen van onze tijd. Alleen dan hebben we kans om moderne slavernij te verwijzen naar waar het thuishoort: de geschiedenisboeken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden